Nog één dag roken in de stamkroeg

Nog één dag roken in de stamkroeg Rookverbod Uitbaters van kleine kroeg doen laatste poging ontheffing te krijgen Amsterdam, 30 juni. Wanneer ze begon met roken? Jel Rhode (55, rechts) schatert het uit. „Ik ben geboren met een pijpje”, vertelt ze in haar stamcafé ’t Stoplicht in De Baarsjes. Op haar dertiende rookte ze Alaska en Miss Blanche. Stiekem. Haar vader vertelde Rhode dat ze ligusterblaadjes moest eten om te voorkomen dat hij het rook. Rhode: „Ik heb flink aan die heg zitten knagen. Kotsmisselijk werd je ervan.” Ze rookt nog steeds, een pakje Camel per dag. Vanaf volgende week moet ze buiten staan. „Maar met al die uitlaatgassen hier hoef je geen sigaret meer op te steken.” De eigenaar van het buurtcafé schat dat 80 procent van zijn klanten rookt. „Sommigen steken bij elk slokje een sigaretje op”, vertelt Mohamed Qara (64, links). Zijn personeel heeft daar geen last van, want dat heeft hij niet. Hij mist plek voor een terras of een aparte rookruimte. „Dan moet het biljart weg”, zegt Qara „en dat kan niet.” Elke donderdag organiseert hij een biljartavond. Qara is een van de honderden horecaondernemers die onlangs een rechtszaak hebben aangespannen tegen de staat. „Als kleine zelfstandige is het elke dag vechten voor je brood.” Foto Floren van Olden Amsterdam 24-6-2008 Door het rookverbod in de horeca van 1 juli zullen alle op de foto afgebeelde plekken voor rokers onbereikbaar. Gemaakt in Cafe het stoplicht. Namen en overig bijschrift worden verstrekt door verslaggever Leoni Nierop die mee was op reportage. Foto Floren van Olden Olden, Floren van