Een plek om even tot rust te komen

Bedrijven zijn best bereidwillig om bidruimtes in te richten voor werknemers. Maar gelovigen durven daar vaak zelf niet om te vragen.

‘Our values honour God’, zo begint het mission statement van een grote bottelarij van Coca-Cola in Charlotte, Amerika. Volgens The Charlotte Observer, de plaatselijke krant, kunnen de werknemers van dit bedrijf zelfs praten met een dominee op de werkvloer en bijbelstudie volgen onder lunchtijd.

Zo’n indringende aanwezigheid van religie op de werkvloer zul je niet snel tegenkomen in een Nederlands bedrijf. Toch blijkt uit verschillende onderzoeken de behoefte van de Nederlandse werknemer om religieus actief te zijn op het werk.

Neem de christelijke werknemers. Maarten Pijnacker Hordijk is coördinator bedrijfsbidstonden en oprichter van de website bedrijfsgebed.nl. Hij inventariseert jaarlijks hoeveel bidkringen, christelijke medewerkers die bijeen komen om te bidden, op het werk worden gehouden. Volgens de telling van dit jaar komen de gelovigen op 250 werkplekken in Nederland bij elkaar voor een bidstonde. Een record, sinds Hordijk is begonnen met registreren in 1996. Hordijk legt uit: „Steeds meer christenen ontdekken dat hun geloof ook in hun werksituatie goed van pas komt. En dat je daar tegenwoordig rustig voor kunt uitkomen.”

Onderzoeksbureau Motivaction kwam vorige maand met de resultaten van een onderzoek onder Marokkaanse moslimjongeren tussen de 15 en 25 jaar. Bij het zoeken naar de ideale baan kijken zij vooral naar de inhoud van het werk. Maar voor 17 procent van hen is de aanwezigheid van bidruimte het belangrijkste aspect. Belangrijker dus dan de hoogte van het salaris.

Een rondgang langs enkele grote bedrijven leert dat het inderdaad vooral islamitische werknemers zijn die de behoefte aan een gebedsruimte uitspreken.

Max Vermeer is manager diversiteit bij energiebedrijf Nuon. Bij hem kunnen medewerkers aankloppen met een dergelijke wens. „Wij staan absoluut niet negatief tegenover religieuze werknemers die dat op de werkvloer willen uiten”, vertelt Vermeer. „Omdat wij hebben gezien dat de betrokkenheid van werknemers stijgt als je hen zichzelf laat zijn. Als de wens daar dus is dan zorgen wij voor de faciliteiten.” Het hoofdkantoor van het energiebedrijf in Amsterdam beschikt dan ook over een gebedsruimte voor zijn werknemers.

Ook het computerbedrijf IBM heeft een van zijn ruimtes ingericht als stilteruimte waar mensen zich kunnen terugtrekken. „Wij hechten hier belang aan omdat wij een afspiegeling van de maatschappij willen zijn”, zegt Jelmer Letterie, woordvoerder bij IBM. „Bovendien hebben wij vaak buitenlandse werknemers die voor een tijd in Nederland zitten en van hen kun je niet verwachten dat zij zich aan de christelijke cultuur aanpassen.” Een dergelijk standpunt wordt ook ingenomen door ABN Amro en Unilever.

De Commissie Gelijke Behandeling oordeelde in een advies van 2004 dat de werkgever tot op zekere hoogte verplicht is de werknemer de gelegenheid te geven om te bidden, maar daar wel voorwaarden aan mag stellen. Bijvoorbeeld dat de werknemer zijn religieuze plicht in de pauze uitvoert. En een bidruimte hiervoor inrichten, hoeft de werkgever ook niet.

Ondanks de bereidwilligheid bij veel bedrijven om een bidruimte te creëren, denkt Nathal Dessing, onderzoeker bij het ISIM (Instituut voor de Studie van de Islam in de Moderne wereld) dat de groep moslims die ook echt op het werk bidt klein is. „Ze geven aan dat ze dat graag willen, maar de stap om naar de baas te gaan en te vragen of ze op het werk mogen bidden is vaak toch te groot. Het is een afweging die ze maken. Hoe belangrijk vinden ze het bidden? En hoe makkelijk is de werkgever hierin? Veel werkgevers zien bidden als iets persoonlijks dat thuis hoort. De meeste moslims kiezen er dan voor om de gebeden op te sparen en thuis uit te voeren.”

Het is vooral een kwestie van lef, zo geeft de ingenieur Khalid Daoudi (26) aan. Hij is moslim en zou graag willen bidden op het werk maar durft dat niet aan te kaarten. „Ik werk er pas en weet niet hoe zij zullen reageren.”

Hendrik Jan Bakker (41), die op een advocatenkantoor in Den Haag werkt, heeft een andere oplossing. „Ik heb meteen tijdens de sollicitatie gevraagd of ik in leegstaande kamers en vergaderruimtes mag bidden. Ik heb zelf aangegeven dat ik geen speciale stilteruimte wil, wat bij bedrijven de laatste jaren erg trendy schijnt te zijn. Iedereen weet dat ik bid en niemand neemt er aanstoot aan.”