Naar het onbekende vaderland

Iran is begonnen aan de grootschalige deportatie van Afghaanse illegalen. Zolang er niet meer werk in Afghanistan is, zal de migrantenstroom naar Iran vermoedelijk niet afnemen.

Afghanen die vrijwillig zijn teruggekeerd uit Iran bij een doorgangscentrum in de westelijke stad Herat. Foto Wim Brummelman Brummelman, Wim

Zakaria Bamian (20) en zijn broertje Yanya (14) zijn voor het eerst van hun leven in hun vaderland. Ze kijken een beetje beduusd om zich heen. Deze middag zijn ze de grens tussen Iran en Afghanistan overgezet bij Islam Qala, 130 kilometer ten westen van de Afghaanse stad Herat. Nu moeten ze het verder zelf zien te rooien in de voor hen nog onbekende wereld. En wie zorgt er voor hun moeder die weduwe is, hun twee zussen en hun broertje die zijn achtergebleven in Iran? ,,Alleen God weet dat”, antwoordt Zakaria.

Net als 100.000 andere Afghanen vluchtten de ouders van Zakaria en Yanya in de jaren tachtig naar buurland Iran. Dat was tijdens de Russische bezetting van Afghanistan. Na ruim twintig jaar gastvrijheid is Teheran de aanwezigheid van de vele vluchtelingen en hun kinderen nu beu. Steeds meer regio’s – in totaal negentien – zijn bestempeld tot ‘no-go areas’ voor Afghanen.

Officieel gelden binnenlandse veiligheidsredenen. Maar volgens de Afghaanse autoriteiten volgt Teheran ook een buitenlandse politieke agenda. ,,De vluchtelingen zijn wisselgeld in de confrontatie tussen Iran en de internationale gemeenschap over het Iraanse nucleaire programma”, zegt het hoofd van het bureau van het Afghaanse ministerie van Vluchtelingen en Repatriatie in Herat. ,,Teherans houding is: als de Verenigde Staten en hun bondgenoten vrede en welvaart brengen in Afghanistan, zoals ze zeggen, waarom zouden de vluchtelingen dan niet kunnen terugkeren?”

Maar niet alleen diplomatieke overwegingen bepalen het lot van de Afghanen in Iran. In Afghanistan weerspiegelen afgelegen grensposten als die bij Islam Qala de economische malaise in het land. Ruim zes jaar na de verdrijving van de Talibaan overheerst wanhoop over gebrek aan banen.

Sinds twee jaar is de vrijwillige terugkeer van vluchtelingen uit Iran (en Pakistan) vrijwel tot stilstand gekomen. Er ontbreekt perspectief in het vaderland. Verreweg de meesten van de ruim een miljoen officieel erkende vluchtelingen in Iran blijven nu liever waar ze zijn. Alleen als ze worden opgepakt in ‘no-go areas’, of als ze geen andere keuze hebben dan in Iran naar kampen te verhuizen, gaan ze naar Afghanistan.

Dat zijn de ‘echte’ vluchtelingen. Nog vernietigender is het oordeel dat de ‘economische’ vluchtelingen vellen over de falende wederopbouw in hun land. Dat zijn de gelukzoekers die zich in kleine groepjes naar Iran laten smokkelen om daar illegaal werk te vinden. Hun aantal, naar schatting een tot anderhalf miljoen, overtreft inmiddels het aantal ‘echte’ vluchtelingen in Iran. Ze werken hard tegen lage lonen. Maar ze pikken ook banen in van Iraniërs.

Vorig jaar is Iran op grote schaal begonnen met de deportatie van deze illegalen. De eerste vier maanden van dit jaar werden ongeveer 130.000 Afghanen zonder geldige papieren de grens bij Islam Qala overgezet. Die exodus gaat nog elke dag door. ,,Eergisteren waren het er 464, gisteren 547 en vandaag al 300”, somt een medewerker van de Afghaanse Onafhankelijke Mensenrechtcommissie bij de grens op. Maar, zegt hij ook: per saldo trekken nog steeds veel meer Afghanen illegaal de grens over naar Iran dan er worden gedeporteerd.

Werk vinden in Iran en uit handen blijven van de politie is voor hen een kwestie van geluk. Zakaria Bamian, die als timmerman de kost verdiende voor zijn familie, en Yanya werden vier dagen geleden op straat opgepakt voor hun huis bij Isfahan. Zij hadden de status van vluchteling maar hun dorp werd vorig jaar tot ‘no-go area’ verklaard. Tijd om afscheid te nemen was er niet. Hun toegesnelde moeder kon hun alleen een fles water en wat geld toestoppen.

Dagloner Mohammad Taher (25), zijn vrouw, hun twee kinderen en zijn nog jonge broer reisden twee maanden geleden via de Pakistaanse provincie Baluchistan naar Iran. In totaal was hij ongeveer 800 dollar kwijt om stiekem de grens over te komen. Zes dagen geleden werd hij opgepakt op een bouwplaats in Teheran. Zijn vrouw heeft hij niet kunnen waarschuwen over zijn deportatie, zegt hij in een opvangcentrum in Herat. Ze is met de kinderen achtergebleven. Taher zit stilletjes in de hoek van een kamer. Hij heeft koorts. Hij heeft pijn. De Iraanse politie heeft hem met gummiknuppels toegetakeld, zegt hij.

Ook Mohammad Nazari (30), afkomstig uit Mazar-i-Sharif, werd vorige week opgepakt in de buurt van Teheran. Al vier keer eerder werd hij gearresteerd en Iran uitgezet. Soms betaalde hij zijn begeleiders 200 dollar en soms 400 dollar om in de afgelegen, zuidelijke provincie Nimroz de grens over te komen. En nu? Hij gaat eerst naar zijn gezin in Mazar-i-Sharif, zegt hij. En dan waarschijnlijk opnieuw naar Iran. ,,Wat moet ik anders? Kunt u mij een baan geven?’’, zegt hij met overslaande stem. ,,Weet jij dan een land waar ik wel mag werken?”

Gebrek aan werk in Afghanistan, dat is het kernprobleem, zeggen de functionarissen van de UNHCR (de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties), van het ministerie van Vluchtelingen en Repatriatie, en van de Afghaanse Mensenrechtencommisie. „Vluchtelingen hebben een beschermde status. Maar Iran heeft het volste recht om illegalen uit te zetten. Alleen denken wij niet dat massale deportatie de oplossing is voor het probleem van economische vluchtelingen”, zegt een woordvoerder van UNHCR. ,,Wat je ook doet, er zijn nooit genoeg banen in Afghanistan om de illegale emigratie te stoppen”, zegt een ambtenaar van het ministerie van Vluchtelingen. ,,Als ik geen werk zou hebben, zou ik ook naar Iran gaan”.

Terugkerende vluchtelingen krijgen hulp van de UNHCR en de overheid. Uitgezette illegalen moeten zichzelf redden. Alleen extreem kwetsbare groepen, zoals zieken en minderjarigen en echte vluchtelingen, worden opgevangen. Ze krijgen een slaapplaats, te eten en een reiskostenvergoeding van 10 tot 13 dollar.

De ouders van Zakaria en Yanya vluchtten meer dan twee decennia geleden uit de Afghaanse provincie Bamiyan. Maar daar kennen de in Iran geboren broers niemand. Ze hebben alleen het telefoonnummer op zak van kennissen in Kabul. Dus willen ze morgen met de bus vanuit Herat via Kandahar naar de Afghaanse hoofdstad reizen. Daar zullen ze verder zien.