Burger moet gezonder eten en langer leven, vindt het kabinet

De Nederlandse burger moet gezonder gaan eten, want de levensverwachting daalt te snel. Dat vindt het kabinet.

„Het moet voor consumenten makkelijker worden om te kiezen voor een gezonde leefstijl”, schrijven de ministers Klink (Volksgezondheid, CDA) en Verburg (Voedselkwaliteit, CDA) in de nota Gezonde voeding, van begin tot eind, die het kabinet gisteren naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

„Gezonde voeding bestaat uit een gevarieerd consumptiepatroon”, vinden de ministers. Om dit patroon te bewerkstelligen, is hulp van de voedingsmiddelenindustrie nodig. Maar ook onder meer scholen, werkgevers, gemeenten en sportkantines moeten hun „eigen verantwoordelijkheid” nemen.

De in het leven geroepen taskforces, bijvoorbeeld de ‘Taskforce Verantwoorde Vetzuursamenstelling’, hebben nog behoorlijk wat werk te verzetten. Een blik op een in de nota genoemde voedingstabel leert dat de Nederlander gemiddeld te weinig groente, fruit, voedingsvezel en vis eet, en juist te veel verzadigd vet, transvetzuren en zout.

Wat beoogt het kabinet hiermee? In eerste instantie „veel gezondheidswinst”. En: vermindering van het geneesmiddelenverbruik. De totale zorgkosten voor chronisch zieken zouden door „meer aandacht voor voeding” kunnen afnemen met 3 procent. Als de gehele Nederlandse bevolking zich aan de voedingsaanbevelingen houdt, zouden in twintig jaar naar schatting 140.000 mensen minder sterven dan als er niets gebeurt. Jongeren moeten „een gezonde voedingsgewoonte” aanleren, bij ouderen moet worden gelet op het „onderbelichte” probleem van ondervoeding.

Maar uiteindelijk draait het om de levensverwachting, die dalende is. Ook het kabinet maakt zich hier zorgen over. „Decennialang behoorde Nederland bij de Europese topvijf” wat betreft levensverwachting, maar „thans is Nederland afgezakt naar de middenmoot”. Die trend moet gekeerd, vindt het kabinet. Te beginnen bij „personen die er een ongezonde leefstijl op nahouden”.