Betere controle op zoeken kievitsei

De provincie Friesland mag alleen een vergunning verstrekken voor het zoeken van kievitseieren, als er een beter controlesysteem komt. Dat heeft de Raad van State vandaag bepaald.

Het aantal kievitseieren dat jaarlijks in Friesland geraapt wordt, valt niet te controleren, aldus het rechtscollege. De Faunabescherming heeft al jaren felle kritiek op de traditie, die schadelijk zou zijn voor de weidevogelstand. Friesland is de enige plek in Europa waar kievitseieren mogen worden geraapt. Elk jaar mogen er maximaal 6.934 eitjes worden meegenomen door ‘aaisikers’ met een speciale pas. Per persoon zijn dat er vijftien. Nergens wordt echter geregistreerd of dit aantal niet wordt overschreden.

Vorig jaar juli stond de Leeuwarder rechtbank het zoeken nog toe. De Faunabescherming ging daarop in beroep bij de Raad van State. Friesland beschouwt het ‘ljipaaisykjen’ als cultureel erfgoed. Een groot deel van de ruim 6.000 leden van de Bond van Friese Vogelwachten (BFVW) houdt zich bezig met nazorg, door nestbeschermers te plaatsen.

Volgens Harm Niesen van de Faunabescherming betekent de uitspraak het einde van het kievitseierenzoeken, omdat niet naast elk nest een controleur kan worden gezet.

Voorzitter Geert Benedictus van de BFVW ontkent dit. „Het aantal van 6.934 stelt de Raad van State niet ter discussie, noch de traditie zelf.” De bond moet zelf met een voorstel komen hoe de controle kan worden verbeterd.