Aarzeling in de Kamer over arbeidsmigranten

Een meerderheid van de fracties in de Tweede Kamer heeft grote aarzelingen bij het kabinetsvoornemen om volgend jaar arbeidsmigranten uit Roemenië en Bulgarije toe te laten tot Nederland. SP, VVD en PVV zijn sowieso tegen, de regeringspartijen CDA en PvdA neigen daar ook toe, maar nemen pas later dit jaar een definitief besluit.

Dat bleek gisteren bij een overleg met ministers Donner (Sociale Zaken, CDA) en Ella Vogelaar (Wonen, Wijken en Integratie, PvdA). Donner moet eind dit jaar beslissen of de grens voor arbeidsmigranten uit Roemenië en Bulgarije per 1 januari wordt opengesteld. Uitstel is mogelijk tot uiterlijk 2012.

Volgens Donner leveren migranten uit Midden- en Oost-Europa een waardevolle bijdrage aan de Nederlandse economie. Hun aantal neemt de laatste tijd niet verder toe. De illegaliteit daalt. Er zijn wel problemen, met name rond huisvesting en malafide uitzendbureaus, maar die pakt het kabinet aan, zei Donner.

„Hier botst de macrowereld van het kabinet met de microwereld die mensen ervaren”, constateerde PvdA-Kamerlid Hans Spekman. VVD en SP noemden de „rooskleurige” voorstelling van zaken van Donner „onthutsend”.

De grote steden klagen over overlast door de komst van grote aantallen Polen. De vakbeweging klaagt over uitbuiting van de arbeidsmigranten door malafide uitzendbureaus.

Volgens de VVD zijn er al 330.000 arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa in Nederland. „Dat zijn er evenveel als destijds de Turken en de Marokkanen”, zei VVD’er Henk Kamp. „We moeten niet dezelfde fouten maken.” Het kabinet sprak tot nu toe van zeker 100.000 migranten.