Bush ziet kans in gebaar naar N-Korea

De Amerikaanse president Bush wil de geschiedenis in als de man die Noord-Korea open brak. Maar juist zijn conservatieve achterban heeft hier grote moeite mee.

Aernout Bouwman-Sie

Noord-Korea hoefde gisteren niet te wachten tot Amerikaanse nucleaire specialisten de documenten hadden onderzocht die Pyongyang zojuist had vrijgegeven. In de stukken moest staan hoeveel plutonium Noord-Korea heeft, maar volgens afspraak niets over het nucleaire arsenaal – dat komt later.

Zonder de zestig pagina’s aan informatie volledig op zijn juistheid te beoordelen, liet de Amerikaanse president George W. Bush al weten dat Noord-Korea geschrapt zal worden van de lijst van landen die terrorisme ondersteunen. Bovendien beëindigde hij direct een aantal sancties.

Om critici voor te zijn, publiceerde de Amerikaanse minister van Buitenlands Zaken Condoleezza Rice gisteren in de Wall Street Journal een opinieartikel, waarin zij gedetailleerd de voorwaarden uiteenzet waaraan Noord-Korea moet blijven voldoen. De boodschap: de VS hebben niets hoeven toegeven, er komt meer duidelijkheid over het nucleaire programma van Noord-Korea en als Pyong-yang zich niet aan de afspraken houdt, dan worden de sancties, of desnoods zwaardere, direct weer opgelegd.

Voor Bush over kan gaan tot de uitvoering van zijn plan heeft het Congres 45 dagen de tijd het besluit met een resolutie tegen te houden. En in Washington is het plan beslist geen hamerstuk. Een leger van conservatieve politici, denktanks en beleidsadviseurs kijkt vol argwaan naar de U-bocht die hun president in de nadagen van zijn regering maakt. In 2002 deelde Bush Noord-Korea nog in bij de ‘As van het Kwaad’. Maar zijn conservatieve critici verwijten Bush dat hij na alle problemen in het Midden-Oosten nu op zoek is naar een diplomatiek succes en daarom zelfs zaken doet met wat zij zien als een schurkenstaat.

„Het gaat hier om een ideologische confrontatie”, zegt Koen de Ceuster van de Universiteit Leiden. „Met Noord-Korea doe je geen zaken, dat is wat veel van deze politici vinden. En zij weten hoe zij de media en daarmee de publieke opinie moeten bespelen.”

Maar volgens de Koreaspecialist is Bush niet kansloos. „Zijn termijn zit er bijna op en hij hoeft niet meer aan verkiezingen deel te nemen. Dat maakt het voor hem mogelijk mogelijk om de gemaakte afspraken met Noord-Korea er doorheen te drukken.”

Slaagt Bush erin zich aan zijn toezeggingen te houden, dan zou dat voor Noord-Korea met name economisch voordeel kunnen opleveren. „Het land heeft potentie, zo beschikt Noord-Korea over waardevolle grondstoffen. Er is alleen geen geld om de economische potentie ook te verzilveren”, stelt de Britse oud-diplomaat James Hoare die enkele jaren in Pyong-yang zat.

Is Noord-Korea eenmaal van de Amerikaanse terrorismelijst verwijderd, dan kan het land weer zaken doen met internationale financiële instellingen als de Aziatische Ontwikkelingsbank en het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Dergelijke contacten zijn van groot belang voor het aantrekken van buitenlands kapitaal dat nodig is om de totaal in verval geraakte industrie van Noord-Korea weer op gang te krijgen. Bovendien heeft Pyongyang volgens Hoare hard geld nodig voor de productie van kunstmest, noodzakelijk voor de verhoging van de eigen voedselproductie. „Dit najaar dreigt een hongersnood, omdat door overstromingen grote delen van de oogst zijn verwoest.”

De diplomatieke toenadering tussen Bush en Noord-Korea kan volgens Hoare ook op internationaal verzet rekenen. „China is gelukkig met de beweging die Noord-Korea maakt, maar Japan is kritisch.” Daarbij speelt de kwestie van de dertien Japanners die Noord-Korea in de jaren zeventig en tachtig heeft ontvoerd een belangrijke rol. Tokio probeerde Pyongyang onlangs tot een onderzoek te brengen door enkele sancties op te heffen. Bush ondergraaft met de afspraken die hij nu heeft gemaakt met Pyongyang die diplomatie, omdat de Japanners de Koreanen nu niet meer in de hoek kunnen zetten. Juist hierom hebben Rice én Bush Tokio verzekerd de Japanse belangen niet uit het oog te zullen verliezen.

Volgens De Ceuster is ondanks de vele barrières die nog geslecht moeten worden, het akkoord toch een hoopgevend signaal. „Noord-Korea heeft duidelijk nog vertrouwen in het overleg en is, hoewel niet tegen iedere prijs, op zoek naar een uitweg.”