‘De laatste roker’

Al weken wordt Nederland overspoeld door het larmoyante gemekker van rokers die het maar niet kunnen verkroppen dat ze voortaan op het terras of op het strand moeten zitten. Het geweeklaag over betutteling en vertrutting zou je bijna doen vergeten dat het wél mogelijk is op een aanstekelijke manier te schrijven over roken.

Dat is precies wat Willem Fredrik Hermans deed in een van zijn laatste boeken voordat zijn longen het in 1995 begaven: de verhalenbundel De laatste roker (De Bezige Bij, € 12,50). In het titelverhaal (uit 1990) geeft Hermans een sarcastische kijk op het leven in Nederland anno 2021: roken is aan banden gelegd, Engels is verplicht gesteld als voertaal en Nederlandse namen zijn verboden. Dus loopt de bijna 85-jarige hoofdpersoon Vroeginderwey (Early in the Meadow, volgens zijn identiteitsbewijs) over het Oldside Behindbulwark om een prostituee te bezoeken voor een praatje. Hij krijgt er meer dan dat. Ze geeft hem een Gauloise en hij raakt bij de aanblik meteen in hogere sferen: ‘Geen enkele sigaret had ooit zo veel nicotine en teer bevat als de Gauloise: nicotine 1,37 mg, teer 18,2 mg’.

Hermans was er de schrijver niet naar om dit goed af te laten lopen. In de van bruinkooldamp en uitlaatgassen vergeven straat wacht Vroegindewey op de bus en dan kan hij zich niet meer inhouden: hij doet zijn mondkapje af en steekt de Gauloise op. Al na één trekje stopt er een politiebusje: arrestatie volgt, agente rookt Gauloise goeddeels op, arrestant wordt na enige tijd weer vrijgelaten. Hij heeft dan alleen het papier van zijn verloren Gauloise nog: ‘Hij [...] verfrommelde het aan een rand zwart geschroeide papiertje tot een propje dat hij tersluiks in zijn mond stak. Dat was nog iets, tenminste. Het smaakte werkelijk naar teer.’

De rokerszelfspot die uit die passage spreekt, leek de afgelopen weken even zeldzaam als een tweede Gauloise voor Vroegindewey. Hermans heeft zich zichtbaar vermaakt met het schrijven van De laatste roker, waarin hij ook nog een dialoog met een veeldrinkende geestelijke opnam over de ondoorgrondelijke wegen van de Schepper: ‘Vijfhonderdeenentachtig jaar nadat God Zijn Eigen Zoon als joodse jongen naar de aarde gestuurd had om de mensen de Waarheid te verkondigen, stuurde Hij ook nog een Arabier om ze te vertellen dat het toch de volle waarheid niet was geweest.’

Behalve het titelverhaal staan er nog 19 verhalen in De laatste roker, in een onuitgesproken verwijzing naar het pakje Gauloises op het omslag. ‘20 cigarettes’, staat daarop. Het pakje is leeg, dat wel.

Arjen Fortuin