ik@nrc.nl

Afgelopen donderdag. Aan het begin van de avond staat de glazenwasser voor de deur. Hij ‘doet’ zijn betaalronde, twee weken later dan zijn gewoonte is. Ik vraag hem waarom hij vertraagd is en hij vertelt dat hij graag naar voetbal kijkt.

„Met een beetje geluk dus nog drie avonden vrij”, zeg ik, speculerend op een finale met het Nederlands elftal. Tot mijn verbazing reageert de glazenwasser met een afwijzend gebaar. Hij zegt: „Van mij hoeft het niet meer, van mij mag het afgelopen zijn.”

„Hoezo?” vraag ik verbaasd.

„Al die stomme vlaggetjes, meneer. Hele straten waar ik niet fatsoenlijk met mijn ladders doorheen kan. Het kost mij te veel tijd.”