Getij kan stad van stroom voorzien

Een getijdencentrale aan het Grevelingenmeer zou 65.000 huishoudens van elektriciteit kunnen voorzien. Dat is de uitkomst van een haalbaarheidsstudie van de TU Delft, die verricht werd in opdracht van energiebedrijf Delta.

Het Grevelingenmeer is ontstaan toen in 1971 als onderdeel van de Deltawerken de 6 kilometer lange Brouwersdam tussen Zeeland en Zuid-Holland werd aangelegd. Sinds die tijd is het meer vrijwel afgesloten van de Noordzee. Als in de Brouwersdam enkele gaten worden gemaakt, zou er bij eb en vloed een stroming ontstaan. Met de stroming – zo’n 2.500 kubieke meter per seconde – kunnen turbines worden aangedreven waarmee elektriciteit kan worden opgewekt. De turbines kunnen twee stroomrichtingen verwerken, dus ze kunnen zowel bij eb als bij vloed elektriciteit opwekken.

Hoewel het verval niet heel groot is – ongeveer een meter – kan met een nieuwe generatie laagvervalturbines toch een bevredigende elektriciteitsproductie worden verkregen.

Aanleiding voor het plan was het voornemen van Rijkswaterstaat om de waterkwaliteit van de Grevelingen te verbeteren. Het water is nu zeer zuurstofarm en de vis- en vogelstand is sterk teruggelopen.

Gaten in de Brouwersdam zouden de Grevelingen voortdurend van vers water kunnen voorzien en zo de kwaliteit daarvan verbeteren. Tijdens de ontwikkeling van dit plan ontstond het idee te onderzoeken of de stroming in de gaten ook nog gebruikt zou kunnen worden voor de opwekking van elektriciteit.

Volgens de woordvoerder van Delta zal de opbrengst gemiddeld 60 megawatt zijn. Een normale gasgestookte elektriciteitscentrale kan ongeveer tien keer zoveel leveren.

De kosten van de getijdencentrale worden geschat op 200 miljoen euro. Staatssecretaris Huizinga (Verkeer en Waterstaat, ChristenUnie) moet beslissen of er verder wordt gestudeerd op het plan. Met name naar het precieze aantal gaten en de invloed van de ingreep op de bodemkwaliteit moet nog onderzoek worden verricht.