Verhaeren bepleit regels voor zwempak

Technisch directeur Jacco Verhaeren van de zwembond (KNZB) gaat zich onmiddellijk na de Olympische Spelen in Peking sterk maken voor regelgeving rond zwempakken.

De trainer van olympische kanshebbers als Pieter van den Hoogenband en Marleen Veldhuis wil dat er een eind komt aan selectieve innovatie. „Het mag niet zo zijn dat materiaal het verschil maakt”, zei Verhaeren gisteren in Almere bij de overdracht van de olympische ploeg aan chef de mission Charles van Commenée.

Sinds de introductie in februari van de LZR Racer, het revolutionaire zwempak van fabrikant Speedo, is een vijftigtal wereldrecords verbeterd. „Er is een nieuwe standaard in de zwemsport”, aldus Verhaeren, die met het probleem werd geconfronteerd dat Van den Hoogenband, door contractuele verplichtingen met fabrikant Nike, zijn concurrenten niet langer gelijkwaardige tegenstand kon bieden. Sinds Nike hem de keus laat voor een zwempak is die scheve situatie rechtgetrokken en heeft de drievoudige olympisch kampioen weer hoop op een vierde gouden olympische medaille.

Verhaeren bepleit duidelijke richtlijnen voor de samenstelling en het materiaalgebruik van een zwempak, vooral met betrekking tot het drijfvermogen en de stabiliteit. Na ‘Peking’ wil hij daarvoor met het bestuur van de KNZB voorstellen formuleren en die aandragen bij de internationale zwemfederatie FINA. „Nu zijn de pakken van Speedo goedgekeurd door de FINA, maar niemand weet op grond van welke criteria. Het is ontzettend vaag. Ik wil de regels objectiveren. De Formule 1 is daarvan een mooi voorbeeld; in die sport is tot in detail beschreven wat wel en niet is toegestaan. Wat mij betreft komen er binnen een jaar richtlijnen voor de zwempakken, in elk geval voor de WK van volgend jaar in Rome.”

Verhaeren vindt het tijd worden de sport te beschermen tegen vrijbuiterij. Niet dat hij Speedo de ontwikkeling van een zwempak in samenspraak met de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA kwalijk neemt, maar hij verlangt van de FINA actie om te voorkomen dat de verschillen te groot worden. Die vrees deelt Verhaeren met collega-coaches. Mark Schubert, de hoofdcoach van de Amerikaanse zwemploeg, beweert dat het Speedo-pak twee procent verschil uitmaakt. „En dat kan geen zwemmer op topniveau zich veroorloven. Dan is de vraag: kies je voor geld of goud”, zei hij tegen een Britse verslaggever. En de Aus-tralische coaches Don Talbot en Forbes Carlile hebben volgens Verhaeren op de website swimnews.com zelfs geroepen dat de zwemsport op deze manier geprostitueerd wordt.

Ondanks alle opwinding over een zwempak ligt Van den Hoogenband volgens Verhaeren op koers voor ‘Peking’. Hoewel de ene na de andere concurrent op de 100 meter vrije slag onder de 48 seconden zwemt, ziet hij geen reden voor ongerustheid. Woensdag voegde de Amerikaan Jason Lezak zich bij die groep, door bij de Amerikaanse olympische trials in Omaha 47,58 te zwemmen, na de Fransman Alain Bernard (47,50) en de Australiër Eamon Sullivan (47,52) de derde tijd van het jaar. Verhaeren: „Pieter is goed voorbereid en heeft zijn keus voor een zwempak gemaakt. Nee, ik zeg niet welke, dat moet hij zelf doen. Maar hij zal er staan in Peking.”