Strenge Tricky laat de romantiek niet toe

cd pop

Tricky: Knowle West Boy *****

2008 is een goed jaar voor de triphop-generatie. De muzikanten uit Bristol die halverwege de jaren negentig triphop (atmosferische hiphop) uitvonden, maken na jaren afwezigheid een comeback. Eerder dit jaar verraste Portishead met de cd Third die het triphop-idioom een grote stap vooruit hielp, binnenkort verschijnt een nieuwe cd van Massive Attack, en nu is het muzikant Tricky die laat horen dat hij meer kan dan liedjes componeren voor tv-series als CSI en The L Word. Tricky loopt nog altijd vooraan bij het ontwikkelen van vernieuwende klanken.

Adrian Thaws alias Tricky was altijd de minst typische ‘triphopper’. Hij hield ook van rock (met ‘Red Hot Chili Pepper’ John Frusciante), gebruikte zwaar vervormde elektronica en zocht voor iedere plaat nieuwe vrouwelijke co-zangeressen (zoals Björk en PJ Harvey). Zijn geest zweeft nog altijd vrijelijk door de muzikale genres, zo blijkt op zijn eerste cd in vijf jaar, Knowle West Boy.

In zijn songteksten verwerkte Tricky (40) herinneringen aan zijn tienerjaren toen hij opgroeide in de wijk Knowle West, in Bristol, als enige West-Indiër in een wit ‘getto’. Nummers als School Gate en Council Estate gaan over die tijd, over prille liefde en tienerzwangerschap.

Opvallend aan Knowle West Boy is de kaalslag. Op eerdere platen had Tricky zijn nummers volgestopt met geluidsflarden, nu is iedere klank effectief als een zweepslag. Een spaarzame harmonica in combinatie met enkele metalige drumslagen; één steelguitar getoonzet op een kreupel paardenritme; een bluesy pianoloopje als begeleiding voor Tricky’s machopraat, en steeds is er de hese stem van zangeres Lubna. Het is op angstaanjagende manier mooi hoe de rasperige grom van Tricky, de onschuld van Lubna lijkt te belagen. Zijn stem krijgt een echo in de elektronische suizingen die op hun beurt ook klinken als gehijg en gesteun. Dat geeft een beklemmend effect.

De genres gaan alle kanten op: een rocksong (C’Mon Baby), een dreigend, MIA-achtig strijdlied met zwoegende drumbeat (Veronika), een blues-achtig nummer (Puppy Boy) – maar allemaal klinken ze streng en uitgekleed. Want Tricky laat de romantiek niet toe. Of beter: hij ziet romantiek in een sfeer als van een verlaten autokerkhof, waar een man een vrouw hun ruzie uitvechten.