Julidans: veel rook en speels gekruip

Dans Opening Julidans: Hofesh Shechter met Uprising/In Your Rooms en Milan Tomášik met Within. Gezien: 1 juli, Amsterdam. Herhaling vanavond. Info 020-6242311 en www.julidans.nl

Het was gisteren feestelijk in de Amsterdamse Stadsschouwburg. Op de openingsdag van de achttiende editie van Julidans werd bekend dat het Nederlands Fonds voor de Podiumkunsten (NFPK) het dansfestival een dubbeldikke portemonnee gunt. Reden tot vreugde bij de festivaldirectie én bij het publiek, dat de komende jaren natuurlijk resultaten verwacht.

Er waren bovendien warme woorden van Wim Pijbes, die zijn eerste werkdag als directeur van het Rijksmuseum afsloot door zich bij het dansminnende deel van de hoofdstedelijke kunstwereld te voegen. In zijn openingsspeech opperde hij, enigszins schertsend, een plannetje voor de heropening van ‘zijn’ museum. Iets met fietsen, de onderdoorgang en een serenade van fietsbellen. Het gaf wel aan dat Pijbes al helemaal thuis is in de stad.

Daarna was het de dans die mocht spreken. In Uprising van de Israëliër Hofesh Shechter doet hij dat met een stevig, modern bewegingsidioom vol urban elementen. De stijlen haken op een mooie manier in elkaar en worden aantrekkelijk in de ruimte gezet – waar vind je ze nog, jonge choreografen die iets met groepsformaties doen? Het speelse gekruip, de stoeipartijtjes, ongepolijste sprongen en het swingende groepswerk roepen een beeld op van ravottende jongens (maar áárdige jongens) die elkaar kameraadschappelijk bevechten.

Een aangename verrassing dus, de hier nog onbekende Shechter, ook al omdat Julidans zich doorgaans richt op dans met een meer theatrale inslag. Uprising levert weliswaar, net als het langere In Your Rooms, mooie plaatjes op met veel rook, strijklicht en suggestieve black outs, maar vooral het tweede stuk zou een theatraal kader wel kunnen gebruiken. De choreografie voor zes mannen en vijf vrouwen is ritmisch zwakker dan het eerste werk, waar het qua opbouw, vormgeving en bewegingen sterk op lijkt – én op het werk van de Israëlische topchoreograaf Ohad Naharin, bij wie Shechter korte tijd danste.

Hoe goed de dansers ook zijn, na een kwartier weet je het wel. Dan begint het illustratieve van de beweging wat te irriteren en zit je een half uur te wachten op een wending, een ontwikkeling. Even is daar hoop op, als een van de dansers met een tekstbordje uit Bob Dylans videoclip van Subterranean Homesick Blues („Don’t Follow Leaders”) aan de rand van het toneel gaat staan, maar dat loopt uit op een flauwe grap: op de keerzijde staat: „Follow me!” Jammer dat er niet twee meer uiteenlopende werken zijn gepresenteerd. Deze double bill is lekker, maar vult niet echt.