4x Maastricht

Fietsen op de Keutenberg en varen op de Zuid-Willemsvaart. Vier tips voor Maastricht, de meest buitenlandse stad van Nederland.

Nergens in Nederland is de kroegdichtheid zo groot als in Maastricht. Er zijn meer dan 250 horecagelegenheden, 21,3 per 10.000 inwoners. De Limburgse hoofdstad biedt niet alleen ‘stappers’ volop keuze, óók de fijnproevers. In de top-100 van restaurantgids Lekker van 2008 staat Beluga op één en Toine Hermsen op acht. En er zijn véél meer uitstekende restaurants in Maastricht.

Van oudsher is Maastricht de stad van de Sint Servaaskerk, de authentieke straatjes met hun monumentale panden, de stadswallen en de terrasjes op het Vrijthof en het Onze-Lieve-Vrouweplein. Maar in de laatste twintig jaar ontwikkelde de kleine provincieplaats zich tot een Bourgondische parel aan de Maas.

Het werd niet alleen een welvarende gemeente, maar, zeker sinds het Verdrag van Maastricht (1992), ook de meest buitenlandse stad van Nederland. Miljoenen toeristen bezoeken jaarlijks het 118.000 zielen tellende Mestreech. De winkels, de markten, de musea en de evenementen zijn populair. Maastricht is dank-zij zijn universiteit en hogeschool (inclusief conservatorium, toneelschool, kunstacademie en hotelschool) ook een echte studentenstad.

De stad ademt een gemoedelijke sfeer, mede door het dialect, dat zelfs voor Limburgers uit andere delen van de provincie soms onverstaanbaar is. Ut kump neet mie goot – het komt niet meer goed – noteren we op het Vrijthof uit de mond van een teleurgestelde supporter van de plaatselijke voetbalclub MVV over de toekomst van het kwakkelende Us MVV-ke.

Hoewel Maastrichtenaars van Maastricht houden, verlaten steeds meer inwoners de gemeente om zich vlak over de Belgische grens te vestigen. Zo wonen in Lanaken vijf- tot zesduizend Nederlanders, vooral uit Maastricht. Ze verhuisden omdat de woningen daar goedkoper en ruimer zijn. Anderen gingen weg uit Maastricht wegens de toenemende drugscriminaliteit, die slecht is voor het imago van de enige stad die in het Wilhelmus voorkomt.

Maastricht 1:Kleinste café

‘Hoe breed is dit café?’ Tijdens ons korte bezoek aan In de Moriaan stellen verbaasde passanten die vraag wel drie keer, staande in de open voordeur van de uitspanning. ‘Twee meter en 74 centimeter’, antwoordt eigenares Liesbeth Visser. We zijn in het kleinste café van Maastricht, en vermoedelijk ook van Nederland. Het kroegje in de Stokstraat heeft een oppervlakte van nog geen twintig vierkante meter.

Het 103 jaar oude In de Moriaan zou kort voor de oorlog beslist geen vrouwelijke uitbater mogen hebben, omdat de Stokstraat onderdeel was van de Maastrichtse rosse buurt en daaraan wilde de gemeente een einde maken. Sinds de renovatie vanaf 1953 zijn in het smalle straatje vooral exclusieve winkels gevestigd. Een café zou je hier niet verwachten, zeker geen bruin café met bejaarde eikenhouten banken en krukken.

Binnen weerklinkt oude jazzmuziek – niet te hard, want de bezoekers moeten met elkaar kunnen praten. Het zijn vooral oudere Maastrichtenaars, tenminste, door de week. Zij mijden het kroegje in het weekeinde, als de toeristen opduiken. Naast de tap van In de Moriaan (bouwjaar 1646) hing nog niet zo lang geleden een schoolbord met de namen van een groot aantal topwijnen, die per glas verkocht werden.

Helaas is de vraag naar goede wijnen teruggelopen, zegt eigenares Visser. ‘De mensen vinden zo’n drankje te duur. De euro, hè.’ Merlot en Chardonnay zijn de huiswijn. Veel klanten komen ook voor een dröpke (jonge borrel) of een pèlske naar In de Moriaan.

