Niet prijziger, niet ingewikkelder, wel schoner

In Amsterdam staat de eerste, enige ‘ecologische’ bouwwinkel van Nederland. Ecologisch gaat een stap verder dan ‘duurzaam’ waarvoor onder bouwers de belangstelling al sterk groeit.

Wij zijn het best bewaarde geheim van Amsterdam, zegt Rob Bos (56) gekscherend. Hij heeft het over zijn ‘ecologische’ bouwmarkt Eco-Logisch. De winkel aan het Van Slingelandtplein in stadsdeel Westerpark is nu precies een jaar open, maar veel publiciteit is er niet geweest. Het pand zit ook een beetje verstopt in een achterafhoekje op een bedrijventerrein.

Elders in Europa zijn wel meer ecologische bouwmarkten, maar in Nederland is de winkel van Rob Bos vooralsnog de enige. Van binnen ziet de winkel eruit als iedere andere bouwmarkt, zij het met minder vloeroppervlak, maar wel met brede gangpaden, hoge stellages en heldere verlichting. Dat is met opzet, zegt Bos. „Wij willen afrekenen met het geitenwollensokkenimago, we zijn gewoon een normale bouwmarkt. En wij bezorgen onze spullen gewoon met een auto.”

‘Ecologisch’ bouwen gaat een stap verder dan gewoon ‘duurzaam’ bouwen. Bij ecologisch bouwen gaat men zoveel mogelijk uit van natuurlijke materialen die – in de meeste gevallen – volledig biologisch afbreekbaar zijn. Tijdens de verwerking zijn deze materialen vriendelijker voor de menselijke gezondheid en bij de toepassing bevorderen ze een gezond leefklimaat binnenshuis. Ook leveren deze materialen relatief veel mogelijkheden voor energiebesparing.

Ecologische bouw hoeft volgens Bos niet veel prijziger te zijn dan de gangbare bouw en is ook niet veel ingewikkelder. In een toonzaaltje boven de winkel demonstreert hij wat het zogeheten ‘damp-open bouwen’ inhoudt. Deze milieuvriendelijke bouwmethode is een van de belangrijkste technieken in het ecologisch bouwen. Hier worden uitsluitend materialen gebruikt die warme lucht opnemen en weer kunnen loslaten, zodat omgevingswarmte makkelijk in en uit de muren kan.

Het alternatieve imago dat ecologisch bouwen aankleeft, is volgens Bos een erfenis van de kleine grassroots-organisaties die twintig jaar geleden begonnen met experimenteel ecologisch bouwen. We hebben veel aan ze te danken, zegt hij, want het zijn vaak dat soort mensen die als eenlingen duurzame innovaties hebben uitgedacht. Maar zijn bouwmarkt gaat een stap verder. Dit brengt die innovaties bij elkaar. Wat Bos betreft moet dat de gewoonste zaak van de wereld zijn. Belangrijk vindt hij daarbij dat de manier van bouwen niet wezenlijk verandert. Zo vraagt damp-open bouwen niet veel aanpassing van de werkwijze (zie: Hoe werkt het). Onder aannemers groeit de belangstelling voor duurzaam bouwen de laatste jaren sterk, zo blijkt uit onderzoek van adviesbureau BouwKennis.

Hoewel het damp-open bouwen 16 procent duurder is dan conventioneel bouwen, staat daar tegenover dat je maar liefst 47 procent op de stookkosten bespaart, omdat de warmte efficiënter wordt benut, zegt Bos. „Met de stijgende energielasten zijn de voordelen van ecologisch bouwen snel bij elkaar gespaard.”

Ook Bos is een idealist, maar dan wel een die doordrongen is van een behoorlijke portie Amsterdamse nuchterheid. „Duurzaam bouwen geeft vaak een moeizame discussie. Maar ik ga er vanuit dat we onze luxe verworvenheden niet hoeven op te geven. Ik zeg alleen, als je bouwt, waarom dan niet zo duurzaam mogelijk?”

De bouwmarkt Eco-Logisch van Bos bestaat nu precies een jaar. Hoeveel omzet de winkel precies draait wil Bos niet zeggen, maar hij is tevreden. „We zitten boven onze planning.” De helft van de omzet komt van particulieren, de andere helft van aannemers die bij Eco-Logisch inkopen. Hij is er zelf door verrast. „Zoveel omzet van consumenten, dat had ik niet verwacht.” Opvallend vindt Bos ook dat zijn klanten veelal tussen de 20 en 30 jaar oud zijn of juist boven de 50. „Dertigers en veertigers belijden het streven naar duurzaamheid kennelijk vooral met de mond”, zegt hij lachend.

