Zomerse oorlogen

Het kan zeer wel zijn dat de beslissing om een oorlog te beginnen ook te maken heeft met de invloed van licht en warmte op de mens, zoals Swaab in zijn column beweert (Oorlog in de zomer, Zaterdag&cetera, 14 juni). Maar het gaat veel te ver om te stellen dat „niet de militaire strategie” de doorslag geeft. Fysieke omgevingsfactoren zijn eeuwenlang de beslissende factor geweest, bijvoorbeeld omdat het alleen mogelijk was een oorlog te voeren als de bodem voldoende stevig was (geen modder). Bovendien moesten legers ter plekke voldoende voedsel kunnen vinden en roven.

Daardoor werd de periode waarin oorlog kon worden gevoerd beperkt tot de zomer. Pas het zogenaamde depotsysteem (het tevoren bouwen van depots en het vullen daarvan met voorraden) van Lodewijk XIV maakte daar grotendeels een einde aan.

Later werd dit nog uitgebreid door nieuwe mogelijkheden om voedsel te conserveren. Maar toen de Duitse legers in Rusland de planning niet haalden, namelijk een overwinning vóór de winter, werden zij vrijwel lamgelegd door de modder in voor- en naseizoen en door de koude en sneeuw in de winter.