Wakkere omroep zoekt kijker

Illustratie Femke Gerestein Gerestein, Femke

Paul de Leeuw haalde vorige maand flink uit in zijn column in VARA TV Magazine. Programma’s over seks en pubers komen „automatisch” op Nederland 3 en het vlaggenschip Nederland 1 kabbelt als „een verzorgingsboot van de Zonnebloem richting nog meer oude, saaie programmering”. Volgens De Leeuw bemoeien de netmanagers zich te veel met de inhoud van programma’s en verliest de publieke omroep de slag om de kijker. „Niet zozeer in kijkersaantallen maar in programma-aanbod.”

De column was „een steentje in de vijver”, zegt De Leeuw een maand later. „Het vervelende is dat alles gewoon doorkabbelt.” Hij vindt dat de publieke tv-zenders te weinig jonge kijkers trekken. „Dat is zorgwekkend. De omroepen werken nog te veel voor zichzelf. Zij hanteren de netprofilering niet consequent genoeg.”

Sinds twee seizoenen hebben de drie publieke zenders een scherp profiel. In september 2006 ondergingen zij een extreme make-over: Nederland 1 werd breed en populair (met onder meer amusement), Nederland 2 verdiepend (informatie, religie) en Nederland 3 jong en experimenteel. Het hoort allemaal bij ‘het programmeermodel’: de omroepen delen niet langer een vast net met een paar gelijkgestemde collega’s, maar drie netmanagers verdelen de programma’s over de drie netten.

De make-over is redelijk geslaagd, tenminste als je het vraagt aan omroepbestuurders, Kamerleden en netmanagers. „De omroepen zijn wakker geschud”, zegt bijvoorbeeld Suzanne Kunzeler, manager cultuur en infotainment bij de NCRV. Gerard Timmer, directeur tv-programmering van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO): „De invoering van het programmeermodel is erg belangrijk geweest. De netten zijn veel ‘vriendelijker’ samengesteld.” Advertentieverkoper STER roemt de „zeer goede prestaties” van de publieke omroep in 2007.

Maar is het programmeermodel zo’n eclatant succes? Daar lijkt het nog niet op. De operatie heeft weliswaar de negatieve trend in kijkcijfers en advertentie-inkomsten doorbroken, maar er klinkt nog genoeg kritiek. En niet alleen van Paul de Leeuw. Kijkers die behoefte hebben aan diepgang bijvoorbeeld, hebben hun draai nog niet gevonden. „De vroegere Nederland 3-kijker, zeg maar de NRC-lezer, heeft moeite met de nieuwe zenderindeling”, zegt Bert Janssens van de Humanistische Omroep (Human). „Ook hoogopgeleide jongeren haken af, die willen niet altijd maar BNN.” Programmamakers klagen dat de organisatie in Hilversum onduidelijker is geworden. „Het is enorm schimmig hoe nu een programma ontstaat”, zegt zelfstandig documentairemaker Michiel van Erp.

Dezer dagen stellen netmanagers en omroepen de uitzendschema’s op voor 2009. Ook toert een visitatiecommissie onder leiding van oud-burgemeester van Utrecht Annie Brouwer langs de omroepen. Zij moet beoordelen of de publieke omroep haar taak goed uitvoert.

Wat vindt ‘Hilversum’ zelf van de huidige prestaties van de publieke omroep? Een evaluatie van twee jaar programmeermodel legt sterke en zwakke punten bloot.

Eerst een paar cijfers. De indruk wordt soms gewekt dat de drie publieke zenders torenhoge kijkcijfers halen vergeleken met vroeger. Dat blijkt niet uit gegevens van de Stichting Kijkonderzoek (SKO). De daling van de afgelopen jaren is ‘slechts’ gestopt. Ook geen geringe prestatie, met de toegenomen concurrentie (Talpa/Tien, RTL 8), maar de publieke omroep is terug op het niveau van voor het programmeermodel. Gerard Timmer noemt het „echt een ommekeer”. „Je moet vooral letten op wie er kijken. Jonge kijkers waarderen de publieke omroep meer dan vroeger. Kijkcijfers zijn belangrijk, want ze tonen het draagvlak voor je programma’s.” Nederland 1 trekt veel meer kijkers dan Nederland 2. „Het tweede net moet niet verder zakken”, zegt Tweede Kamerlid Joop Atsma, mediawoordvoerder CDA. „Dan bestaat het gevaar dat de discussie oplaait over het opheffen van een van de publieke zenders.”

Ook uit de reclame-inkomsten blijkt dat de negatieve trend is gestopt. En meer niet. De STER jubelde onlangs dat het in 2007 „een uitstekend resultaat heeft behaald”. Het nettoresultaat van 192 miljoen euro is „slechts 4 miljoen lager” dan in 2006. Dat komt door de „zeer goede prestaties van de publieke omroep”. „Het nieuwe programmeermodel wérkt.” Blij met minder geld? Je kunt jaren moeilijk onderling vergelijken, zegt een STER-woordvoerder. „Grote sportevenementen vertekenen het beeld.” Maar wie de inkomsten in oneven jaren – jaren waarin geen EK of WK voetbal of Olympische Spelen zijn – onderling vergelijkt, ziet dat 2007 weliswaar beter was dan 2005 (192 tegen 186 miljoen), maar minder dan in eerdere (oneven) jaren. De inkomsten lagen toen boven 200 miljoen euro.

De publieke omroep spreekt van een groot succes, maar het programmeermodel heeft alleen maar de negatieve trend in daling van kijkers en advertentie-inkomsten gestuit.