Voortijdige nostalgie naar 74, 45 en 78

Frankrijk schaft volgend jaar het nummer van de departementen in de kentekens af. Het nieuwe systeem lijkt behoorlijk veel op het gangbare Europese.

Al in de straat op weg naar de barbecue dringt het eerste gespreksonderwerp zich op. Tussen de gebruikelijke 75’s, de 92’s en 78’s blijken ook een paar exoten een parkeerplaats te hebben gevonden. Een 74’je. Twee 45’s.

Zouden die het erg vinden dat ze volgend jaar geen nieuwe broertjes en zusjes meer krijgen?

In geen Frans gezelschap behoeft deze geheimtaal uitleg – en waarschijnlijk ook niet voor menig geoefende vakantieganger uit het noorden. Al sinds 1950 is elke Franse auto een verhaal, dat begint bij de laatste twee cijfers op het nummerbord. Want die vertellen in welk van de honderd Franse departementen – keurig genummerd op alfabet, behalve in de regio rond Parijs – de autobezitter woont. 74: Haute-Savoie. Een Alpencoureur. 45: Loiret. Provinciaal met zicht op Parijs. 75: Parijs. Klein en deukig, dat kon je wel raden. 78: Yvelines, ten westen van Parijs. Vandaar dat hij zo blinkt. Staat ’s nachts in de garage natuurlijk.

Maar binnenkort zijn de nummerbordspelletjes voorbij. Op 1 januari schakelt Frankrijk over op een nummerbord zoals ook in andere Europese landen gebruikelijk. Type AA-123-AA, zonder verwijzing naar het departement.

Dat komt hard aan in Frankrijk. In bijna geen achtertuingesprek ontbreekt het onderwerp deze zomer – al is het nog lang geen 1 januari en verandert er daarna niets als je niet van auto verwisselt.

Maar het kenteken-met-departement gaat nu eenmaal niet over de automobilist als consument. Het maakt deel uit van het Franse zelfbeeld: sinds de jaren vijftig is het nummerbord voor generaties kinderen, ouders en later grootouders de gids geweest die orde schiep op de wegen die het land door elkaar husselen. Iedereen blijft te herleiden tot een vast punt op de kaart.

Ook vanmiddag overheerst spijt en alvast wat nostalgie. Wat ik vooral jammer vind, zegt Sophie, arts in Orléans en bezitter van een van de 45’jes, is dat de anonimiteit op straat nu nog verder toeneemt. Charles-Edouard, een ondernemer uit het rijke Neuilly, heeft gemengde gevoelens. Als hij in de taxi van het vliegveld naar huis naar buiten kijkt, krijgt hij soms het gevoel weer op school te zitten. „Ik moest al die Franse departementen kennen, met naam, nummer en hoofdstad, maar mijn broers wisten het altijd beter.”

Daarom moeten de kinderen aan tafel lachen. Het broertje van Astrid (14) weet het ook altijd beter, zegt ze, „maar dan heeft hij het over zijn computerspel”. De afgelopen maanden bleek het bij navraag onder kinderen al vaker: nummerborden lezen op de achterbank is al enige tijd uit. Kinderen kijken tegenwoordig liever film in de nek van mama, op het scherm in haar rugleuning.

Brigitte vindt de nieuwe nummerborden gevaarlijk. „Als je nu in de bergen een 75 tegenkomt, weet je dat je extra moet oppassen. Die kent hier de weg niet.” Philippe (38), die aan het meer van Génève in het Franse Thonon-les-Bains woont, vindt dat dit niets zegt. Hij rijdt met 74 rond, maar tot vorig jaar woonde hij in Parijs.

Trouwens, de 74 voor de deur is niet van Philippe. Hij is met de TGV gekomen. Die auto is van gastheer Michel. Hij is recent verhuisd, maar heeft zijn auto nog niet omgeboekt naar zijn nieuwe woonplaats. Straks hoeft het omboeken niet meer. Dat wordt door de regering aangevoerd als een van de argumenten voor het nieuwe systeem: auto’s krijgen een levenslang nummerbord. Wat administratief minder bewerkelijk is. En de auto’s zijn makkelijker te traceren. Bovendien, zo voert de regering aan, raakt het oude systeem de komende tien jaar uitgeput omdat er geen nieuwe unieke combinaties meer gemaakt kunnen worden.

Er is één argument dat het ministerie van Binnenlandse Zaken, dat de hervorming leidt, nadrukkelijk niet aanvoert: dat het nieuwe nummerbord zou ‘moeten van Europa’. Weliswaar gaat het Franse nummerbord straks volgens hetzelfde systeem functioneren als in de meeste Europese landen, maar, onderstreept Parijs, „er is geen Europese richtlijn” die deze wijziging voorschrijft.

Aan tafel blijft de vraag of het nieuwe nummerbord van Europa moet onbeantwoord. De een denkt van wel, de ander niet. Wel blijkt een echo doorgedrongen van een pressiegroep van 195 parlementariërs, die zich heeft verenigd onder de naam ‘Jamais sans mon département’ (nooit zonder mijn provincie). Linkse en rechtse afgevaardigden uit alle uithoeken van het land zien in het nieuwe kenteken een stap op weg naar de ‘uniformisering’ in Europa.

Ze hebben voorlopig een klein succesje geboekt. In een hoekje van het nummerbord mag straks alsnog, op verzoek van de automobilist, een departementsnummer worden opgenomen, zelfs met regionaal logo. Autoverzamelaar Jean-Eric is enthousiast. Hij gloeit bij de gedachte dat hij straks kan streven naar een collectie met oldtimers uit alle departementen. Philippe proeft het idee: met een piepklein nummertje 75 in de hoek van zijn nummerbord kan hij in de Savoie bewijzen dat hij niet in de bergen thuishoort.