‘Tennissters zijn eenzame prinsesjes’

Petr en Michaëlla Krajicek reisden jarenlang de wereld rond. Nu staat de tennisster er alleen voor. „Het is fijn om een stukje warmte van huis mee te nemen.”

Michaëlla en Petr Krajicek eerder deze week in Rosmalen: „We hebben meerdere stootjes en stoten achter de rug.” Foto Merlin Daleman Nederland, Rosmalen, 18-06-08 Michaella Krajicek en haar vader. © Foto Merlin Daleman Daleman, Merlin

‘Pap, doe je jas open als je op de foto gaat. Nee, niet zo. Zó.” Michaëlla Krajicek ontfermt zich over haar vader Petr als een moeder over haar kind. Een voor een maakt zij zijn knopen los. En trekt vervolgens met een ferme beweging zijn overhemd recht. Nederlands beste tennisster heeft weinig zin om te poseren na een lange werkdag in Rosmalen. Maar als het moet, moet het ook goed gebeuren.

Even later bestelt de halfzus van Richard een pasta bij de zelfbediening in de spelerslounge. Als een medewerkster haar maaltijd bij hoge uitzondering komt brengen, reageert zij opvallend bescheiden. „Ik schaam me helemaal, dankjewel, dankjewel.” Petr Krajicek (66) slaat het tafereel glimlachend gade. Ik heb mijn dochter goed opgevoed, lijkt hij te denken.

Krajicek junior heeft woelige tijden achter de rug. Nadat zij vorig jaar op Wimbledon de kwartfinales bereikte, raakte Misa het spoor even helemaal bijster. Dit jaar leed zij tien nederlagen op rij – een vaak terugkerend onderwerp in de sportrubrieken. Hoe moest de terugslag van de ‘kleine Kraai’ worden verklaard? En welke tennistrainer kon haar helpen de weg terug omhoog te vinden?

Dankzij de tijdelijke begeleiding van succescoach Rohan Goetzke – de Australiër heeft beloofd haar tot en met de Olympische Spelen in Peking bij te staan – lijkt de rust in het hoofd van de 19-jarige tennisster teruggekeerd. In Rosmalen kwam ze deze week tot in de kwartfinales. Zeker gezien haar slechte prestaties van de afgelopen maanden is dat geen slecht uitgangspunt voor Wimbledon, waar de nummer 53 van de wereld door haar goede optreden van vorig jaar veel punten moet verdedigen.

Deze week lijken alle puzzelstukjes in Rosmalen in elkaar te vallen. Wat lukt nu wél dat de afgelopen acht maanden niet lukte?

Michaëlla: „Dat ik in Nederland speel is voor mij heel belangrijk. Voor eigen publiek ben ik toch meer relaxed dan in het buitenland. Vooral mijn overwinning in de eerste ronde tegen Sugiyama gaf veel voldoening. Ik heb dit jaar wel meer spannende tweesetters gespeeld. Maar deze keer sloeg ik net die paar ballen die het verschil maken tussen winst en verlies. Dat geeft zelfvertrouwen.”

Petr: „Misa wordt nu begeleid door Richard en Rohan (die hem jarenlang trainde en nu technisch directeur van tennisbond KNTLB is, red). Daarmee heeft ze een schat aan ervaring in huis. De afgelopen maanden lag de nadruk nogal op fitheid. Dat is ook belangrijk – en ik ben blij dat haar conditietrainer Allistair McCaw zo veel vorderingen heeft gemaakt – maar uiteindelijk bepaalt lichaamswerk maar tien procent van iemands prestaties op de baan.”

Richard zei na de zege op Sugiyama: „Ze heeft zichzelf overwonnen”.

Michaëlla: „Zeker. Ik kwam terug van een 4-2 achterstand in de derde set en overleefde een matchpoint. Dat soort ervaringen neem ik mee naar volgende wedstrijden.”

