Onmisbaar boek over ons koloniale verleden

Reggie Baay schrijft in De njai (Athen.-Polak&Van Gennep, €18,95) openhartig over het trieste lot van concubines in Nederlands-Indië, vindt Kester Freriks.

‘De veelzijdige rol van de njai in de Indische samenleving krijgt in De njai. Het concubinaat in Nederlands-Indië een nieuwe, niet eerder beschreven dimensie. Baay is een kleinkind van een njai. Hij wijdde al eerder artikelen aan dit onderwerp, waarmee hij veel emoties losmaakte in de Indonesische wereld.’

‘Het knappe van De njai is niet alleen het historische perspectief waarin Baay deze aanvankelijk ondergeschikte Indische vrouw plaatst. Door de keuze van documenten, levensverhalen en literaire citaten krijgt zij een betekenisvolle rehabilitatie. Bovendien is het boek ook Baays persoonlijke zoektocht. Hij begint zijn boek met de vaststelling dat hij niets weet over „mijn grootmoeder van vaderskant”. Totdat een vermoedelijk opzettelijk vergeten document opduikt na het overlijden van zijn vader. Het is de akte tot erkenning door grootvader Baay van zijn zoon Louis Adriaan, dus de vader van de auteur. De inlandse vrouw is derhalve de moeder van Louis en grootmoeder van Reggie Baay. Met deze eerlijke inzet begint een onmisbaar boek over ons koloniale verleden.’