EU wordt niets zonder de burgers

Serieuze gekkigheid, daar is Frankrijk altijd beter in geweest dan wij. Zit de Europese Unie weer eens in het slop? Heeft de Ierse afwijzing van het Hervormingsverdrag het Europese zelfvertrouwen een nieuwe knauw gegeven? Voor Parijs is dat geen reden zich niet mooi op te doffen, nu Frankrijk het voorzitterschap van de Unie bekleedt.

De stad van het licht heeft de hele Eiffeltoren voor de gelegenheid elegant gekleed in Europablauwe verlichting, met om haar lange nek een collier van de twaalf Eurosterren. Miljoenen toeristen, eurosceptisch of niet, zullen op weg naar de Midi vast en zeker Parijs aandoen om dit esthetische spektakel met eigen ogen te zien.

Stel je voor dat iemand in Nederland op zo’n idee was gekomen. De Kamer was meteen teruggeroepen van reces. Alle sportfilosofen op tv zouden plaats moeten maken voor zorgelijke analisten van de Nederlandse ziel en patriottistische politici. En de straten zouden rood-wit-blauw kleuren, of, goedkoper, net als een maand geleden weer oranje.

Nu hebben we geen Eiffeltoren, maar op het paleis op de Dam kun je ook wat blauwe spotjes zetten. Het zou snel gedaan zijn met de monarchie, die tóch al in de kwade reuk staat Europese samenwerking onvermijdelijk te achten.

In Frankrijk is Europa óók niet populair, heel wat minder nog dan in Nederland. Maar de politieke leiding erkent er onomwonden dat Europese integratie een realiteit is en een goed functionerende Unie een noodzaak. En dat terwijl – volgens peilingen van de zogeheten ‘Eurobarometer’ van afgelopen maand – minder dan de helft van de Fransen (48 procent) gelooft dat het lidmaatschap van de Unie goed is voor hun land.

Hoeveel Nederlanders geloven dat de EU goed is voor hun land? Meer natuurlijk dan de Britten (30 procent), meer ook dan de Italianen (39 procent) en zelfs meer dan de Duitsers (60 procent) en de Polen (65 procent). Het kleine land dat in 2005 per referendum zo hardgrondig ‘nee’ zei, en het waarschijnlijk weer zou doen als het daar de kans toe kreeg, staat helemaal bovenaan: liefst 75 procent van de Nederlanders vindt het EU-lidmaatschap nuttig.

Zijn we dan toch nuchterder dan we onszelf de afgelopen jaren hebben wijsgemaakt? Je zou het wel denken, als je het opinieonderzoek verder leest. Nergens heeft men zo weinig geloof in het bestaan van zoiets vaags als gemeenschappelijke ‘Europese waarden’. Maar zestig procent van de Nederlanders vindt dat de EU de burger in staat stelt beter te profiteren van de globalisering, en 59 procent dat de EU bescherming biedt tegen de negatieve gevolgen van de globalisering.

Dat wil niet zeggen dat het tij van euroscepsis gekeerd is. Ook de Ieren geloven massaal (73 procent) dat de EU goed is voor hun land – en toch willen ze van het Hervormingsverdrag niets weten. Veel Europese burgers zien nut en noodzaak van de EU wel in, maar al hun haren gaan overeind staan van de manier waarop ze moeten instemmen met de complexe hervorming van dat complexe bouwwerk. Wie niet akkoord gaat moet maar nóg eens stemmen of riskeert politiek isolement. Het doel heiligt kennelijk de middelen.

Zo’n opstelling versterkt het vertrouwen in het democratische gehalte van de Europese Unie niet. Voorstanders van het Hervormingsverdrag zouden er, uit pure verontwaardiging over de minachting voor de kiezer, zelfs tegenstemmers van kunnen worden.

In een provocerend boekje, L’Europe malade de la démocratie, stelt de Franse auteur Philippe Riès dat het probleem van de Europese Unie is dat ze juist té democratisch is. Europa is altijd een ondemocratisch eliteproject geweest, zegt hij, de tragedie is dat dit niet langer het geval is. De Frans-Duitse verzoening na de oorlog was alleen mogelijk doordat politici de wederzijdse haat onder de bevolking negeerden.

Jaren heeft het grote Europese project zich zo kunnen ontwikkelen. Maar naarmate de hele onderneming politieker wordt, leggen de burgers zich er minder bij neer.

Terecht roepen politici dat een verbrokkeld Europa zwak staat in een wereld waar de nieuwe grootmachten China, India en Microsoft heten. Maar het is niet voldoende dat de burgers in te peperen. Ze weten dat wel, maar het neemt hun weerstand niet weg.

De Europese burger zal verzoend moeten worden met het idee dat de opzet van de EU aangepast moet worden aan de nieuwe tijd. In zijn eigen belang. Want de hervorming van de Europese instituties mag urgent zijn, het winnen van het vertrouwen van de bevolking voor een uniek politiek experiment is dat ook.

Juurd Eijsvoogel is redacteur van NRC Handelsbad.