‘Het systeem is ziek’

Thomas Minder, Zwitsers ondernemer, is de excessieve beloningen van topmanagers beu. Helemaal als hun prestaties er niet naar zijn. Hij wil actie. En aandeelhouders meer zeggenschap geven.

In 2001 kreeg Thomas Minder zijn grootste order ooit: de nationale luchtvaartmaatschappij Swissair bestelde flesjes handlotion, lippenbalsem en tandpasta voor businessclasspassagiers bij hem. Minder is eigenaar van Trybol, een familiebedrijf in Neuhausen am Rheinfall, vlakbij Schaffhausen. Met de order was omgerekend 300.000 euro gemoeid.

Dat leek goed nieuws. Maar dat was het niet. „Tegen de tijd dat ik wilde leveren”, vertelt Minder, „ging Swissair failliet. Ik had mijn leveranciers betaald, maar kreeg zelf geen cent. Een kale kip kun je niet plukken. Toen las ik dat de laatste topman van Swissair, Mario Corti, zijn hele salaris voor vijf jaar vooraf uitbetaald had gekregen. Bijna 8 miljoen euro. Vooraf! Voor nog geen jaar werk, waarin hij nog faalde ook. Ik ben ontploft.”

Thomas Minder wist het faillissement van Trybol, waar twintig mensen werken, af te wenden door veel flesjes en tubes alsnog te verkopen aan de opvolger van Swissair, Swiss. Andere leveranciers hadden minder geluk en gingen over de kop. Het is ook in hún naam dat Minder onlangs, zeseneenhalf jaar nadat alle Swissair-toestellen wereldwijd aan de grond werden gezet, de zogeheten ‘Abzockerei-Initiative’ afleverde bij de Zwitserse regering. ‘Abzockerei’ betekent oplichterij.

In de tientallen dozen waarmee hij op de Bundesplatz in Bern arriveerde, zaten bijna 150.000 handtekeningen van Zwitsers die net als hij een wettelijk verbod willen op gouden handdrukken en voorafbetalingen aan leden van het topmanagement van beursgenoteerde bedrijven. Verder zouden deze bedrijven wettelijk moeten worden verplicht aandeelhouders te laten meebeslissen over salarissen, bonussen en andere vergoedingen voor topbestuurders.

Minder is een getaande, gedreven man van 48. Hij is nog zo kwaad over de Swissair-affaire dat hij – on-Zwitsers – met de deur in huis valt. Het gesprek heeft plaats in hotel Schweitzerhof bij het centraal station in Bern. Minder heeft later deze middag een afspraak met de minister van Economische Zaken, vlakbij het station. Aan belendende tafeltjes zitten politici die hem duidelijk herkennen.

„Waar Mario Corti van Swissair mee wegkwam,” zegt Minder luid, „is schandalig. Zoveel mensen hebben geld verloren aan het faillissement van Swissair: aandeelhouders, personeelsleden, leveranciers. Corti nam miljoenen mee naar huis. Dat kan toch niet.”

Corti was voorheen de nummer twee bij Nestlé. Zonder financiële garantie was hij daar toch niet weggegaan?

„Waarom moet iedereen risico’s nemen behalve topmanagers? Corti kreeg het meest betaald bij Swissair. Logisch, hij was de topman. Eén van de redenen waarom topbestuurders zoveel betaald krijgen, is dat hun risico op ontslag hoger is dan voor andere werknemers. Het zit in hun salaris verdisconteerd. De rechter heeft vorig jaar tijdens het proces over Swissair gezegd: ‘Alles was oké.’ Maar het is níét oké. Het systeem is ziek. Het moet veranderen.”

Hoe ziek is het systeem?

„Recente voorbeelden tonen aan dat de corporate greed, die via het bank- en verzekeringswezen is overgewaaid uit Amerika, in Zwitserland uit de hand loopt. Zo verdiende topman Daniel Vasella van het farmaceutische bedrijf Novartis in 2007 23,5 miljoen euro. 90 procent daarvan is variabel inkomen: opties, aandelen, enzovoort. Zo gaat het vaak.

