Artsen zonder auto’s

Zaterdag ontvingen 120 Rotterdamse huisartsen van de gemeente een dienstfiets. Om het milieu te sparen en het goede voorbeeld te geven. Kanttekening van een van de huisartsen.

Tijdens een twee uur durende tocht door de binnenstad werden de dokters wegwijs gemaakt met hun nieuwe gereedschap. Een instrument speciaal voor dié dokters, van wie de patiënten wonen in de stukken stad die tot voor kort achterstandswijken werden genoemd. En nu, tot genoegen van de lokale politieke elite, ineens prachtwijken heten.

Wijken waar zo ongeveer iedereen te zwaar is of ondervoed. Suikerziekte heeft of aanstonds zal krijgen. Of morgen getroffen wordt door hartziekte, hoge bloeddruk of longkanker. Met vrouwen die hun huizen niet uitkomen voor het maken van uitstrijkjes, mammografieën of wat voor preventief onderzoek dan ook. Waar de boodschappenkarretjes bij de Aldi zijn gevuld met zakken snoep, flessen cola, blikken soep en diepvrieskroketten. En waar tot overmaat van ramp niemand uit zijn luie stoel wil komen. Of uit zijn zesdehands Opel Kadett.

Het antwoord is een nieuw, modern, gezondheidsbevorderend instrument. Twee ronde hoepels met spaken. Wat ronde stalen buizen in driehoekvorm. Een vork voor en achter. Een leren driehoekje om te zitten. Een bel om niet onopgemerkt te blijven. Een trapinstallatie. En een bagagedrager, waar een dokterstas op past.

Nu moet de huisarts met dit nieuwe gereedschap ook nog eens zijn stadgenoten uitnodigen zelf de fiets te pakken en die vermaledijde auto te laten staan. Want het is behalve leuk ook niet slecht voor je hart en aanverwanten om te lopen, te rennen, te bewegen.

Vermoedelijk wordt met dit initiatief ook de ondergang ingezet van Arts en Auto, het blad waarmee generaties doktoren zijn opgegroeid. En menig patiënt ook. In van die praktijken, waar het spreekuur weer eens hopeloos uitliep. En waar niets anders omhanden bleek te zijn dan een oude aflevering van dat blad. Icoon van een voorbije tijd.

Ook in Rotterdam rijden veel dokters nog in oude, weliswaar veilige, maar ook dure benzineslurpende, milieuvervuilende monsters van het merk Volvo of Saab. Terwijl de toekomst is aan licht, sterk, eenvoudig, duurzaam. Met een ongekend hoog rendement op geïnvesteerd fysiek vermogen.

Met zijn dienstfiets is de dokter nu optimaal aangepast aan de stadsjungle. Bruikbaar in opgebroken straten. Zich niets aantrekkend van langzaam voortsukkelende files. Om zich ongehinderd te kunnen spoeden van geelzucht naar loze braking, van tuberculeus hoesten naar hartinfarct, van angstaanval naar hysterie.

Ondertussen dan wel trappend of zijn eigen leven ervan afhangt, die Rotterdamse huisdokter. In evenwicht blijvend dankzij zijn inzet en trapsnelheid. In een maalstroom van timemanagement en persoonlijke conditietraining. En in één moeite door ook nog lichtend voorbeeld voor iedereen die niet in beweging komt.

Maar evengoed ook voor de verzekeraars: „Denkt u eraan niet te weinig cholesterolverlagers voor te schrijven, dokter!” De overheid: „U zorgt er toch wel voor dat u bent voorbereid op de komende grieppandemie?” De Consumentenbond: „En Beste Keus is dr. ...” En natuurlijk de Inspectie der Volksgezondheid: „Dat bureau waarop u de hele dag zit te hangen, moet óók steriel zijn, dokter.”

Al met al is duidelijk dat de slow-bewegen-beweging in Rotterdam vaste voet aan de grond heeft gekregen. Oude doktersauto’s worden ingeruild voor rijwielen. Visitefietsende dokteren geven weer snelheid en richting aan allen die op medisch gebied tot stilstand zijn gekomen. Onder het motto dat zowel voor doktersfiets als patiënt geldt: als ’ie stil staat, valt ’ie om.

Voor dokters die niet kunnen fietsen wordt nog naar een oplossing gezocht.