Internetstemmen heeft wel degelijk de toekomst

Rop Gonggrijp hekelt de beveiliging van het internetstemsysteem RIES (Rijnland Election Election System), dat zou worden gebruikt voor de waterschapsverkiezingen in november (NRC Handelsblad, 30 juni). Maar wat hij in het interview `beginnersfouten` noemde, was een bewuste aanpak om het systeem te testen. Zo werd de netwerkbeveiliging van normaal afgesloten administratieve delen, die losstaan van het eigenlijke stemsysteem, uitgezet. Ook in de broncode zijn om die reden een aantal beveiligingsvoorzieningen uitgezet. Tevens was aangegeven dat dit expliciet voor testdoeleinden was. Na alle testen werden de instellingen weer omgezet.

De filosofie van RIES is dat de software ontwikkeld moet worden op basis van volledige transparantie. Bij het systeem van waterschappen is daarom gekozen om open standaarden te hanteren. De programmatuur is openbaar, buitenstaanders kunnen controleren of het goed zit of het zelf verbeteren en verder ontwikkelen. Ook de octrooien op het systeem zijn daartoe vrijgegeven. Het is dus goed dat zwakheden - overigens alle buiten het internetstemsysteem zelf - zijn geconstateerd: daar kan het systeem sterker van worden gemaakt. Het is daarom te betreuren dat Gonggrijp de verkeerde conclusies trekt: bewust opengestelde instellingen van het afgesloten interne deel verklaren als zwakheden van het externe deel. Het is bekend dat Gonggrijp een tegenstander is van internetstemmen. Maar als hij daartegen wil strijden, dan wel met de juiste argumenten en met open vizier. Mijn stelling is dan: internetstemmen heeft toekomst, mits met open standaarden en volledige transparantie ontwikkeld.