De verlegen teckel

Deze week logeert neef Vincent bij Tobias. Hij is zo verlegen dat iedereen hem Vincent Verlegen noemt.

„Als je niet wil praten, hoef je niet te praten”, zegt Rintje.

„Misschien kunnen we een spelletje doen zonder woorden”, zegt Henriette. „Het heet hints. Je moet iets uitbeelden zonder te praten en de anderen moeten raden wat het is. Ik begin wel.”

Eerst lijkt het alsof Henriette in een kom roert. Dan giet ze iets over, schudt het heen en weer, gooit het heel hoog in de lucht en vangt het weer op.

„Tennissen?” vraagt Tobias.

Nee, schudt Henriette.

„Ik weet het!”, zegt Rintje. „Pannenkoeken bakken!”

„Goed!” roept Henriette.

Nu is Vincent aan de beurt om iets uit te beelden. Hij durft bijna niet, maar gaat toch op zijn achterpoten staan. Met zijn voorpoten zwaait hij zachtjes heen en weer in de lucht.

Bij alles wat Henriette, Tobias en Rintje raden, schudt Vincent nee. Opeens verliest hij zijn geduld en roept: „Boom! Ik ben een boom!”

„Een kletsende kastanje!”, gilt Henriette. „Zie je wel! Je kan het best!” Nu moeten ze allemaal lachen. Zelfs Vincent! EINDE