CIIAMPAGNE of C-AMPAGNE?

Al tien jaar is een Zwitsers dorp in rechtszaken verwikkeld met de gelijknamige Franse streek waar de wereldberoemde bubbelwijn wordt gemaakt. Waar zijn die machtige Fransen zo bang voor?

Een fles wijn uit Champagne, het Zwitserse dorp dat vecht voor zijn vrijheid. Foto AFP A bottle of vine from the Swiss village of Champagne, which can no longer be marketed under that name, and salted crackers produced in the village are offered during a rally on April 5, 2008. The tiny Swiss village of Champagne is protesting against its better-known namesake in France, after the French filed a suit to stop the Swiss from carrying the word "Champagne" on cookies produced in the village. AFP PHOTO / Fabrice Coffrini AFP

Het plaatselijke hotel heet ‘Du Raisin’, ofwel ‘De Druif’. Een van de straatjes in dit gehucht is de ‘Wingerdstraat’. En waar je ook kijkt: wijngaarden. Dat er in het Zwitserse dorp Champagne aan het Meer van Neuchâtel, aan de voet van de Jura, al eeuwenlang wijn wordt gemaakt, zal niemand betwisten.

Wat wel wordt betwist, is de naam van dit vocht.

Al tien jaar is het dorp Champagne, waar amper 750 zielen wonen, in rechtszaken verwikkeld met de gelijknamige Franse streek waar de wereldberoemde bubbelwijn wordt gemaakt. Eerst eisten de Fransen dat de Zwitsers geen ‘Champagne’ meer op hun wijnflessen zetten. Toen ze die slag hadden gewonnen, daagden ze een bakkerij in het Zwitserse dorp voor een Franse rechtbank. Ze eisten dat hij zijn gezouten sesamstengels en zoete koekjes niet meer onder de naam ‘Flûettes de Champagne’ en ‘Palmiers de Champagne’ in Frankrijk op de markt zou brengen. Ook dat proces wonnen de Fransen onlangs.

Dit is David tegen Goliath. De rechtszaken begonnen toen er ineens 3.000 flessen bubbelwijn uit ‘Champagne, Suisse’ opdoken in de Franse supermarkt Casino. De Fransen waren des duivels. Ook in het Zwitserse dorp Champagne waren velen er niet blij mee. De man die dit deed, zegt Thomas Bindschedler, woordvoerder van het collectief Champagne-village, „was te kwader trouw. Hij was niet eens van hier. Nu zitten wij Champagnoux met de gebakken peren. De Fransen snijden ons op alle manieren de pas af.”

Los van dit incident: wat hebben 30.000 hectares wijngaarden in Frankrijk te vrezen van 28 hectares in het Zwitserse kanton Vaud? Heeft de Franse luxe-industrie, verenigd in multinationale conglomeraten als Moët Hennesy Louis Vuitton, echt last van ietwat goedkoop uitziende doosjes broodstengels uit een Zwitsers dorp? De Zwitserse wijn mousseert niet – anders dan Russische merken die ongestraft Franse champagne namaken en exporteren, mogen de Zwitsers zelfs op een gewone fles zónder bubbels niet eens meer de naam van hun dorp zetten. De meeste wijngaarden hier zijn eigendom van dorpelingen: een lapje hier, een lapje daar. „Er is één professionele wijnboer hier”, vertelt Bindschedler, een Zwitsers-Noorse zalmkweker die enkele jaren geleden in Champagne is neergestreken om oude boerderijen en kastelen in de omtrek op te knappen en te verkopen. „Ik maak geen wijn”, zegt hij, „dus ik verdedig geen eigenbelang. Ik verdedig alleen het recht van de mensen hier om de naam van hun dorp te gebruiken. Deze strijd is absurd. Wat hebben de Fransen van ons te vrezen?”

Maar Bindschedler, die tien talen spreekt, weet dat de Champagnoux een ergere vijand hebben dan de Fransen: hun eigen regering. De rechtszaken die het Franse Comité Interprofessionnel des Vins de Champagne (CIVC) al ruim tien jaar tegen de Zwitsers aanspant, en wint, blijken alleen mogelijk „doordat de Zwitserse regering onze rechten heeft verkwanseld”.

