‘Geen homoseksualiteit in het beloofde land’

De tolerantie voor homoseksuelen neemt in Israël snel af. De spanning groeit dan ook over de Gay Pride die donderdag in Jeruzalem wordt gehouden.

Toen Oren Amir (38) uit Tel Aviv twintig jaar geleden in militaire dienst zat, kwam hij erachter dat hij homoseksueel was. „Ik heb het drie jaar moeten verbergen, want in het Israëlische leger wordt het volstrekt niet geaccepteerd. Zelf dacht ik ook dat het verkeerd was. Het is me altijd verteld, door mijn ouders en de rabbijn.”

Inmiddels is Oren trots op zijn geaardheid, zegt hij. Hij loopt op 6 juni voorop in een stoet van enkele duizenden demonstranten, tijdens de Gay Pride Parade van Tel Aviv. Zijn regenboogvlag heeft hij over de schouder hangen. „Er verandert niets in deze zogenaamd seculiere maatschappij”, zegt hij. „Alleen in Tel Aviv kun je met je vriend gearmd over straat lopen. Deze stad is een bubble. In Jeruzalem, maar ook daarbuiten, kun je je niet zo tonen zonder opmerkingen te krijgen of uitgescholden te worden.”

De jaarlijkse Gay Pride Parade in Tel Aviv – circa 20.000 bezoekers, zegt de organiserende homobeweging – lijkt niet op die in Amsterdam. Er zijn toespraken van vertegenwoordigers van linkse partijen, belangenorganisaties, de vereniging van ouders van homo’s deelt folders uit. De inwoners van Tel Aviv, trots op hun liberale inborst, lopen graag mee. Het oogt wat stijfjes, braaf bijna.

Langs de kant van de weg staan de demonstranten. Een groepje orthodoxe joden maakt een gesprek er niet gemakkelijker op. Verderop staan The lovers of Zion te zingen met hun gitaren en tamboerijnen. Deze evangelische christenen zijn uit Europa overgevlogen om luidruchtig tegen de Gay Pride te demonstreren. Ze klampen deelnemers aan en zeggen voor hen te bidden. „Er is zoveel kwaad op deze plek”, zegt een van hen, een oudere Finse dame met een gitaar. „God wil niet dat het volk Israël, Zijn kinderen, nog eens de fout ingaat.” Homoseksualiteit is erg, maar homoseksualiteit in het beloofde land is nog erger.

De politie zal die avond zeggen dat de Gay Pride van Tel Aviv rustig is verlopen. In de zuidelijke wijken van de stad zijn een paar regenboogvlaggen neergehaald. Van grote spanningen is verder weinig te merken geweest in de seculiere stad. Maar volgens vertegenwoordigers van de homobeweging neemt de tolerantie in de rest van het land snel af. Zij rapporteert een toenemend aantal incidenten tegen homoseksuelen. Rabbijnen waarschuwen op hun beurt voor een wederkomst van Sodom en Gomorra – bijbelse steden die door God gestraft werden om hun normloosheid. In de Tora, Leviticus 18 vers 22, staat: „Je mag niet het bed delen met een man zoals met een vrouw, dat is gruwelijk.”

De spanning in Israël neemt dan ook toe over een optocht die voor donderdag gepland staat in Jeruzalem – het politieke en religieuze centrum van Israël, waar vrome joden in de meerderheid zijn. Voorgaande protestmarsen hebben daar ieder jaar tot incidenten geleid. Vorig jaar nog liepen de paar duizend demonstranten met evenveel politieagenten door de stad. Een ultraorthodoxe inwoner van Jeruzalem werd opgepakt omdat hij een aanslag op de deelnemers wilde plegen. In de orthodoxe wijk Mea She’arim stichtten bewoners brandjes uit protest tegen de mars.

„Laat ik duidelijk zijn: die optocht in Jeruzalem mag niet doorgaan”, zegt parlementslid Eliahu Gabbay van de rechts-religieuze partij Ichud Leumi (Nationale Unie) in zijn werkkamer in Jeruzalem. Gabbay, een bedachtzaam pratende zestiger, heeft een wetsvoorstel ingediend dat een Gay Pride in Jeruzalem onmogelijk moet maken. Het voorstel is in eerste lezing door de Knesset, het parlement, aangenomen.

„Ik ben niet tegen mensenrechten, of tegen homoseksuelen”, zegt Gabbay, in de jaren negentig locoburgemeester van Jeruzalem. „Homo’s mogen bestaan, we leven hier niet in Iran. Maar Jeruzalem, mijn geliefde stad, is het spirituele centrum voor joden, moslims en christenen. Die heiligheid mag niet verstoord worden door een protestmars van homoseksuelen. Seksuele gevoelens horen niet in het openbaar getoond te worden.”

Een Gay Pride, daar komt alleen maar narigheid van, zegt Gabbay. „Provocaties, protesten vanuit de bevolking van Jeruzalem, geweld. Die sfeer wil ik niet in Jeruzalem hebben.” De wet komt hoe dan ook te laat voor de komende Gay Pride. De parlementaire commissie die hem behandelt, probeert hem op de lange baan te schuiven.

Maar Gabbay heeft wel een gevoelige snaar in Israël geraakt. Inmiddels bemoeit iedereen, van seculier tot religieus, zich met de vraag of de Gay Pride in Jeruzalem mag doorgaan. De dochter van premier Ehud Olmert, Dana Olmert, heeft gezegd dat een verbod een schande zou zijn voor Israël, vergelijkbaar met het afpakken van stemrecht. Dana Olmert is een prominent homo-activist.

In de orthodox-joodse gemeenschap is het debat over homoseksualiteit weer losgebarsten. De als tamelijk conservatief bekendstaande rabbijn Chaim Navon schreef er onlangs een relatief liberaal essay over in de krant Yediot Ahronot. Natuurlijk is homoseksualiteit volgens de Tora verboden, aldus Navon. Maar het is niet méér verboden dan het eten van voedsel dat niet kosjer is, zoals een cheeseburger. Orthodoxe joden moeten volgens de hem het idee loslaten dat homoseksualiteit per definitie pervers is.

De koepelorganisatie van ultraorthodoxe joden, Edah Haredit, heeft na lang beraad besloten niet te demonstreren tegen de mars. De organisatie kampte met een dilemma: stuur je demonstranten naar de Gay Pride, dan krijgen ze de viezigheid hoe dan ook te zien. Uiteindelijk, zei een woordvoerder deze week, is voor de minst kwade optie gekozen: thuisblijven. Maar, zei hij er waarschuwend achteraan, we hebben niet iedereen in de hand.

Het aantal bezoekers in Jeruzalem zal hoe dan ook veel lager liggen dan in Tel Aviv. „Wij gaan niet”, zegt Sigalit (25), een studente uit Ra’anana. Haar achternaam wil ze niet geven. In Tel Aviv loopt ze met haar vriendin mee met de Gay Pride, maar dat is de enige plek waar ze haar T-shirt met de tekst ‘Shebrew’ durft te dragen. In Ra’anana, een kleine stad ten noorden van Tel Aviv, weten ze niet dat ze lesbisch is. „Ik zou me niet veilig voelen om in Jeruzalem te gaan lopen. Het idee dat er aan alle kanten tegendemonstranten kunnen opduiken, vind ik beangstigend. Ze moeten ons niet, punt. Dat hoef ik niet mee te maken.”