Solidariteit taxichauffeurs frustreert marktwerking

De liberalisering van de taximarkt heeft niet geleid tot lagere tarieven. De staatssecretaris kondigt maatregelen aan. Komt er straks weer een taxioorlog?

Wat is het risico voor een taxichauffeur als hij een argeloze toerist oplicht of een benevelde burger te veel in rekening brengt? En wat riskeert een chauffeur als hij een klant weigert en afblaft omdat het ritje niet genoeg oplevert?

De liberalisering van de taximarkt is niet zomaar mislukt. Juist het gebrek aan sancties op ongewenst gedrag heeft ervoor gezorgd dat de consument niets is opgeschoten met de introductie van meer marktwerking.

Staatssecretaris Huizinga (Verkeer, ChristenUnie) onderschrijft dat. Gisteren presenteerde zij haar visie op de taximarkt, op basis van onderzoek van het aan de Universiteit van Amsterdam verbonden instituut SEO Economisch Onderzoek en de aanbevelingen van een breed samengestelde werkgroep.

Op het eerste gezicht is de marktwerking verbeterd. Sinds het afschaffen van de schaarse vergunningen, die in de grote steden voor tonnen van de hand gingen, zijn de toetredingsdrempels voor de taximarkt bijzonder laag. Het aantal aanbieders is sterk gestegen. Toch heeft dat niet geleid tot prijsconcurrentie. De tarieven daalden niet.

De grootste problemen spelen zich af op de taxistandplaatsen, goed voor de helft van de markt in de Randstad. Chauffeurs houden hardnekkig vast aan het gebruik om naar de voorste taxi op de standplaats te wijzen, zodat zij niet tegen elkaar hoeven op te bieden. Dit gebruik frustreert de marktwerking.

Er is nog een reden voor het gebrek aan prijsconcurrentie. De consument op een standplaats is vaak een voorbijganger. De taxirit is een eenmalige aankoop waarbij hij vooraf moeilijk op tarief of kwaliteit kan selecteren. Wie telefonisch een taxi bestelt, weet wie hij belt. De chauffeur loopt risico als hij zich onfatsoenlijk gedraagt. Bij de standplaats zijn die disciplinerende krachten vrijwel afwezig.

Huizinga wil de anarchie, juist op de standplaatsen, beteugelen. Zij zal het weigeren van ritten weer gaan verbieden in de wet, net als vroeger. Tarieven moeten duidelijker worden geadverteerd.

Misschien wel het belangrijkste is dat Huizinga het gebrek aan reputatierisico wil doorbreken, door verplichte groepsvorming. Ook een stap terug in de tijd, toen taxichauffeurs werden gedwongen via een taxicentrale te werken en TCA heer en meester was in Amsterdam. Maar de gedachtegang van Huizinga is: als individuele chauffeurs worden gedwongen onder gezamenlijke vlag te opereren, straalt wangedrag meteen op de hele groep af. Niets effectievers dan groepsdruk.

Daarnaast wil de staatssecretaris het reputatierisico verhogen door standplaatsen in hun geheel aan te besteden. Dat zal niet zonder slag of stoot gaan. Als lagere tarieven en uitsluiting van taxi’s worden bewerkstelligd, worden er „grote transitieproblemen” verwacht. Met andere woorden, misschien moet Huizinga zich dan wel opmaken voor een nieuwe taxioorlog. Met dezelfde inzet als ruim zeven jaar geleden: betere marktwerking, poging twee.

Lees de Taxivisie van Huizinga via nrc.nl/binnenland