Vrouwen een beetje voortrekken is nodig

Over twee jaar zou 40 procent van de burgemeesters vrouw moeten zijn.

Dat gaat niet lukken. „Ik ben een beetje door mijn voorraad heen.”

CDA’er Hélène van Rijnbach-de Groot (57) is ongetwijfeld een schoolvoorbeeld. In 1997 benoemd tot burgemeester van Rozendaal (1.100 inwoners). In 2000 overgestapt naar Bunnik (14.000 inwoners). En in september wordt zij burgemeester in Etten-Leur, waar 41.000 mensen wonen.

Van Rijnbach is vrouw en dat maakt haar bijzonder. Want slechts 89 van de 442 burgemeesters in Nederland is een vrouw, iets meer dan 20 procent. De rijksoverheid vindt dat veel te weinig. In 2005 werd afgesproken dat in 2010 40 procent van de burgemeesters vrouw moet zijn.

Maar de praktijk blijkt weerbarstig. Neem Noord-Brabant. Hier zijn 14 van de 68 burgemeesters vrouw (20,6 procent), iets meer dan het landelijk gemiddelde. „Maar dat is niet vanzelf gegaan”, benadrukt Hanja Maij-Weggen, commissaris van de koningin in Noord-Brabant. Volgens haar zijn er zo weinig vrouwelijke burgemeesters omdat „vrouwen gewoonweg te lang wachten met solliciteren”. „Bij mannelijke kandidaten zeg ik nog weleens: zou je niet wat meer ervaring opdoen voor je op een burgemeesterpost solliciteert? Bij vrouwen merk ik juist dat ze onzeker zijn en onnodig aarzelen.”

Juist daarom probeert Maij-Weggen met enige regelmaat getalenteerde vrouwen bijeen te brengen om ze te enthousiast te maken voor het ambt. De laatste bijeenkomst leidde tot vier benoemingen, meldt ze trots. Na de zomer wil ze opnieuw een groep samenbrengen. „Ik ben, oneerbiedig gezegd, een beetje door mijn voorraad heen.”

Ook Van Rijnbach, tevens bestuurslid van het Nederlands Genootschap van Burgemeesters, vindt dat meer vrouwen burgemeester zouden moeten worden. Die hebben andere kwaliteiten dan mannen, zegt ze. Vrouwen zijn toegankelijker en kunnen meer dingen tegelijk. Maar vrouwen kiezen minder vaak voor het burgemeestersambt, omdat zij meer dan mannen rekening houden met hun gezin. Bovendien is het nog niet zo vanzelfsprekend dat een gezin verhuist vanwege de nieuwe baan van moeder. „Het is een kwestie van vrouwen erop attent maken. Dat is ook wat ik mezelf opleg. Ik moet met vrouwen spreken van wie ik denk dat ze veel in hun mars hebben.”

Er moeten behalve vrouwelijke, ook meer allochtone burgemeesters komen, vindt Van Rijnbach. Maar vrouwen en allochtonen moeten niet automatisch de voorkeur krijgen. „De inhoud moet doorslaggevend blijven. En er moet een klik zijn met de vertrouwenscommissie.”

Maij-Weggen trekt vrouwelijke burgemeesterskandidaten „een klein beetje voor”, erkent ze. „Daar ben ik heel open in. Ik laat een vertrouwenscommissie weten dat ik op zoek ben naar een vrouw. Ook zeg ik tegen die commissie dat ze niet moet twijfelen als ze zich goed voelt bij een vrouwelijke kandidaat.”

Het tekort aan vrouwen is niet zomaar op te lossen, zegt Liesbet van Zoonen, hoogleraar Communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam. Zij schreef in 2005 het rapport Burgemeesters (m/v): hun ambities, stijlen en evaluaties, over de positie van vrouwelijke burgemeesters. Wat vrouwen vaak parten speelt, is dat zij hun ambities anders uiten. Van Zoonen: „Ze drukken zich vager uit. Waar mannen heel direct kunnen zijn, zeggen vrouwen: ja, dat zou best weleens iets voor mij kunnen zijn. Daardoor denkt een selectiecommissie dat zo’n vrouw niet graag wil of nog twijfelt.”

Vertrouwenscommissies zouden volgens Van Zoonen meer rekening moeten houden met verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke kandidaten. Ook moeten de commissies een profielschets zó opstellen, dat vrouwen zich er makkelijker in herkennen. Want ook het percentage vrouwelijke sollicitanten blijft sterk achter. Onlangs zocht Boekel een burgemeester. Daarop reageerden 17 mannen en 4 vrouwen. Door in de profielschets de aandacht meer te verleggen naar eigenschappen waar ook een vrouw zich in kan herkennen, zoals het bevorderen van de sociale cohesie, wordt het ook voor vrouwen aantrekkelijker te solliciteren.

Bovendien maakt het volgens hoogleraar Van Zoonen verschil wie er in de commissie zit. „Het is een menselijk mechanisme om op zoek te gaan naar mensen die op jezelf lijken. Zolang er overwegend mannen in een vertrouwenscommissie zitten, is de kans dus kleiner dat een vrouwelijke burgemeester wordt benoemd.”

CDA: veel burgemeesters, maar weinig vrouwen. NRC 260608 / StS / Bron: Overheidsalmanak