„Bij UBS werden onder president-commissaris Marcel Ospel tientallen miljarden vergokt door beleggingen in Amerikaanse subprime hypotheken. Goed, Ospel moest vertrekken. Maar UBS wil pas volgend jaar zeggen hoeveel hij bij zijn vertrek heeft meegekregen. Waarom die geheimzinnigheid?”

Openheid kan anderen inspireren om hun eisen op te schroeven.

„Nee, exposure leidt vaak tot verlaging. Ospels opvolger verdient veel minder.”

Kortom, het vertrek van Ospel bewijst dat het systeem zichzelf reguleert. Vorig jaar moest Ospel zijn salaris al drastisch verlagen, naar 1,6 miljoen euro.

„Dat is nog steeds veel voor iemand die slecht presteert. Het systeem reguleert zichzelf misschien, maar te laat. De miljarden waren al weg toen Ospel zijn inkomen verlaagde. En nogmaals: we weten nog niet hoeveel hij kreeg bij zijn vertrek.”

U bent niet de enige die een kruistocht voert tegen topsalarissen. In Australië, Zweden en Groot-Brittannië krijgen aandeelhouders er meer zeggenschap over. Nederland wil topsalarissen extra belasten. De Franse president Sarkozy wil de gouden handdruk afschaffen.

„Ik wilde eerst een speciaal systeem invoeren. Dan leg je bijvoorbeeld vast dat iemand in de hoogste schaal van het bedrijf maximaal 30 keer meer mag verdienen dan iemand in de laagste schaal.”

Als de baas meer krijgt, krijgt zijn chauffeur ook opslag?

„Zoiets.”

Maar daar heeft u vanaf gezien.

„Een wet om topsalarissen aan banden te leggen, krijg je nooit door het parlement als je het door politieke partijen laat doen. De lobby van banken en verzekeraars is te machtig in Zwitserland. Alleen een handtekeningenactie onder burgers kan een doorbraak forceren. Maar als je ingewikkelde woorden gebruikt, zoals ‘aandeelhouder’ en ‘pensioenkas’, begrijpen veel mensen het niet. Mijn systeem is gemakkelijker te begrijpen. Maar toen ik er met economen over ging praten, bleek dat zij een factor 50 wilden, of nog meer. Dat vond ik te veel en ik denk veel gewone Zwitsers ook. Tegelijkertijd wilde ik juist ook handtekeningen van het bedrijfsleven, die ik misschien niet zou krijgen als ik de factor 30 zou aanhouden. Toen ben ik ervan afgestapt.”

Is dat belangrijk, steun uit het bedrijfsleven?

„O ja! Mijn kracht is dat ik zelf een bedrijf heb. Ik ben een ondernemer, een werkgever en een liberaal. Ik ben business-friendly. Anders had ik nooit zoveel handtekeningen opgehaald in dit land vol overtuigde kapitalisten. Veel liberalen steunen mij, hoewel hun eigen partijleiding juist tégen mijn plan is.”

Links steunt u ook.

„Ja, maar ik moet uit die hoek blijven. De Groenen wilden mij op een persconferentie hebben. Ik grijp elke kans aan om mijn mening te verkondigen, maar hier heb ik nee tegen gezegd.”

Op het World Economic Forum in Davos sprak u wel.

„Ja. En ik ben aandeelhouder bij een aantal beursgenoteerde bedrijven. Ik weet hoe het werkt. Ik spreek op jaarvergaderingen.”

Ook bij UBS?

„Ja. De excessen daar waren gratis reclame voor mijn plan. Bij UBS is alles go-go-go: iedereen wil zo snel mogelijk zoveel mogelijk geld binnenharken. Iedereen pusht iedereen om beter te presteren, meer te verdienen. Wie niet meedoet, is een loser. Wie meer controle wil, is een loser. Die sfeer is ziek.”

U gebruikt dat woord vaak.

„Het is de beste omschrijving.”

Uw tegenstanders zeggen dat u met uw initiatief reclame maakt voor uw bedrijf. U zou ook wraakzuchtig zijn.

„Ze zeggen zoveel. Wat mij drijft, zijn zorgen over het egoïsme in het bedrijfsleven. Het enige wat nog telt, is geld. Ieder voor zich. Maar bedrijven hebben ook een maatschappelijke functie. Als ze die veronachtzamen, kweken ze mensen die zelf ook geen loyaliteit meer hebben.”

