Een superheld die zijn roes uitslaapt

Hancock. Regie: Peter Berg. Met: Will Smith, Jason Bateman, Charlize Theron. In: 89 bioscopen.

Hancock heeft de origineelste held van alle superheldenfilms, die deze zomer weer de bioscopen domineren. Gespeeld door de altijd degelijke Will Smith, beschikt Hancock weliswaar over superkrachten die niet onderdoen voor die van Superman, maar hij is niettemin aan de drank geraakt. In de eerste scène ligt hij, ongeschoren en met een muts over zijn ogen, zijn roes uit te slapen op een bankje in de zon. Een passerende kleuter duwt tegen hem aan, want op televisie is live een bende misdadigers aan het werk. Hancock moet er op af. Maar in zijn brakke toestand richt hij heel wat nevenschade aan, en hij is daarom verre van populair als crime fighter.

De tweede held van de film is bijna net zo onconventioneel. Jason Bateman speelt Ray: een pr-man en ook nog eens een pr-man met een hart. Voordat hij Hancock gaat helpen om van zijn imagoprobleem af te komen, probeert hij een keurmerk voor sociaal en ecologisch ondernemen bij bedrijven aan de man te brengen. Wat je noemt: een held van deze tijd.

Hancock redt Ray van een wisse dood. Ray neemt hem daarna mee naar huis voor spaghetti met gehaktballen, maar zijn vrouw (Charlize Theron) moet weinig van de superheld hebben.

De ironische en ontspannen benadering van het genre, maakt Hancock een sympathieke film. De film heeft iets van de hoekigheid en traagheid van de stevige drinker. Maar in de tweede helft krijgt het verhaal een nieuwe wending, en wordt het alsnog ernst. Dat laatste gedeelte – als Hancock op het spoor komt van zijn mythische afkomst – is een stuk minder geslaagd. Smith gaat dan steeds meer op een gewone superheld lijken. Die wederopstanding zou de toeschouwer natuurlijk moeten toejuichen, maar als nietsnut is Hancock leuker dan in zijn nieuwe superheldenpak. De alles overtreffende finale ontbreekt en dat is voor een blockbuster eigenlijk een doodzonde.