Mbo en hbo weigeren lerarenakkoord te ondertekenen

DEN HAAG. Het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) en de hogescholen (hbo) zetten toch geen handtekening onder het akkoord met de vakbonden en onderwijsminister Ronald Plasterk om de salarissen van leraren te verhogen. Dat hebben de koepelorganisaties MBO-raad en de HBO-raad gisteren bekendgemaakt. Van de 1 miljard euro die minister Plasterk heeft uitgetrokken voor het verbeteren van de positie van leraren, gaat 26 miljoen naar de hogescholen. Volgens voorzitter Doekle Terpstra van de HBO-raad blijkt uit recent onderzoek dat dat bedrag niet genoeg is om de salarissen naar de eisen van de vakbonden te verhogen. De weigering van de koepels betekent dat leraren op mbo-scholen en hogescholen op termijn in totaal 170 miljoen euro aan loonsverhoging mis kunnen lopen. Deze miljoenen waren bedoeld om het vak van leraar aantrekkelijker te maken. Minister Plasterk (Onderwijs) noemt het ”eigenaardig” dat de MBO-raad en de HBO-raad zich terugtrekken, omdat zij wel hun handtekening onder het eerdere onderhandelaarsakkoord hebben gezet. Ook keurden de achterbannen van de koepelorganisaties deze overeenkomst al goed. Bovendien hebben de twee organisaties hun standpunt slechts enkele uren voor de officiële ondertekening bekendgemaakt.