Hoezo?

„Begin dit jaar kreeg UBS nieuwe kapitaalinjecties. Miljarden uit Azië, die de bank weer gezond moesten maken. Mede daardoor konden even later de bonussen voor de bankiers worden betaald. UBS wilde hen ondanks de verliezen per se hun bonussen uitbetalen, uit angst dat ze weg zouden lopen. Maar wat gebeurde er? De bonussen waren betaald en de eerste bankiers vertrokken naar de concurrentie. Als die mensen bij mij hadden gewerkt, had ik ze vooraf laten beloven om twee, drie jaar te blijven.”

Ze dachten: volgend jaar krijg ik geen bonus, ik ben weg.

„Precies. Maar kun je het ze kwalijk nemen, als de Ospels en Vasella’s hetzelfde doen? Als de top het verkeerde voorbeeld geeft, stimuleer je dit gedrag. Ik heb goede vrienden bij UBS en Credit Suisse en die hebben geen enkel respect voor hun bestuurders.”

Als alleen Zwitserland topsalarissen beperkt, zeggen critici, komen hier geen goede bestuurders meer uit het buitenland.

„Kletskoek.”

De markt...

„De markt, de markt! Als topmanagers alleen voor het geld hier komen, laten ze dan weg blijven. De beste Zwitserse bedrijven, van Migros tot Swatch, betalen hun topmanagers goed maar niet buitensporig. Toyota, Lufthansa, British Airways: ook die worden goed gemanaged en betalen evenmin miljoenen. Als dat nodig was om goede bestuurders te trekken, deden ze dat heus wel.”

Het zijn maar een paar bedrijven, die excessief betalen?

„Ja. Het argument dat de ‘markt’ de topsalarissen opstuwt, is onzin. Dat gebeurt maar in enkele landen. De rest doet niet mee. En terecht: aan de reeks schandalen rond topverdieners zie je dat de best betaalde managers niet altijd de béste managers zijn.”

Als het probleem beperkt is, is het dan nodig het met wetten in te dammen?

„Ja. Het is een glijdende schaal. Die meneer aan het tafeltje naast ons was vroeger minister. Een paar jaar geleden vonden wij nog: ministers verdienen veel. Een paar honderdduizend frank per jaar! Nu kijken we van een paar miljoen niet meer op en vinden we dat ministers peanuts verdienen.”

Als er een rem komt op topsalarissen, vertrekken bedrijven dan niet uit Zwitserland? Een directie is zo verhuisd.

„Dat kan, maar het zou belachelijk zijn. Het zou mijn stelling bewijzen dat sommige mensen alleen maar aan geld denken. En dat die het te druk hebben met hun eigen bankrekening om aan de belangen van het bedrijf te denken.”

Zwitserland doet alles om internationale holdings te lokken. Uw plan kan dat toch compliceren?

„Er vestigen zich inderdaad veel holdings hier. Maar ik denk niet dat die deze beslissing nemen louter op grond van de salarissen van vijf, hooguit zes man. Want daar hebben we het over: het topmanagement. Als dát de doorslag geeft, wordt het echt tijd om er paal en perk aan te stellen.”

In Nederland willen sommigen limieten voor topinkomens. Wat vindt u daarvan?

„Ik ben tegen limieten. Ik kan niet beoordelen of vijf miljoen veel is voor het werk dat iemand doet. Dat hangt van veel factoren af. Politici kunnen dat evenmin beoordelen. Aandeelhouders wel. Die kennen de situatie.”

Maar jagen aandeelhouders die go-go-go-mentaliteit die u zo stoort, vaak niet aan? Omdat ze maximaal rendement willen?

„Ja, aandeelhouders denken vaak alleen aan geld. Maar weet u hoe dat komt? Omdat ze over de verdere bedrijfsvoering niets te zeggen hebben. Ze beslissen nergens over mee, voelen zich niet verantwoordelijk. Ik wil aandeelhouders meer zeggenschap geven. Ze meer bij het beleid betrekken.

„Ik denk dat ze zich dan verantwoordelijker gedragen. Dat ze zich meer door de langetermijnbelangen van het bedrijf laten leiden en minder door hun eigen portemonnee alleen. Het zou tijd worden, niet?”