Na jarenlang met uw dochter de wereld te hebben afgereisd, besloot u vorig jaar een punt te zetten achter het coachen. Dat moet voor allebei wennen zijn geweest.

Michaëlla: „Nogal ja. Ik kan mij nog goed herinneren hoe ik vorig jaar naar de US Open vertrok: in paniek. Van de ene op de andere dag stond ik er helemaal alleen voor. Ik moest zelf afspraken maken, zelf bepalen welke toernooien ik speelde. En tussen de bedrijven door wilde ik ook een beetje over mijn toekomst nadenken.”

Petr: „We belden wel elke dag.”

Michaëlla: „Dat wel.”

Het lijkt me ook gezond voor een vrouw van 19 om wat meer afstand van haar vader te nemen.

Michaëlla: „Nou lijkt het net of we voorheen 24 uur per dag met elkaar doorbrachten. Dat is niet zo. Op tennisgebied deden we veel samen, maar ik had ook mijn eigen leven.”

Petr: „Ik weet niet of ik het met u eens ben over dat afstand nemen. Veel toptennissters reizen met hun ouders de wereld af. En ik zou ook nog jarenlang zijn doorgegaan als ik wat jonger was geweest. Het is niet voor niets dat toppers als Jankovic, Ivanovic, Dementjeva en voorheen Hingis hun ouders dicht in de buurt houden. Niet dat ze zich 24 uur per dag met hun kind bemoeien. Maar die dochters leiden nu eenmaal een eenzaam leven en zijn in sommige gevallen nog wat naïef. Als vader zeg ik: er liggen in het vrouwentennis overal gevaren op de loer.”

Waar moet ik dan aan denken?

Petr: „Aan masseurs, coaches. Die brengen veel tijd met de jonge meiden door. Net in een levensfase dat de hormoonhuishouding een beetje op gang begint te komen. Dan is het niet verwonderlijk als er grenzen worden overschreden. En als ouder wil je je kind daarvoor behoeden. Ook als opdrachtgever trouwens. Als je iemand inhuurt, verwacht je dat hij zich professioneel opstelt. Helaas zie ik genoeg voorbeelden om mij heen die het tegendeel bewijzen.”

U doelt op de liefdesrelaties die tussen coaches en pupillen ontstaan en waarover zo nu en dan ook rechtszaken worden gevoerd.

Petr: „Inderdaad.”

Michaëlla: „Dat soort relaties zijn heel begrijpelijk. Ik spreek niet uit ervaring, maar ik vind dat meerderjarige vrouwen mogen doen wat ze willen op dat gebied. Wel ben ik het met mijn vader eens dat het tenniswereldje heel verwarrend kan zijn; zeker als je net om de hoek komt kijken. De ene dag word je op handen gedragen, de volgende dag kijkt niemand je meer aan. Soms lijkt het wel alsof mensen alleen met je willen praten als je goed presteert. Dat maakt onzeker. En dan is het fijn als je een stukje warmte van huis kunt meenemen.”

Petr: „Naar buiten toe gedragen de meiden zich als prinsesjes, maar van binnen: zó eenzaam. Kent u die film Notting Hill? Daarin ontmoet een beroemde filmster een doodgewone boekhandelaar. Hij merkt al snel dat haar imago niet strookt met wie ze werkelijk is. En zo is het met deze tennissters ook. Ze worden zomaar uit het normale leven getrokken. En als je als ouder geen oogje in het zeil houdt, gaat het mis.”

U lijkt me een strenge vader.

Petr: „Streng, maar rechtvaardig. Toen Misa nog junior was stuurde ik haar om elf uur naar bed. Voor haar eigen bestwil.”

Michaëlla: „Ietsje eerder dan elf uur, hoor. Een uur of negen.”

Jullie spreken niet van een losmakingsproces, maar velen zullen dat wel zo beschouwen. Was dat voor Michaëlla ook reden om een psycholoog in de arm te nemen: omdat ze daarin begeleiding nodig heeft?

