Kleinere printers, lagere kosten

Printerfabrikant Océ blijft snijden in de kosten om het hoofd boven water te houden. Tegelijkertijd wil het bedrijf meer dan alleen grote printers verkopen.

Een printer van 500.000 euro, waar je met gemak een woonkamer mee vult: apparaten als de Océ Varioprint 6250 zijn niet voor de massamarkt bestemd. De Venlose printerfabrikant merkt echter de gevolgen van de teruglopende specialistische markt in de Verenigde Staten: daar zijn minder bedrijven die prijzige productieprinters als de Varioprint kopen.

Océ is ook sterk afhankelijk van de nichemarkt voor grootformaatprinters. Volgens analist Wing-Yen Choi van zakenbank Theodoor Gilissen maakt Océ de meeste winst met gespecialiseerde printers voor bouwtekeningen en voelt het bedrijf de consequenties van de economische teruggang in de Verenigde Staten. „Maar ook in Spanje, het Verenigd Koninkrijk en de Scandinavische landen loopt de bouwmarkt terug”, zegt Choi.

Océ heeft het ergste dus nog gehad. Om te kunnen overleven is het bedrijf al geruime tijd aan het snijden in de kosten. Het verdwijnen van 600 banen, dat gisteren werd aangekondigd naar aanleiding van de halfjaarresultaten, is een uitbreiding van een bezuinigingsronde van 80 miljoen euro, die eerder dit jaar was aangekondigd. Daarbij waren ook al 350 arbeidsplaatsen geschrapt.

Het aandeel Océ, dat al een jaar lang waarde verliest, verloor gisteren 15 procent omdat de winst was gedaald met 70 procent in vergelijking met het tweede kwartaal van 2007. Volgens Choi is deze reactie enigszins overdreven: „Het is niet zo dat de winst ‘geïmplodeerd’ was, zoals ik ergens las. Het resultaat was vertekend doordat Océ de rekening voor de herstructurering voor de al aangekondigde ontslagen moest betalen.”

Bestuursvoorzitter Rokus van Iperen van Océ vertelde gisteren dat hij niet van plan is om te gaan snijden in de verkooptak. Elke verkochte printer levert immers een jarenlang servicecontract op. Wat dat betreft lijkt de printermarkt op die van scheerartikelen: de houder is goedkoop, het geld wordt vervolgens verdiend met de verkoop van scheerschuim en mesjes. Zo moet Océ het van papier en inkt hebben. Vandaar dat het ook een samenwerkingscontract met Konica Minolta afsloot. Die Japanse printerfabrikant maakt kantoorprinters, die door Océ-verkopers aan de man gebracht worden. Océ sluit vervolgens het onderhoudscontract en blijft de printers van papier en inkt voorzien. Omgekeerd verkoopt Konica Minolta de printers van Océ in combinatie met een eigen servicecontract.

Volgens Choi lijkt de samenwerking tussen Konica Minolta en Océ een logische keuze: „Aangezien Océ gespecialiseerd is in grote printers, zijn ze geen echte concurrenten van elkaar, maar vullen ze elkaar goed aan.”

Omdat het aandeel Océ nu erg laag staat, wordt er al gespeculeerd over een overname door Konica Minolta. Daarvoor is het nog te vroeg, vindt Choi: „Maar als na een jaar of vier, vijf blijkt dat de samenwerking tussen deze bedrijven succesvol is, zou het een mogelijkheid zijn. Tenslotte doen ze nu al hun distributie en research samen.”

Volgens bestuursvoorzitter Van Iperen is de jaaromzet van de printafdeling van Konica Minolta ongeveer 4 miljard euro. „De jaaromzet van Océ is ongeveer 3 miljard euro. We kunnen elkaar dus in de ogen kijken.” Van overnamegesprekken is echter geen sprake, zegt Van Iperen.

Ook al heeft Océ het merendeel van zijn productiecapaciteit verplaatst naar lagelonenlanden, het hart van het bedrijf blijft in Venlo, benadrukte Van Iperen gisteren tijdens de presentatie van de halfjaarscijfers. Volgens Van Iperen zal het zwaartepunt van het bedrijf in Limburg blijven, omdat er intensieve afstemming nodig is tussen ontwikkelaars van de chemische en elektronische componenten van geavanceerde printers.

Verbetering van de distributie is ook het doel van een recente overname van Océ: het kocht onlangs het Franse bedrijf Intersoft, dat software maakt waarmee supermarkten hun wekelijkse aanbiedingen printen. Choi: „Uiteindelijk probeert Océ zo meer plekken te vinden waar het zijn printers neer kan zetten en servicecontracten kan afsluiten.”