Een van de eerste klanten van Bos was Eckhart Wintzen, de pas overleden managementgoeroe, die vooropliep in het duurzaam ondernemen. „Hij had zijn aannemer naar ons gestuurd en gezegd: je mag je spullen alleen dáár kopen. Zo ging het verder. Toen we begonnen, hadden we tien aannemers als klant die duurzaam bouwden. Inmiddels zijn dat er dertig. Daaronder bevinden zich ook traditionele bouwbedrijven die een duurzame bouwpoot erbij hebben genomen.”

De Amsterdammer heeft plannen om binnenkort een tweede filiaal te openen, in Almere. „Almere heeft ambities wat duurzaamheid betreft. Er komt een heel grote cradle to cradle-wijk en daar willen wij graag bij aanhaken.” Bij het cradle to cradle-principe worden grondstoffen zo gekozen, dat het afval bij de verwerking ervan weer kan worden gebruikt. Dat zou heel goed aansluiten bij Eco-Logisch.

Alleen de financiering van de nieuwe winkel is nog een obstakel, zegt Bos. „Voor de zaak in Amsterdam heb ik mijn huis verkocht. Dat kan ik natuurlijk niet nog een keer doen.”

Eco-Logisch verkoopt ook via internet. Bos: „Wij zijn de enige ecologische bouwmarkt in Europa met een eigen webwinkel. De website begon ooit als ondersteuning van onze klanten. Deze materialen hebben veel uitleg nodig en het bleek handig als klanten er eerst al wat over gelezen hadden. Maar al snel groeide de site uit tot een volwaardige webwinkel.”

Frustratie over de belabberde toelevering en fascinatie voor de superieure kwaliteit van duurzame bouwproducten (zie: Hoe het begon) inspireerden Bos tot het beginnen van zijn eigen ecologische bouwmarkt. „Het zijn mooie producten, maar ze zijn nergens zomaar te koop. Ik kwam erachter dat je duurzame materialen altijd verspreid moet bestellen bij verschillende leveranciers. En dan nog die extreem lange levertijden. Ja, zo wordt duurzaam bouwen natuurlijk nooit gangbaar. Aannemers hebben dan altijd een excuus om zich achter te verschuilen. ”

Het was een gat in de markt, zegt Bos nu. Het klantenbestand groeit gestaag en de opslagruimte achter de bouwmarkt barst haast uit zijn voegen. Maar veel van het succes heeft Bos te danken aan de juiste timing, beseft hij. „Ik ben heel blij dat ik niet tien jaar geleden op dit idee ben gekomen. Vrijwel iedereen die toen begonnen is in deze sector is inmiddels over de kop gegaan. Van die eerstelingen zijn er nog slechts vier of vijf over. Op dit moment echter is het een betere tijd, omdat ecologisch bouwen toch meer alledaags is geworden. Er zijn nu meer producten en doordat er grotere volumes gemaakt worden, kunnen producenten ook meer concurrerend zijn.”

Bos is gefascineerd door innovaties die de samenleving milieuvriendelijker kunnen maken. Zijn nieuwste ontdekking is bamboe, dat verrassend veelzijdig blijkt als constructie- en afwerkingsmateriaal. „De Nederlander kent bamboe vooral van de Xenos-prullaria, maar er is veel meer mee mogelijk dan je zou denken. Kijk hier, plaatmateriaal van bamboe, massief en tot vier centimeter dik. Fineer van bamboe. Het is oersterk en kan zelfs ook de traditioneel van bankirai gemaakte steigerplanken vervangen. Binnenkort komen er ook balken van bamboe op de markt, die bijvoorbeeld geschikt zijn voor het maken van tafelpoten. Alles is mogelijk.

„En het mooie is: dit komt allemaal uit een productiebos. Een bamboebos groeit heel hard, na de kap is het in vijftien jaar weer volgroeid. Vergelijk dat maar eens met met hardhout, dan praat je over 120 jaar.”

Hij pakt een traptrede van bamboe uit het schap en streelt die even. „Het heeft ook met smaak te maken”, mijmert hij. „Deze producten zijn niet alleen duurzaam, ze zien er ook nog eens fantastisch uit. Als ze lelijk waren, zou ik ze waarschijnlijk niet verkopen.”

De webwinkel van de ecologische bouwmarkt is te vinden op: eco-logisch.eu