Laat ons dromen

Vanaf mijn eerste profjaar in 1980 zijn de Tours de France van 1980, 1985 en 1990 aan mij voorbijgegaan. En die van dit jaar. Dat wil zeggen dat ik in totaal 25 maal drie weken door Frankrijk heb getoerd, ruim anderhalf jaar van mijn 51 levensjaren. In elke Tour werd ik geconfronteerd met pijn en stress, maar er waren ook veel momenten van onoverwinnelijkheid, triomf, euforie, kameraadschap, verbondenheid.

Veel boeken zou ik kunnen vullen met alle ervaringen uit het verleden; één boek zou ik alvast kunnen wijden aan de gebeurtenissen van vorig jaar rond Michael Rasmussen. Inmiddels is hij door de Monegaskische bond voor twee jaar geschorst en heeft de kantonrechter in Utrecht geoordeeld dat het ontslag terecht was maar dat het op dat moment niet op staande voet had mogen gebeuren. De eerste reacties van zowel Rabobank als Rasmussen zijn ‘positief’, Rabobank ‘mocht’ hem ontslaan, Rasmussen moet zijn Tourpremie krijgen.

De affaire is voor mij persoonlijk aanvankelijk uiterst moeilijk geweest. Een hecht thuisfront en mijn mentale veerkracht hebben me er doorheen gesleept, evenals de vele bemoedigende reacties vanuit de meest onverwachte hoeken. Ik weet in ieder geval dat ik uiteindelijk zelf de regie in handen heb gehouden, zowel in de Tour als erna voor wat betreft mijn eigen positie. En dat ik kan leven met hetgeen ik heb gedaan. Ik hoop dat er vanaf dit moment voor alle betrokkenen een rustiger periode aanbreekt waarin iedereen verder kan gaan met zijn (wieler)leven.

Want alles gaat gewoon door. Ik geef op dit moment een andere invulling aan mijn leven, met advieswerk, sportersmanagement, lezingen en het organiseren van clinics en uitstapjes, bijvoorbeeld naar de Tour. De regie heb ik volledig in eigen hand.

Alle voorgaande jaren zat ik in de hectiek van de aanloop naar de Tour. Als renner met de stress van het al dan niet geselecteerd worden, met de prestatiedruk en de vraag of de voorbereiding goed verloopt. En als manager/ploegleider eveneens met de prestatiedruk, ploegsamenstelling, regelen van duizend-en-één dingen rond de Tour. En de laatste jaren met de almaar toenemende discussies en vergaderingen over ‘ethiek’, proberen om als bestuurslid van diverse ploegbelangengroeperingen de ploegen bij elkaar te houden en een eigen koers te varen temidden van de gevechten tussen ASO en UCI. In dat laatste is te veel waardevolle energie op zinloze wijze verloren gegaan. Op dit moment is de degeneratie nog in volle gang: UCI en ASO varen een eigen koers, de ploegen zijn nog nauwelijks georganiseerd, de zakelijke samenwerking tussen de ploegen en het onderlinge respect, waardering en collegialiteit zijn tot het absolute nulpunt gedaald. Het is er wat dat betreft sinds mijn vertrek niet beter op geworden.

Noodgedwongen ben ik enkele weken veroordeeld tot huisarrest wegens een rechterheup- en sleutelbeenbreuk, een paar weken geleden opgelopen na een val tijdens een fietstochtje. De revalidatie verloopt overigens prima, dank u. Ik leef op een uiterst ontspannen wijze toe naar de Tour en ga het schouwspel eens van op afstand gadeslaan, met veel belangstelling. Pas wanneer het plezier en de onderlinge waardering terugkeert op alle niveaus, verdient de wielersport het echte respect van de toeschouwers. Ik zal met veel plezier de verrichtingen in de komende weken volgen. De wielrennerij is mij te dierbaar, met te veel mooie herinneringen, om dat niet te doen.

Theo de Rooij was directeur van de wielerploeg van Rabobank.