Van straathoek naar webcam

De publieke vrouw is geprivatiseerd, aldus de Amerikaanse onderzoekster Elizabeth Bernstein in een studie naar commerciële seks in digitale, postmoderne samenlevingen.

Elizabeth Bernstein: Temporarily Yours. Intimacy, Authenticity and the Commerce of Sex. The University of Chicago Press, 292 blz. € 47,–

Wie de huidige discussie rondom de Wallen beziet na lezing van het boek Temporarily Yours, krijgt een diepgravende verklaring voor het verdwijnen van prostitutie uit het straatbeeld in de westerse samenlevingen.

In haar etnografische en sociologische studie naar veranderingen in de seksindustrie stelt Elizabeth Bernstein dat de seksindustrie groeit als nooit tevoren maar zich in een postindustriële cultuur – dankzij technologische ontwikkelingen als internet – in toenemende mate verplaatst van de straat naar de huiskamer. De straatprostituee is een sex worker geworden: een onderneemster die haar zaken vanaf thuis regelt en van daaruit werkt. In de huidige consumptiecultuur zorgt de recreatieve seksmoraal voor het vervagen van de grenzen tussen publiek en privé, en voor de toename van ‘middenklasse’-prostitutie.

Bernstein, universitair docent sociologie en vrouwenstudies aan Columbia University in New York, begon in 1994 met een onderzoek naar hervormingen van de juridische wetgeving rondom prostitutie in San Francisco. Ze bezocht bijeenkomsten van John Schools, hervormingsprogramma’s waar mannen die van een prostituee gebruik hebben gemaakt en door de politie op de bon zijn gezet, worden toegesproken over sociale misstanden, uitbuiting, regelgeving en seksverslaving.

Vervolgens plaatste ze in twee seksbladen een advertentie: ‘Heb je betaald voor seks? Zo ja, een vrouwelijke onderzoeker wil je graag interviewen. Bel alsjeblieft’. Het liep storm. Mannen waren bereid urenlang met haar te praten over hun ervaringen. Sommigen lieten weten dat het goedkoper was dan een psychotherapeut, anderen zagen het als een verbaal erotisch avontuur.

Niet alleen is er sprake van de ‘privatisering’ van de ‘publieke’ vrouw, stelt Bernstein, maar ook van de verplaatsing van voormalige ‘privé’-kwesties als emoties, authenticiteit en intimiteit naar de publieke markt. In de ‘recreational sex ethic’ kopen klanten ‘bounded authenticity’. De seksindustrie heeft zich in toenemende mate ontfermd over zaken ‘rondom’ seks: intimiteit, massages, het aanbieden van een ‘girl-friend experience’.

Bernstein deed in de loop van de jaren etnografisch onderzoek in Amsterdam, San Francisco en Stockholm. Ze combineert haar bevindingen van dat veldwerk met een aantal klassiek sociologische dilemma’s: is prostitutie gender violence of sex work en kunnen de prostituee en de klant het beter ‘normaliseren’ of ‘problematiseren’, legaliseren of niet?

Een van haar interessantste constateringen is dat de digitale revolutie niet per se slecht is geweest voor vrouwen. Ze beschrijft een voorbeeld uit Zweden waar de rollen van pooier en prostituee zijn omgedraaid: de vrouw ontvangt haar klant thuis en huurt een man voor een uur in om de wacht te houden.

Zweden en Nederland vormen juridische tegenpolen als het om de Europese houding ten aanzien van prostitutie gaat. Zweden richt zich op het criminaliseren van de bezoeker, Nederland op het decriminaliseren en legaliseren van de prostituee én het stevig aanpakken van de handel en van pooiers. Bernstein constateert in Nederland een ‘surrealistische’ mengvorm van legaliteit en illegaliteit (gedogen).

Nieuw is dit allemaal niet; interessanter wordt het als ze constateert dat beide landen een samenhangende ‘nationale identiteit’ creëren door het prostituerende lichaam te reguleren. In beide landen wordt de buitenkant opgeschoond en een schijnorde gecreëerd, door de publieke sekswerkers uit het straatbeeld te weren, maatregelen die illegaliteit en criminaliteit juist aanwakkeren – een mondiale trend.

Temporarily Yours is een boeiend, degelijk academisch boek dat historische en sociologische, etnografische en theoretische, filosofische en economische inzichten wil combineren. Dat is te veel tegelijkertijd; ook het overvloedige academische jargon werkt niet altijd verhelderend. Toch is het prettig dat Bernstein de complexiteit en omvangrijkheid van haar onderwerp niet schuwt. Dat geldt ook voor haar gecompliceerde rol als etnografisch onderzoeker.

De persoonlijke slotbeschouwing over methodologie vond ik een van de boeiendste delen van het boek. Wanneer word je van een ‘non-participant observer’ een ‘non- observing participant’? Participeren hield in dat ze met prostituees op straat liep (tot aan de deur van de auto) en politiepatrouilles heeft meegemaakt. Ze heeft zich verkleed als hoer om niet op te vallen terwijl ze haar etnografisch onderzoek deed (‘going native’), en om te ondervinden hoe mensen tegen je aankijken en hoe je door mannen benaderd wordt. Je zelf uitdossen als hoer is niet eens zo eenvoudig: ze werd er de eerste keer al uitgevist als ‘nep-hoer’ doordat ze de verkeerde kousen aan had en ongemakkelijk liep.

Volgens Bernstein speelt het whore stigma altijd een rol. Ze constateert dat mannelijke onderzoekers die veldwerk doen bij gangs, de male urban etnographers, ook gevaar lopen en risico’s nemen, maar iets hips of macho-achtigs krijgen door down under te gaan.

Dat klopt, denk ik. Jan Dirk de Jong, auteur van Kapot moeilijk, een etnografisch onderzoek naar groepsgedrag van Marokkaanse jongens, werd bij Pauw & Witteman gevraagd enkele kreten te laten horen die hij op straat had geleerd; hij kreeg er prompt iets stoers en heroïeks van.

Bernstein geeft het tegenvoorbeeld van de Amerikaanse sociologe en hoogleraar Lynn Chancer die onderzoek deed naar prostitutie. In een theoretische verhandeling vroeg ze zich af waarom je eigenlijk niet volledig participerend onderzoek zou doen en waar de grens van lichamelijke integriteit zich bevindt – iets wat ze vervolgens praktiserend probeerde te achterhalen. Ze kon haar academische carrière op haar buik schrijven.

Ik begon te wensen dat Bernstein met deze heldere, mooie, kwetsbare en gebalanceerde toon haar hele boek als een dergelijke zoektocht had geschreven in plaats van een academische exercitie over commerciële seks in een postmoderne samenleving. Misschien komt dat nog, als ze zich op een dag losweekt uit het academische keurslijf.