Ex-spionagechef pleit Fujimori vrij

De Peruaanse ex-president Alberto Fujimori is gisteren door zijn voormalige rechterhand en spionagechef Vladimiro Montesinos vrijgepleit van betrokkenheid bij de mensenrechtenschendingen waarvoor hij sinds eind vorig jaar in Peru terechtstaat.

Naar de getuigenis van Montesinos was lang uitgekeken. Het was voor het eerst in acht jaar dat de twee mannen, die het land samen gedurende de hele jaren negentig op autoritaire wijze bestuurden, elkaar zagen.

Montesinos kocht voor de president politici en media om, handelde in wapens en drugs en knapte allerlei andere vuile klusjes op, totdat er in 2000 videobeelden van zijn omkooppraktijken opdoken. Dit schandaal leidde de neergang van Fujimori in, die naar zijn moederland Japan vluchtte. Hij keerde in 2006 onverwachts terug uit ballingschap, maar werd gearresteerd in buurland Chili, van waaruit hij mogelijk zijn politieke rentree had willen maken. Chili leverde hem in 2007 uit.

De ex-president staat nu eerst terecht voor twee bloedbaden die in 1991 en 1992 werden aangericht door een paramilitair doodseskader dat actief was in Fujimori’s vuile oorlog tegen de maoïstische guerrillabeweging Sendero Luminoso (Lichtend Pad). Militaire leiders bekenden eerder dat het doodseskader handelde in opdracht van Montesinos en Fujimori. Maar gisteren ontkende de spionagechef dat hij of de president opdracht gaf voor de bloedbaden, waarbij 25 doden vielen.

Montesinos stelde dat hij „als inactief inlichtingenagent” en „in het belang van de nationale veiligheid” niet te veel kon vertellen. Hij zei geen antwoord te geven op vragen over zaken „van voor 1991 of van na 1992”. Fujimori begroette de ontkenningen met glimlachen.

Montesinos (63) werd zelf al in 2001 gearresteerd, in Venezuela, en vastgezet in een gevangenis op een marinebasis bij Lima. In 2006 kreeg hij twintig jaar cel voor smokkel. Tijdens zijn eigen proces verdedigde Montesinos (63) zich met de mededeling dat hij handelde in opdracht van de president. Waarnemers stelden gisteren dat hij die opstelling nu mogelijk heeft gewijzigd om een nog hogere straf (van dertig jaar) voor het aansturen van het doodseskader te voorkomen. (BBC, AFP)