‘Scheiding kerk en staat niet absoluut’

Volgens het stadsbestuur van Amsterdam moet de gemeente garanderen dat religies zich gelijkelijk kunnen ontplooien. Een speciale notitie van het college schetst de kaders.

Job Cohen Foto NRC Handelsblad, Vincent Mentzel Job COHEN,Burgemeester van Amsterdam.foto VINCENT MENTZEL/NRCH===F/C==Amsterdam, 4 mei 2007 Mentzel, Vincent

Amsterdam, 28 juni. - In Amsterdam-Slotervaart, de wijk waar ex-politieagent Marcouch namens de PvdA als buurtburgemeester de scepter zwaait, krijgen de openbare scholen er ter wille van de burgervrede twee taken bij: ze moeten homoseksualiteit in de klas bespreekbaar maken en ze kunnen godsdienstles op het rooster zetten. Het eerste is een besluit van Slotervaart en heeft weinig aandacht gekregen. Het tweede is een plan – het stadsdeel gaat dat „onderzoeken” omdat het geen vertrouwen heeft in private koranscholen – maar heeft geleid tot een hoogoplopend meningsverschil.

Burgemeester Cohen van Amsterdam begrijpt het probleem dat Marcouch aan de orde wil stellen maar vindt hem net een stap te ver gaan. Zijn benadering is verwoord in de notitie ‘scheiding van kerk en staat’ die het college van b & w heeft gepubliceerd. Het beginsel van de scheiding van kerk en staat was ooit bedoeld om de kerk te bevrijden van de macht van de staat. En niet omgekeerd, zoals vaak wordt verondersteld. Die scheiding heeft zich niet overal met dezelfde intensiteit voltrokken. In Nederland zijn kerk en staat bijvoorbeeld niet formeel gescheiden, maar wel feitelijk. Dat heeft er toe geleid dat de overheid neutraal moet zijn en het gelijkheidsbeginsel moet eerbiedigen.

De kneep zit ‘m in die neutraliteit. Er zijn drie varianten. De staat kan godsdienst à la Frankrijk uit het publieke domein bannen: ‘exclusieve neutraliteit’ geheten. De overheid kan religie een plaats gunnen in het openbare leven: ‘inclusieve neutraliteit’. En ze kan het geloof een handje helpen om die plaats ook te vinden: ‘compenserende neutraliteit’.

Volgens Cohen is het Franse model van laïcité door de specifieke Nederlandse geschiedenis geen optie. Dat zegt hij al jaren. Maar toch. Het draait nu eenmaal niet om boeddhisten maar om moslims. En zodra het om de islam gaat, krijgt de meningsvorming een andere wending.

Waarom slapende honden wekken?

„Precies daarom. Deze notitie lost niet alles op, maar werkt wél verhelderend. Inclusieve neutraliteit is ons uitgangspunt. Maar je moet jezelf de mogelijkheden niet ontnemen om wat extra te doen.”

Amsterdam heeft daarmee slechte ervaringen? Denk aan de bouw van de Westermoskee.

„De mededeling van het stadsdeel dat Amsterdam alleen meedeed als die moskee zich in liberale richting zou ontwikkelen: dat had niet gemoeten. Maar de hulp aan de synagoge aan de Uilenburgerstraat is weer wel een goede ervaring.”

Ook de aanpak van radicalisering zoekt u in deze context. Dat is niet in overeenstemming met uw opvatting dat de overheid er niet is voor de liberalisering van de islam.

„We zitten op de rand. Zeker. Maar als je weet wat één radicale moslim al voor invloed kan hebben – we hebben het in Amsterdam gezien – dan moet je pionieren en zoeken naar effectieve interventies.”

Is het klimaat beter? Durft u weer?

„Het is nog steeds op eieren lopen. In Amsterdam misschien iets minder dan elders. Maar ook hier hoeft Marcouch maar iets te zeggen, of daar gaan we weer.”

Marcouch zelf is gaan politiseren door over islamonderwijs te beginnen, alsof dat nu niet mag en kan.

„Het debat gaat toch al over de islam. Al is het maar omdat de islam een open zenuw is.”

Oppositiepartijen CDA en VVD zullen uw benadering niet accepteren.

„Ik ben benieuwd naar het CDA. Het CDA is altijd erg voor die compenserende neutraliteit geweest.”

Het CDA in Amsterdam lijkt echter voor een dubbele neutraliteit te zijn, dat wil zeggen maakt soms een onderscheid tussen godsdiensten?

„Daarom ben ik zo benieuwd naar de reactie van het CDA hier.”

Waarom zegt u niet: door de ontzuiling neigen we naar exclusieve neutraliteit en die moeten we nu als verworvenheid verdedigen?

„Die discussie hoort uiteindelijk in Den Haag thuis. Als het gaat om grondwettelijke vrijheid van onderwijs, dan zegt het CDA: blijf daarvan af. De VVD meent: weg ermee, geloven doe je maar thuis. Zolang die discussie niet is afgerond, is exclusieve neutraliteit in Amsterdam niet aan de orde omdat ons rechtstatelijke systeem zo niet in elkaar zit. Overigens ben ik persoonlijk voor het voortbestaan van het bijzonder onderwijs.”

Is de notitie heimelijk ook bedoeld om het patronagesysteem, dat in het etnisch pluriforme Amsterdam nu eenmaal floreert, af te grenzen?

„Nee. Maar straks kan niet meer iedereen te pas en te onpas roepen: ja maar, scheiding van kerk en staat. Nee, straks moet je met preciezere argumenten komen. Ik denk dat het helpt. Zoveel rationaliteit zit er wel in me”.

Cohen: pagina 19

    • Hubert Smeets