Het succes van de surge

Is de surge, de versterking van de Amerikaanse troepen met tegen de 30.000 man onder leiding van generaal Petraeus, een succes? Het hangt ervan af wie het antwoord geeft.

In 2006 woedde in Irak een burgeroorlog. In de chaos sloegen misdadigers hun slag. De opbouw van een nationaal leger leek te stranden in corruptie en desertie. De tussentijdse verkiezingen in dat jaar werden beschouwd als een referendum over Irak en de Republikeinen verloren. Een speciale commissie onder leiding van James Baker die in de regering van Bush sr. minister van Buitenlandse Zaken was geweest, kwam tot de conclusie dat een surge moest worden afgeraden.

De president liet zich door dit alles niet van zijn nieuwe plannen afbrengen. De surge ging door en voor- en tegenstanders zijn het er nu min of meer over eens, zij het in uiteenlopende toonaard, dat de onderneming geslaagd is. Daarmee hebben de Republikeinen en in het bijzonder de neoconservatieven een krachtig argument in de verkiezingsstrijd gekregen.

Een goed voorbeeld van hoe dit wordt gebruikt, geeft David Brooks, de conservatieve columnist van The New York Times.

Geschiedenis, schrijft hij, is een ingewikkelde zaak. Een eigenschap die onder bepaalde omstandigheden de oorzaak van een ramp kan zijn, blijkt in een andere situatie een zegen. En nu is het de beurt aan de arrogante tegenstanders van de oorlog om te ervaren hoe het is om door het stof te kruipen. Nu moeten ze toegeven dat Bush, die sukkel, ook nog tot iets goeds in staat is. De dappersten zullen misschien zelfs toegeven dat, als Amerika zich toen, in 2007, uit de chaos had teruggetrokken, de wereld er slechter aan toe was geweest dan vandaag. Dat het nu weer goed gaat is aan de koppige moed van de president te danken.

De politiek is een bedrijf dat zonder haat, rancune en leedvermaak niet mogelijk is. En in één opzicht heeft Brooks gelijk. Nadat in de loop van drie jaar het bevrijde Irak in een bloedige chaos was veranderd, heeft de surge het land weer vooruitgeholpen.

Geschiedenis is een ingewikkelde zaak, dat is waar. Het is een verhaal dat nooit tot een afgeronde, onbestreden conclusie zal komen. Maar wie één keer liegt, blijft een leugenaar en wie één keer bewust de waarheid vervormt om zijn doel te bereiken, blijft een misleider.

In het voorspel tot de oorlog in Irak hebben Bush en zijn neo’s alles gedaan om de wereld ervan te overtuigen dat Saddam Hussein massavernietigingswapens had, banden met Al-Qaeda onderhield, uranium in Niger wilde kopen. Allemaal bewezen onzin. De oorlog begon onder valse voorwendselen. In vijf en een half jaar hebben meer dan honderdduizend Irakezen het leven verloren, zijn er twee miljoen gevlucht, en zijn meer dan vierduizend Amerikaanse soldaten gesneuveld.

In de voorbereidingen tot de preventieve oorlog heeft de Amerikaanse regering het Atlantisch bondgenootschap zwaar beschadigd. De Fransen en Duitsers wilden niet meedoen, gaven er de voorkeur aan het Irak van Saddam Hussein in containment te houden, een beleid dat toen al twaalf jaar met succes was gevolgd. Ze werden door de media van de Bushisten plat en ongenadig uitgescholden.

De oorlog gaf de Amerikaanse wereldpolitiek nieuwe prioriteiten. De strijd tegen Al-Qaeda in Afghanistan werd als gewonnen beschouwd, de wederopbouw van dit land werd verwaarloosd. Zeer voorbarig. Sinds jaren vechten de Amerikanen en de troepen van de NAVO tegen de gereorganiseerde Talibaan. In de International Herald Tribune van vandaag staat een politieke tekening. Bush heeft het verhuisbericht van Al-Qaeda gekregen. Osama steekt zijn hand op, in de andere houdt hij een bom. ‘Kom bij ons op bezoek. We wonen nu in Pakistan’. Het is niets anders dan theorie, maar probeer je voor te stellen hoe Afghanistan er nu aan toe zou zijn als al het geld en de energie dáár was geïnvesteerd in plaats van in Irak.

Het succes van de surge wordt, zoals uit de column van David Brooks blijkt, gebruikt om ten behoeve van de Republikeinen de geschiedenis te herschrijven. Hij is de enige niet. De media van Rupert Murdoch, Fox News, The Wall Street Journal, de New York Post voeren met stijgende intensiteit een campagne om het complex-Irak als een doorslaand historisch succes van de president te verkopen. Zullen de kiezers zich door dit revisionisme laten overtuigen?

Op nummer twaalf van de bestsellerslijst van The New York Times staat het boek The Prosecution of George W.Bush for Murder, geschreven door Vincent Bugliosi. Hij is een in Amerika bekend jurist, heeft naam gemaakt als openbaar aanklager in het proces tegen Charles Manson en een boek geschreven over O.J. Simpson die volgens hem in de gevangenis hoort. Nadat het Hooggerechtshof Bush bij het staken van de stemmen en de opperste verwarring in Florida aan zijn eerste ambtstermijn had geholpen, heeft hij een essay geschreven, None Dare to Call It Treason, waarin hij betoogt dat de vijf opperrechters die vóór hadden gestemd, in de cel zouden zitten als er een wet tegen het stelen van de verkiezingen was geweest. Alleen doordat het Congres nooit heeft kunnen vermoeden dat er zoiets zou gebeuren, is er geen wet en lopen ze vrij rond. Maar, schrijft Bugliosi herhaaldelijk, misdadigers blijven ze. Nu is hij van mening dat het tot een impeachment moet komen en dat de president wegens moord terecht moet staan.

Is Bugliosi een scherpslijper? Het is maar van welke kant je het bekijkt. Tot eventueel het tegendeel is bewezen, moet je aannemen dat de president te goeder trouw gehandeld heeft. Maar dat zegt niets over zijn staatsmansintelligentie.

Laten we afspreken dat de surge een succes is. Dan doet het denken aan het Turkse spreekwoord waarin erop wordt gewezen dat een stilstaande klok toch nog altijd tweemaal per etmaal gelijk heeft.

Reageren kan op nrc.nl/hofland (Reacties worden openbaar gemaakt na beoordeling door de redactie)