Turkije onderzoekt hadith op merites

Turkije onderwerpt de overleveringen rond de profeet Mohammed aan een tekstkritisch onderzoek. ‘Teksten die negatief zijn over vrouwen, horen per definitie niet thuis in de hadith.’

Even zucht professor Saim Yeprem. „Natuurlijk zijn er overleveringen rond de profeet Mohammed die vrouwonvriendelijk zijn”, zegt de hoogleraar godgeleerdheid dan. „Een van de overleveringen zegt zelfs dat vrouwen duivels zijn. Maar die kan niet correct zijn want in de Koran wordt uitgegaan van de gelijkwaardigheid van man en vrouw. Die hadith kun je zo weggooien.”

Yeprem maakt deel uit van de Turkse commissie die de hadith, overleveringen over uitspraken en gedrag van de profeet Mohammed, aan een kritisch onderzoek onderwerpt. Geen geringe klus want er zijn honderdduizenden hadith. In december moet de eerste fase van het project zijn afgerond. „Dan hebben we 250.000 overleveringen bekeken”, zegt de hoogleraar. De hadith vormen na de Koran de belangrijkste bron voor islamitisch recht (dat niet in Turkije van kracht is) en islamitische leefregels. Professor Yeprem onderstreept: „Er is een passage in de Koran die zegt: als de profeet zegt dat je iets moet doen, doe het dan, als hij zegt dat je het niet moet doen, doe het dan niet”.

Het probleem is alleen dat niet duidelijk is welke overleveringen authentiek zijn en welke niet. „De profeet wilde niet dat men de overleveringen opschreef omdat hij niet wilde dat de tekst van de Koran gecorrumpeerd zou worden”, zegt Yeprem. „Pas lang na zijn dood kregen ze schriftelijk vorm.”

Mede daarom kun heb je overleveringen in alle soorten en maten. Naast de al eerder genoemde vrouwonvriendelijke hadith is er ook de volgende. „Op een dag gaf de profeet onderricht over de islam”, vertelt Yeprem. „Er waren zowel mannen als vrouwen. De vrouwen nu stelden enthousiast vragen.” Zo enthousiast deden ze dat, dat de mannen in het gezelschap geïrriteerd raakten en de vrouwen opriepen het wat kalmer aan te doen. „Maar de profeet prees de vrouwen juist”, zegt Yeprem „omdat ze hun schuchterheid overwonnen in hun verlangen alles over het geloof te weten te komen.”

Is kritisch onderzoek van de Turken van de overleveringen niet een mooie term om te verhullen dat Turkije de islam wil hervormen en op een liberaler spoor wil zetten? „Het gaat hier om onderzoek met wetenschappelijke methoden”, zegt Yeprem, „Er is één islam, er is hier absoluut geen sprake van hervorming.” Hij zegt het nog een keer. „Geen hervorming.” Dan buigt hij voorover naar zijn computerscherm en tikt een paar trefwoorden in. „Kijk”, zegt hij dan en wijst op een lijst boeken die op het scherm is verschenen. „Er wordt al meer dan duizend jaar onderzoek gedaan naar de authenticiteit van de hadith. Zolang de wetenschap voortschrijdt, zal dat onderzoek doorgaan.”

De hoogleraar ziet uiteindelijk toch ook wel de vernieuwende kant van het Turkse project. „In de Arabische wereld werd 500 jaar geleden een selectie gemaakt uit de hadith en die is nu nog steeds geldig.” Maar hoe zullen de strikte Saoedische moslims reageren als Yeprem alle vrouwonvriendelijke overleveringen uit de hadith haalt? „Binnen de islam heb je allerlei soorten en maten”, zegt hij diplomatiek. „Dat is binnen het katholicisme ook zo. Is er niet een groot verschil tussen katholieken in Nederland en katholieken in Zuid-Amerika. De problemen in Saoedi-Arabië zijn politiek van aard, niet religieus”.

Al die relativerende woorden nemen natuurlijk niet weg dat het Turkse project Turkije in de ogen van veel moslims in de wereld ferm aan de liberale kant van de islam plaatst. Dat is niet voor het eerst. Het Ottomaanse Rijk kende al bepalingen in het erfrecht die bepaald vriendelijk waren voor vrouwen. Hervormingen in de 19de eeuw legden de basis voor de vernieuwingen ten tijde van de Republiek. Atatürk, de vader van de Republiek, wilde Turkije zo dichter bij Europa wilde brengen. Europa was modern, seculier, rationalistisch en gericht op de wetenschap dus Atatürk wilde de islam in die richting bijbuigen.

Zo werd de oproep tot het gebed enige tijd in Turkije in het Turks gehouden – een absolute doodzonde in veel conservatieve Arabische ogen. Nog steeds onderstrepen de leiders van het directoraat-generaal Religieuze Zaken, formeel een deel van het Turkse staatsapparaat, dat de kern van de islam altijd en overal hetzelfde is maar dat die kern wel naar de moderne tijden vertaald moet worden.

Zo liet Mehmet Nuri Yilmaz, die enige jaren geleden aan het hoofd van dat directoraat stond, weten dat vijf keer per dag bidden niet altijd haalbaar was en dus niet per se noodzakelijk. Zakenlieden met een druk schema mogen minder dan vijf keer bidden – zolang dat gebed maar zo intens en gemeend is dat het, bij wijze van spraken, de kracht van vijf keer bidden heeft.

Professor Yeprem staat echter liever stil bij de wetenschappelijke merites van het project. Zo vertelt hij graag over de misverstanden over de overleveringen die ontstaan zijn omdat er te letterlijk werd vertaald. „In een van de overleveringen staat dat de moslims in 72 groepen verdeeld zullen worden. Dat is veel te letterlijk verteld, bedoeld wordt simpelweg dat de moslims verdeeld zullen worden.”

De professor trekt zelfs een vergelijking met modern onderzoek naar Shakespeare dat, door de toenemende wetenschappelijke kennis van diens tijdsgewricht en de taal die toen werd gesproken, steeds dieper in diens literaire werk doordringt. „Zolang de wetenschap voortschrijdt, zal de visie op de hadith veranderen”, zegt hij nogmaals. „Niets staat voor altijd vast.”