Eerst hardlopen, dan trainen

Hamilton doet aan fitness, bergbeklimmen, hardlopen, zwemmen en wielrennen.

Om zijn nekspieren te trainen, loopt hij ook met een zware helm op zijn hoofd.

Fitnessen, bergbeklimmen, hardlopen, zwemmen en wielrennen en dat vier tot zes uur per dag en vijf dagen in de week. Zo ziet het programma van Formule 1-coureur, Lewis Hamilton eruit. ’s Ochtends om zeven uur begint de 23-jarige Engelsman met een rondje hardlopen. „Niet hard, gewoon een beetje rennen om goed wakker te worden. Daarna begint het echte trainen”, verklaarde hij gisteren tijdens een presentatie in Amsterdam.

Want Formule 1 is topsport. „Dat realiseren veel mensen zich niet”, zegt Armand Caenen, fitnesstrainer van verschillende autocoureurs. Hij trainde onder anderen Christijan Albers en Jos Verstappen. „De hartslag van een coureur kan tijdens de race oplopen tot 180 slagen per minuut.” Dat is veel hoger dan bij bijvoorbeeld voetballers en hardlopers, bij wie de hartslag in een wedstrijd stijgt naar 150 tot 160 slagen per minuut. De hartslag van wielrenners is met 140 tot 150 slagen nog iets lager. „Die hoge hartslag bij autocoureurs ontstaat door spanning over bijvoorbeeld de start die goed moet verlopen. Ook kan de hartslag bij het remmen omhoog schieten. Wanneer een coureur remt, zakt het bloed namelijk van het hoofd naar de voeten, het lichaam wil dat gelijk herstellen en pompt dan extra bloed”, zegt Caenen.

Behalve een hoge hartslag moet de coureur van McLaren ook rekening houden met de versnellingskrachten. „Tijdens het remmen in de bochten ondervindt een coureur soms vier tot vijf keer de zwaartekracht. Dat voelt aan alsof je hoofd vier of vijf keer zo zwaar wordt. Een hoofd is gemiddeld vijf tot zes kilo dus dat betekent dat het hoofd in een bocht wel dertig kilo kan wegen. Een coureur moet dus sterke nek- en rugspieren hebben.” Hamilton traint die spieren door middel van krachttraining, maar thuis heeft hij ook een helm met daarop een gewicht van ongeveer tien kilo. „Die zet ik dan op om wat extra nekspieren te kweken.”

In de race moet de coureur ook rekening houden met uitdroging. In anderhalf uur valt Hamilton gemiddeld drie kilo af door vochtverlies. „Tijdens de race in Maleisië is dat door de warmte zelfs vier kilo. Het is alsof je anderhalf uur in de sauna staat te fitnessen, loodzwaar”, legt Hamilton uit. „Als ik op zondag moet trainen begin ik vanaf woensdag al extra te drinken en dat houd ik dan vol tot zaterdag. Een paar uur voor de race, vanaf een uur of tien ’s ochtends, moet er dan nog twee tot vier liter bij. Dat is soms echt niet te doen. Voordat ik in mijn auto stap moet ik dan een keer of drie naar het toilet.”

Lachend voegt hij eraan toe: „Gelukkig hoefde ik nog nooit tijdens de race, want we hebben daar geen potje voor ofzo. David Coulthard is dat wel een keer overkomen. Hij heeft het toen gewoon in zijn pak gedaan.”

Maar niet alleen de fysieke kant is van belang. „Mentaal moet ik ook sterk zijn. Toch heb ik geen mental coach, ik heb mijn familie, die staat altijd voor mij klaar.” Anthony Hamilton, de vader van Lewis, beaamt dat. „Wij zijn er altijd voor hem, als het goed gaat, maar ook als het minder gaat. Daarom ben ik ook bij al zijn wedstrijden aanwezig. Ook zijn moeder reist mee naar de wedstrijden binnen Europa. We proberen hem altijd te steunen. Als hij in de put zit, halen wij hem er weer uit. Maar ik moet eerlijk zeggen dat Lewis positief is van zichzelf, ook al gaat het wat minder.”

Vorig seizoen debuteerde Hamilton in de Formule 1 en werd hij in het eindklassement direct tweede. In heel het seizoen zakte hij niet weg uit de topdrie. Dit seizoen gaat het met minder goed dan afgelopen jaar. Na acht races staat hij op de vierde plaats in het klassement. Hij blijft positief. „Er zijn nog tien races te gaan dus er is nog niets verloren.” Komende zondag heeft de Engelsman een thuiswedstrijd op het circuit van Silverstone. „Dat is gaaf. Al het publiek komt voor jou en dat geeft veel vertrouwen. Ik ben er, zoals altijd, klaar voor.”