Zwitserland is geen lid van de Europese Unie. Het sluit er wel allerhande overeenkomsten mee, om economisch niet buiten de boot te vallen. Tijdens de onderhandelingen voor een van deze bilaterale overeenkomsten, in 1998, probeerde de Zwitserse regering landingsrechten in EU-landen te krijgen voor de toenmalige nationale luchtvaartmaatschappij Swissair. Brussel ging akkoord, op een aantal voorwaarden. Eén daarvan kwam van Frankrijk: dat de Zwitsers de naam Champagne niet meer zouden gebruiken. Zwitserland stemde toe. Normaliter staat Bern op zijn strepen als het om de bescherming van regionale producten gaat – neem Gruyère-kaas of horloges ‘Made in Switzerland’. Maar Champagne had zich nooit als ambitieus wijndorp gemanifesteerd. Dat leek dus een goede ruil. De dorpelingen kwamen daar pas later achter.

Als de Zwitserse regering voet bij stuk had gehouden (zoals Hongarije voor zijn EU-toetreding deed met Tokaj-wijn), hadden de kaarten voor Champagne anders gelegen. De WTO heeft internationale reglementen om dit soort kwesties te regelen. Maar de afspraken die er uiteindelijk uit de bus komen – over sherry, parmezaan of feta – zijn puur het gevolg van partijtjes armdrukken tussen landen. Soms winnen de Fransen het, soms niet. Vandaar dat er in Australië geen champagne gemaakt mag worden (en ook geen beaujolais, bijvoorbeeld). Maar uit de VS of Oekraïne, waarvan de Fransen géén concessie hebben weten af te dwingen, worden miljoenen flessen bubbelwijn geëxporteerd waar ‘Champagne’ op staat.

„Niemand helpt ons in Zwitserland”, klaagt Marc-André Cornu, burgemeester van Champagne en directeur van de koekjesfabriek. „Niet de regering, niet het kanton. Door die deal met Brussel.”

Juist omdat Cornu in Bern tegen dichte deuren opbotst, haalt hij zijn gram op de Fransen. Juridisch staat hij zwak. Maar publicitair kan hij dit gevecht uitbuiten. Het levert drama op. Hoe ludieker zijn campagnes, hoe bekender zijn dorp. Dat kan de wijnverkoop weer oppeppen. Volgens Cornu is de verkoop teruggelopen van 110.000 flessen per jaar vóór de rechtszaken, tot 33.000 vorig jaar. Op de flessen staat geen ‘Champagne’ meer maar ‘Libre Champs’ of ‘C-AMPAGNE’ „Wie kent die namen nou?” klaagt Cornu – al moet hij toegeven dat die laatste naam geen slechte vondst is. Op zijn koekjes staat nog ‘De Champagne’, want hij gaat in beroep. Ook de site www.champagne.ch, die hij van de Fransen moest opgeven, gebruikt hij nog.

Met hulp van een Franse pr-manager melken de dorpelingen het calimero-effect maximaal uit. In april, voordat de koekjesfabriek haar rechtszaak verloor, rukten ze voor de BBC-camera’s het naambord van hun dorp met een Franse bulldozer uit de grond. De beelden gingen de wereld over. Het naambord van Champagne is natuurlijk allang weer in de grond gezet. Maar Cornu zegt trots: „Ik kreeg steunbetuigingen uit de hele wereld.” Men zegt dat de wijnverkoop ook aantrekt.

Dat de Fransen hem zouden sommeren om zijn koekjes anders te noemen – voorzover die in de EU worden verkocht – had Cornu niet verwacht. Wijn is ‘familie’ van champagne, maar koekjes? Hij was met Bindschedler aan het vissen in Noorwegen, waar trouwens een druivenlimonade bestaat met de naam ‘Champagne’, toen hij het nieuws kreeg. Hij besefte meteen dat dit gevolgen zou hebben. Cornu exporteert naar omringende landen. Die liggen in de EU. De fabriek heeft een filiaal in het Franse Besançon.