Maastricht 2: Varen

Rederij Stiphout organiseert elke tweede en vierde zondag van de maand een brunchboottocht en een afternoon tea cruise. Die zijn zeer de moeite waard, vooral omdat de passagiers een vrij onbekend, maar idyllisch deel van Maastricht te zien krijgen. Vanaf de aanlegsteigers in de Maas varen naar de ‘Jekervallei’ en de ‘Belvédèrevallei’ via de sluis van Bosscherveld naar de Zuid-Willemsvaart.

Dit smalle, drie kilometer lange stukje Zuid-Willemsvaart vormt de historische vaarroute Maastricht-Vlaanderen, die in het begin van de vorige eeuw in verval raakte toen de groter wordende binnenschepen niet meer door de sluizen konden. De totaal verwaarloosde route, waar in de jaren zeventig de laatste schepen voeren, ging zes jaar geleden na een intensieve opknapbeurt weer open.

Een bijzonder mooi punt op de route is sluis 19, met aan weers-zijden fraaie oude kastanjebomen. Het is een handbediend Frans sluisje waarvan het voorstuk dateert van 1825. Vóór de heropening van de historische vaarroute is het sluisje grondig gerestaureerd. De bootgasten gaan ook door een monumentale tunnel uit 1825 en passeren mooie kades met zeldzame flora.

Maastricht 3: Kijken

De Dominicanerkerk is geliefd bij de vele toeristen die Maastricht bezoeken. De kerk doet geen dienst meer als godshuis, maar er is een filiaal in gevestigd van de landelijke boekenketen Selexyz. Op de plaats waar eens de priester aan het altaar stond, kun je nu koffie drinken. Tweehonderddertien jaar geleden, in 1795, verloor de kerk haar sacrale bestemming en daarna fungeerde ze als stadsmagazijn, concertzaal, tentoonstellingsruimte, bierhal en fietsenstalling.

Maastrichtenaars vinden de boekhandel goed passen in de kerk, zegt mevrouw Smeets, die met twee vriendinnen bij Selexyz rondneust. We zijn er trots op, vertelt ze, dat deze boekhandel pas nog een belangrijke prijs heeft gewonnen voor het interieur. De kans dat de kerk ‘voor altijd’ behouden blijft, is daarmee toegenomen, denkt ze. ‘Kerken en kloosters horen bij Maastricht, ze mogen niet worden afgebroken.’ Ze is blij dat ‘mensen met invloed’ dat ook inzien, en ze noemt Camille Oostwegel.

Oostwegel kocht in 2000 de verpauperde kerk en het klooster van de Kruisheren in Maastricht en knapte die op. Wie het Kruisherenhotel bezoekt, ziet dat het een parel is geworden.

Maastricht 4: Fietsen

We staan op de top van de Keutenberg, een gevreesde Limburgse heuvel bij Schin op Geul. Tjeerd Dijkers heeft de col als eerste bedwongen. Kort na hem komen zijn vier Brabantse fietsvrienden boven.

Elk jaar beklimt het clubje de 1.200 meter lange Keutenberg, het zwaarste obstakel van de Mergellandroute, een populaire fietsroute van 132 kilometer, keurig bewegwijzerd door de ANWB. Zoals zo velen rijden Dijkers en de zijnen de ronde op racefietsen. Ze willen Michael Boogerd of Karsten Kroon imiteren en fietsen zich het snot voor de ogen.

Maar de duizenden anderen die de Mergellandroute rijden, verkiezen een sportfiets, met ten minste de benodigde vijf versnellingen. Zij luisteren naar de goede raad van de ANWB: je geniet het meeste van Zuid-Limburg met zijn heuvels en vergezichten als je twee of drie dagen de tijd neemt voor de Mergellandroute.

Maar Tjeerd Dijkers en zijn vrienden nemen die tijd niet, ze hebben haast. Ze willen vandaag hun snelheidsrecord verbeteren. Op een gevarenbord bij de Keutenberg staat de tekst: ‘22 % zeer gevaarlijke helling. Fietsers afstappen’. Dijkers en zijn makkers voelen daar weinig voor.