Drie keer toeteren

Ik zal het geheim prijsgeven. Eerder durfde ik dat niet, omdat het gaat om een project dat zo groot is – zeker voor een man van mijn postuur en lifestyle – dat het makkelijk kan mislukken. Die kans is nog steeds levensgroot, maar inmiddels ben ik ver genoeg en heb ik genoeg hindernissen overwonnen om te vertrouwen op de goede afloop. En u heeft er als mijn trouwe lezers recht op het als eerste te weten. Ik ben onderweg naar Rome. Maar het kan nog wel even duren, want ik ben op de fiets.

Ruim drie weken geleden ben ik samen met mijn vriendin uit Leiden vertrokken, zij op haar gele mountainbike en ik op een oude zesdehands Batavus-racefiets die ik had opgevist uit de bak met wrakken van de Turkse fietsenmaker op de Kaasmarkt.

We waren niet bepaald goed voorbereid. Ik had de banden wat opgepompt en had een wegenkaart van Frankrijk in mijn rugzakje gestopt. We fietsten van de Oude Rijn naar de Hooigracht en verder hadden we geen idee welke kant het op was naar Rome.

We besloten de bordjes Zoeterwoude-Dorp te volgen. Daar begon de natuur al: we zagen een kaasboerderij. Maar bij Zoetermeer fietsten we al verkeerd. Zo begon het.

Inmiddels zijn we met een grote boog om de Alpen heen aan het fietsen. Drie dagen geleden hebben we de zee bereikt. Na meer dan vijftienhonderd kilometer waren we in Marseille. De Oude Batavus knarst in al zijn voegen, maar hij dient mij als een oude trouwe hond die ik uit het asiel heb gered. Hij is nog meer dan ik vastberaden om de Italiaanse hoofdstad te bereiken.

Ik kan zijn stalen vechtlust goed gebruiken, want ik zie huizenhoog op tegen al die prachtige rotsen die de komende honderden kilometers grillig en idyllisch boven de ansichtkaartkleurige zee uittorenen.

Dat is de ware reden dat ik u ons geheim heb verteld. Deze week laadt u uw dreinende kinderen in de auto en een dag later rijdt u langs de Côte d’Azur. Als u dan ergens een mooi meisje ziet op een gele fiets en een dikke dichter op een rood-wit-blauwe Batavus, toeter dan drie keer om ons aan te moedigen. We zullen het nodig hebben.

Ilja Leonard Pfeijffer