‘Dit is strijd over de rug van patiënten’

De thuiszorg zaait paniek door een patiëntenstop aan te kondigen, vindt Atie Schipaanboord. „Het is de verkeerde weg. Wat denk je dat dit soort berichten bij zieke mensen aanricht?”

Onnodige paniek. Zo kwalificeert de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie (NPCF) de patiëntenstop die enkele thuiszorginstellingen in Noord- en Oost-Nederland dit weekeinde hebben afgekondigd.

Dat mensen acute hulp thuis wordt geweigerd, noemt de NPCF onaanvaardbaar. Maar zover is het nog helemaal niet. Zorgkantoren hebben zorgplicht. Worden die geconfronteerd met thuiszorginstellingen die geen budget hebben voor extra patiënten, dan moeten zij op zoek naar alternatieven in de eigen regio. Wordt dan nog geen oplossing gevonden, zijn er elegantere wegen om het probleem aan te kaarten, vindt adjunct-directeur Atie Schipaanboord.

Het valt dus mee met die problemen?

„Dat weten we niet. Wat ons vooral stoort is dat de thuiszorg een strijd met zorgkantoren en de Nationale Zorgautoriteit opnieuw uitvecht over de rug van de patiënt. De zorgkantoren vragen meer geld, omdat de vraag naar zorg opeens veel groter zou zijn dan begroot. En in plaats van om de tafel te gaan zitten met het zorgkantoor en de NZA, sturen ze paniekberichten de wereld in.”

Is dat geen onderdeel van het spel? Er is herrie, de SP roept de staatssecretaris naar de Kamer. De baas van Menzis, Roger van Boxtel, zit vanmiddag al bij de NZA.

„Het is de verkeerde weg. Er wordt onrust gezaaid. Hoe denk je dat dat overkomt op mensen die van zorg afhankelijk zijn? Op mensen die uit het ziekenhuis komen en aangewezen zijn op thuiszorg? Op mensen die acuut hulp nodig hebben? Op terminale patiënten die palliatieve zorg nodig hebben? Wat denk je dat dit soort berichten bij hen aanricht?”

Twijfelt u aan de nood bij de thuiszorginstellingen?

„Nou, het is wel opmerkelijk dat dit ritueel zich eerder heeft voorgedaan. Ik zou haast zeggen: het is weer juli. Vorig jaar zagen we precies hetzelfde patroon: via de pers wordt paniek gezaaid, terwijl het zorgkantoor aan zet is om klanten op te vangen. Volgens ons zijn daar voldoende mogelijkheden voor. Kijk naar andere instellingen in de regio, bezie of je budgetten uit andere regio’s kunt overhevelen.

„In het uiterste geval kan je ook terecht bij de NZA. Daar zijn gewoon procedures voor. Op korte termijn kan die extra budget vrijmaken. Waarom kies je die weg niet, in plaats van kwetsbare mensen angst aan te jagen?

„Het is moeilijk voor te stellen dat de grote concerns achter de zorgkantoren zich telkens laten overvallen door een acute extra zorgvraag. Als je weet dat zoiets kan gebeuren, dan moet je daarop anticiperen.”

En als ze toch echt overvallen zijn?

„Dat willen we dan graag vaststellen. We hebben al eerder gevraagd om inzicht in de uitgaven. We willen weten waar het geld blijft, wat er van naar de klant gaat, waar die plotseling gestegen vraag vandaan komt. Ik snap dat niet. Maar we krijgen daar geen antwoord op. Niet van de zorgkantoren, niet van de NZA, niet van de minister.

„Wat nu nodig is, is transparantie, inzicht. Pas dan kun je vaststellen of sprake is van tekorten. Denk eraan, het gaat om AWBZ-geld, en daarvoor worden geen kinderachtige premies geheven. Dan mag je toch weten wat je daarvoor terugkrijgt?”

Wat moet er nu gebeuren?

„We moeten voorkomen dat we de paniek versterken; mensen mogen niet denken dat er geen zorg is. Verder wachten we op uitsluitsel van de NZA of staatssecretaris. Als sprake zou zijn van structureel geldtekort, dan wil je weten waaraan dat ligt. Verder is de vraag welke zorg je binnen de AWBZ wilt verlenen, en welk budget daarbij hoort. Maar dan praat je over de toekomst van die wet, waar de SER net over heeft geadviseerd. Die bal ligt bij Volksgezondheid. Maar dat is een heel andere discussie dan de incidentenpolitiek die de zorginstellingen nu voeren.”