Stoelen zoals opa bedoelde

Twee nazaten van architect Gerrit Rietveld brengen zijn meubel-ontwerpen opnieuw op de markt.Deze zomer een aantal van zijn kratmeubels.

Gerrit Rietveld en Dick Bruna, ze zijn de belangrijkste zonen van Utrecht. Speciaal voor de ontwerper van de Rood-Blauwe stoel en de tekenaar van Nijntje reizen jaarlijks duizenden toeristen naar het Rietveld-Schröderhuis, het Centraal Museum en het Dick Bruna Huis in de Domstad.

Bruna en Rietveld hebben elkaar goed gekend. En de strakke lijnen en het basale kleurgebruik van de bijna veertig jaar oudere architect en meubelontwerper vormden voor de jonge Bruna duidelijk een bron van inspiratie. Maar tot een directe samen-werking tussen de twee Utrechtse grootheden kwam het nooit. Dat gebeurt pas nu Rietveld al 44 jaar dood is. Voor een kinderversie van Rietvelds uit 1934 daterende Kratstoel heeft de 80-jarige Bruna een losse zitting met een Nijntjemotief ontworpen.

Bruna deed dat op verzoek van Egbert Rietveld en Ries Seijler, respectievelijk een kleinzoon en een achterkleinzoon van de architect. De twee achterneven richtten samen in 2004 het meubelbedrijf Rietveld by Rietveld op.

Van de tweehonderd meubelontwerpen van Rietveld waren er op dat moment nog slechts een handvol in productie. Met jaarlijks nieuwe heruitgaven, zegt Seijler, willen zij ‘de wereld laten zien dat Rietveld veel meer is dan de Rood-Blauwe of de Zig Zag Stoel’. Tweede doelstelling is ‘Rietveld breder toegankelijk maken dan alleen als collector’s item voor de happy few’.

De neven reproduceren de ideeën van hun opa zo nauwgezet mogelijk. Conservatoren van het Centraal Museum functioneren als vraagbaak en de Stichting Gerrit Th. Rietveld ziet toe op de uitvoering.

De meubels worden niet slaafs gekopieerd. Al is het maar omdat de overgeleverde oude stoelen vaak sterk van elkaar verschillen. Seijler: ‘Neem de Steltman. Volgens de tekeningen moet die stoel worden gemaakt van standaardbalken van 10 bij 5 centimeter. Maar de balken van de Steltmanstoelen in musea zijn soms maar 9,6 bij 4,4 centimeter dik. Daarvoor zijn waarschijnlijk dikke balken gebruikt die doormidden zijn gezaagd. Door zagen en schaven ontstonden vermoedelijk de verschillen.’ Maatgevend voor de producenten is de laatst bekende ontwerptekening van Rietveld.

De neven bootsen evenmin historische productietechnieken na. Zij gebruiken bijvoorbeeld tweecomponentenlijm in plaats van beenderlijm. En dankzij computergestuurde zaagapparatuur zijn Rietveld-meubels voor het eerst tot op de millimeter aan elkaar gelijk. ‘Onze opa droomde van de huidige productiemethoden’, zegt Seijler. ‘Zijn ideaalbeeld was een stoel die met één druk op de knop werd geproduceerd.’

Een belangrijk detailverschil is dat de nieuwe meubels zijn voorzien van een chip, een plaatje met een uniek nummer en een certificaat van echtheid. Een medicijn tegen Chinese vervalsingen, hoopt Seijler.

De twee neven begonnen het bedrijf naast hun werk. Twee jaar na de oprichting is Seijler inmiddels fulltime bezig met Rietveld by Rietveld. Deze zomer verschijnt de tweede collectie van het bedrijf: twee tuinmeubels, een kruiwagentje en de Kratstoel, waarvoor Rietveld ‘krathout’ wilde hergebruiken zodat de stoel voor iedereen bereikbaar zou worden.

‘Andere bedrijven haalden steeds de krenten uit de pap’, zegt Seijler. ‘Wij willen ook de minder commerciële ontwerpen op de markt brengen. Veel vraag is er naar zijn buffet. En op ons verlanglijstje staan ook zijn gestoffeerde fauteuils, de Deense stoel en de buizencollectie. Nee, wij mogen nog lang niet dood, er is nog heel veel te doen.’

Zie ook www.rietveldbyrietveld.com en de lezersaanbieding op pagina 5.