Michaëlla: „Ik heb één keer met een psycholoog gesproken, vlak voor Roland Garros. En het is inderdaad zo dat dat gesprek niet alleen over tennis ging. In een periode dat er veel in mijn leven verandert, is het fijn met een buitenstaander te praten.”

Petr: „Normaal gesproken nemen ouders die taak op zich. Maar als er wrijvingen zijn – bijvoorbeeld vanwege meningsverschillen – moet het kind zich tot iemand anders kunnen wenden. Dat zie ik als vader wel in.”

Jullie relatie kan wel tegen een stootje.

Michaëlla: „Eh, ja. We hebben meerdere stootjes en stoten achter de rug.”

Petr: „Bij de relaties met mijn kinderen kom ik steeds voor nieuwe verrassingen te staan. Dat was met Richard zo, en dat is met Misa ook het geval.”

Michaëlla heeft binnen korte tijd een paar belangrijke beslissingen genomen. Ze wil van Praag naar Nederland verhuizen en zelf een nieuwe coach uitkiezen. Juicht u die zelfstandigheid toe?

Petr: „Misa gaat níet verhuizen.”

Zijn dochter, hoofdschuddend: „Wat bedoel je? Ik ben wel degelijk op zoek naar een huis. Anders dan ik voorheen meldde zal ik niet bij Richard intrekken, maar binnen een paar weken hoop ik wel een eigen huis te kopen.”

Petr: „Een paar maanden.”

Michaëlla: „Maanden dan. En wat die coach betreft: zijn of haar naam zal ik pas na de Olympische Spelen bekendmaken.”

Zijn of haar? Eerder sprak je van een mannelijke coach.

Petr: „Het wordt echt geen haar, hoor!”

Michaëlla: „Daar ziet het inderdaad niet naar uit. Ik vergis me.”

Petr Krajicek wijst er meerdere keren op hoe blij hij is met de steun van Richard, die zijn halfzus de eerste dagen op Wimbledon terzijde zal staan, samen met zijn voormalige coach Goetzke. „Wie kan een betere mentor voor Misa zijn dan Richard”, zegt de geboren Tsjech tevreden achteroverleunend. „Die doet het zó goed, daar valt niets op aan te merken.” Ook op zijn dochter is hij „bijzonder trots”, haast Krajicek senior zich te zeggen. „Zeker als je in aanmerking neemt dat er in het vrouwentennis meer obstakels moeten worden overwonnen dan in het mannentennis.”

Waar doelt u op?

Petr: „Ik heb het vrouwenwereldje jarenlang van dichtbij meegemaakt. En ik kan u verzekeren dat het niet makkelijk is daarin stand te houden. De tennissters praten nauwelijks met elkaar, het liefst gaan ze allemaal in een andere hoek van de kamer zitten.”

Michaëlla, lachend: „Voordat Rohan mij begeleidde, had ik het wel eens met hem over dit soort dingen. Maar pas na het toernooi van Birmingham zei hij: ‘Nu begrijp ik écht wat je bedoelt’. Doodvermoeiend vindt hij het.”

Maandag begint Wimbledon. Wat zijn de verwachtingen?

Michaëlla: „Wimbledon is mijn favoriete toernooi. Ik kijk er ieder jaar naar uit. Of ik nou in de eerste ronde word uitgeschakeld of...”

Petr: „Dat gebeurt heus niet!”

Michaëlla: „Ik geef maar een voorbeeld. Waar het om gaat is dat niemand mij die mooie herinneringen aan vorig jaar kan afnemen. Of ik mijn prestatie nou evenaar of niet. Ik wil als tennisster altijd het beste uit mezelf naar boven halen. En als dat een keer lukt, kan ik daar nog lang op teren.”

Vader Krajicek kijkt haar verbouwereerd aan. Maar ook een beetje trots. Eén ding is duidelijk: het vaderschap is voor hem een levenslange worsteling.

    • Danielle Pinedo