De SP zegt toch nog een keer nee

De Eerste Kamer stemde vanmiddag in met het Verdrag van Lissabon dat het Europees bestuur van nieuwe spelregels voorziet. Nederlands drie jaar oude nee is nu definitief een ja.

Formeel ging het gisteravond en vandaag in de Eerste Kamer over Europa, maar vaker leek de Socialistische Partij het hoofdonderwerp. In de persoon van senator Tiny Kox vertegenwoordigde deze partij de laatste stuiptrekking van het Nederlandse verzet tegen het Europees Verdrag, de opvolger van de veelbesproken Europese Grondwet.

Bij gebrek aan medestanders (afgezien van de eenmansfractie van de Partij voor de Dieren) wierp hij zich op als enig overgebleven representant van de meerderheid van de Nederlandse bevolking die in 2005 ‘nee’ zei tegen de Europese Verdrag.

Nog één keer zei hij het: „Het Verdrag van Lissabon botst op de wil van de bevolking, steekt slecht in elkaar en zal het functioneren van de Europese Unie eerder bemoeilijken dan vergemakkelijken.”

In de vergaderzaal van de Eerste Kamer sprak Kox voor dovemansoren. Voor de overgrote meerderheid van de senatoren was hij de man geworden die, net als de nee-zeggers destijds bij het referendum, maar niet wil begrijpen dat de spelregels uit het nieuwe verdrag wel degelijk een verbetering zijn ten opzichte van de bestaande situatie.

„Je kan wel nee blijven zeggen, maar wat wil de SP dan?”, was de in vele toonaarden gestelde vraag aan Kox. Vanmorgen gaf deze toe: „Het Verdrag van Lissabon is beter dan de Europese Grondwet, maar daarmee nog lang niet best.” Waarop premier Balkenende de vaderlijke waarschuwing uitsprak om er toch vooral voor te waken dat „het betere niet de vijand wordt van het goede”.

De Eerste Kamer ging vanmiddag in grote meerderheid akkoord met het Verdrag van Lissabon. Omdat het nieuwe verdrag beter is dan het oude. Daarmee is Nederland het 21ste van de 27 landen van de Europese Unie waar de parlementaire goedkeuringsprocedure is afgerond.

Die goedkeuring is overigens in een ander licht komen te staan dan toen de Tweede Kamer een maand geleden instemde. Want in de tussentijd deed de Ierse bevolking hetzelfde als de Fransen en Nederlanders in 2005: zij stemden per referendum tegen het Verdrag. En daarmee is dit Europese project, ooit bedoeld om de uitdijende EU doelmatiger en doorzichtiger te besturen, opnieuw op losse schroeven komen te staan. In oktober bekijken de Europese regeringsleiders hoe ze uit de impasse kunnen komen.

De Eerste Kamer heeft de nieuwe malaisestemming niet willen vergroten. De senatoren zijn niet gezwicht voor geluiden de goedkeuringsprocedure op te schorten, in afwachting van het antwoord op het Ierse nee. „Als respect gevraagd wordt voor de Ierse bevolking, mag dat ook gevraagd worden voor uitspraken van andere landen”, aldus senator Eigeman (PvdA).

En Tiny Kox en zijn SP? Zij hebben de strijd nog altijd niet opgegeven. Het debat in de Eerste Kamer zou niet spannend worden wist hij. Maar, waarschuwde Kox, over elf maanden, als de burgers er zelf weer aan te pas komen bij de verkiezingen voor het Europees Parlement, zal er „des te meer” spanning zijn.

Meer over het verdrag van Lissabon: nrc.nl/euverdrag