„Het is krankzinnig”, zegt Cornu, die met witte beschermhoezen om zijn schoenen door de fabriek loopt waar tachtig mensen werken. „Al in 885 kwam de naam van ons dorp in de kantonale annalen voor, wegens een transactie tussen keizer Karel de Dikke en een lokale bestuurder. Wij heten sinds mensenheugenis Champagne. Mijn grootvader opende de fabriek. Mijn vader runde die, ik doe het. Mijn kinderen, die hier werken, nemen het straks van mij over. En wíj mogen ónze koekjes niet ‘Uit Champagne’ noemen?”

Natuurlijk is de naam ‘Flûettes de Champagne’ dubbelzinnig – iedereen weet dat de Fransen een champagneglas een flûte noemen. Maar wat, redeneert Cornu, heeft een zout stokje met bubbelwijn te maken? Waarom kwamen de Fransen daar niet eerder mee? Op deze argumenten wil hij zijn beroepszaak stutten.

Om Franse wijnmakers in de Champagne te verslaan, moet je van goeden huize komen. Zij sturen al decennialang iedereen die ook maar wijst naar ‘hun’ Champagne consequent een advocaat op zijn dak. „Kwestie van principe”, noemt Daniel Lorson dat, woordvoerder van CIVC in het Franse Epernay. Anders springt iedereen binnen de kortste keren op de bagagedrager van een van de best gepositioneerde Franse wijnen – tot tandpasta’s en yoghurt toe. Om te voorkomen dat de zogeheten Appellation d’Origine Controlée wordt uitgehold tot een soortnaam die Jan en alleman kunnen gebruiken, levert men in Epernay „een dagelijks gevecht”. Wijnmakers uit andere delen van Frankrijk kunnen meepraten van die geldingsdrang van de Champagne. Van hen ontvangt burgemeester Cornu dezer dagen „heel sympathieke post”. Maar ook Yves Saint-Laurent, die begin jaren negentig een geurtje ‘Champagne’ wilde noemen, kreeg spaken in zijn wiel gestoken. Net als een tabaksfabrikant met plannen voor een sigaret ‘Champagne’. En het Londense warenhuis Harrods, dat flessen ‘Champagne-water’ voor 20 pond per stuk wilde verkopen. Door de spijkerharde champagne-lobby is de naam in de EU compleet afgeschermd. Hetzelfde geldt in een aantal landen waarmee de EU handelsakkoorden heeft, zoals Zuid-Afrika en Australië. En Zwitserland, dus.

Deze deals worden op het hoogste politieke niveau uitonderhandeld. Zo bezocht de toenmalige Franse president Jacques Chirac tijdens de onderhandelingen tussen Bern en Brussel zijn toenmalige Zwitserse collega Flavio Cotti. De Zwitser zei in een toespraak dat alles rozegeur en maneschijn was tussen de twee landen, geen wolkje aan de hemel, enzovoort. Waarop Chirac opmerkte: „Juste une bulle” (alleen een bubbeltje). In Champagne kent iedereen deze anekdote. Vlak daarna ruilde Zwitserland de etiketten van zijn dorpswijntjes tegen de landingsrechten van Swissair. Wat het voor de Zwitsers extra zuur maakt: Swissair ging failliet, in 2001. Opvolger Swiss is door Lufthansa overgenomen.

Bindschedler schetst aan Cornu’s bureau, met uitzicht op de mooie oude huizen van het dorp, op een papiertje nieuwe namen voor op etiketten van wijnflessen. Een ervan is ‘CIIAMPAGNE’ – alleen het dwarsstreepje van de H ontbreekt. „Deze is goed hè”, zegt hij. Met een enorme grijns.

Vermalen tussen nationale en grootindustriële belangen, in een gevecht dat hoog boven hun hoofden is uitgevochten. Zo voelen de Champagnoux zich. Juridisch koesteren ze niet veel illusies. Het enige gevecht dat ze kunnen winnen, is dat om de sympathie.

    • Caroline de Gruyter