Strijden om het fort van Enka in Ede

Waar winden stedelingen zich over op? In Ede dreigt de monumentale Enka-fabriek te worden gesloopt. „We kunnen niet eeuwig wachten.”

ede enka kunststoffen fabriek voor de afslag foto rien zilvold industriële monumenten Industrieel erfgoed Zilvold, Rien

De fabriekshallen zijn leeg. De machines verkocht. Een klok staat stil op tien voor tien. Arno Boon wandelt in de voormalige Enkafabriek in Ede, een in 1922 gebouwd en later meermaals uitgebreid complex dat de moeite van het beschermen waard is. Bijzonder is volgens Boon vooral de vorm, een carré, en de gevels die als een façade de fabriek aan het zicht onttrekken. „De fabriek is gebouwd als een fort. Een manier om de fabriek een zeker cachet te verlenen.”

Arno Boon is directeur van de nationale maatschappij tot behoud, ontwikkeling en exploitatie van industrieel erfgoed. Hij is ook voorzitter van een commissie van monumentendeskundigen die speciaal is opgericht om de toekomst van het complex veilig te stellen. Dat wil zeggen dat delen van het gebouw deel gaan uitmaken van een „unieke woonwijk waar op een herkenbare manier verleden en toekomst in elkaars verlengde komen te liggen”.

Ooit werkten hier ruim vijfduizend mensen, veelal meisjes. Generaties uit de verre omgeving hebben er lange dagen gemaakt bij de productie van kunstzijde. De fabriek werd zes jaar geleden gesloten. Sindsdien zijn er vele plannen gemaakt. Geen ervan is nog uitgevoerd. Vorig jaar strandde een plan nadat de gemeente Ede en de projectontwikkelaars het niet eens konden worden over de hoogte van het bedrag dat de bouwers zouden meebetalen aan toegangswegen en riolering. Ook is vertraging opgelopen door discussies over het behoud van een groot aantal bomen, en over een paddenpoel, ontstaan in de voormalige vijver met bluswater van de fabriek. Toen deze werd leeggepompt, besloot de gemeente ijlings een nieuwe vijver aan te leggen, in een park in de buurt.

Nu is het terrein verwilderd. En monumentenbeschermers slaan alarm. Want de voormalige eigenaar van het gebouw is aan het slopen geslagen en begonnen met het saneren van vervuilde grond. „Sloop topmonument moet stoppen”, schrijven ze in een open brief aan burgemeester en wethouders van Ede. Zij breken de staf over de verkoper van het terrein: die toont „geen respect voor de verbondenheid die de vele oud-werknemers nog steeds met de Enka voelen noch voor de indrukwekkende bedrijfsgeschiedenis, die veel heeft betekend voor Ede en Nederland”.

Het idee was behoud door ontwikkeling. Enkele delen van het Enkagebouw werden aangewezen als rijksmonument. Andere delen werden niet wettelijk beschermd, om projectontwikkelaars niet af te schrikken. Te vaak zijn de afgelopen decennia plannen voor hergebruik van rijksmonumenten niet doorgegaan, met als resultaat dat de monumenten aan het verloederen sloegen. „We wilden niet alles op slot zetten”, zegt Paul Schaap, regiohoofd van de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten. „Het is niet ondenkbaar dat we instemmen met de sloop van bepaalde gedeelten, als het plan een goede mix is van heden en verleden. Wij zelf denken dat je heel veel kunt laten staan. Dat moet blijken.”

De voormalige eigenaar, de oude Enka, heet nu Acordis en heeft het terrein verkocht aan ontwikkelaars. We zijn lang genoeg geduldig geweest, zegt Jelle Mulder, de laatste directeur van de Enkafabriek. „Wij hebben drie jaar geleden een contract gesloten met aannemers om de boel te slopen en te saneren. Het begint nu allemaal zo lang te duren, dat het terrein zowat een dierentuin is geworden, met padden en wilde zwijnen. We hebben contractuele verplichtingen. Ik vind het prima om nog langer te wachten. Maar dan moeten anderen de schade vergoeden.” De gemeente Ede heeft het bedrijf jaren geleden een sloopvergunning gegeven. „Die konden we niet weigeren, omdat de gebouwen niet op de monumentenlijst staan”, zegt projectleider Peter Rossewij van de gemeente Ede. Wel werd het bedrijf te verstaan gegeven om rekening te houden met de toekomstplannen. „Maar de plannen komen niet. En we kunnen niet eeuwig wachten”, zegt Mulder.

Deze week hebben de gemeente, de projectontwikkelaars en de monumentenbeschermers directeur Mulder, inmiddels van Acordis, gevraagd geen waardevolle gebouwen te slopen, in afwachting van een bouwkundig onderzoek dat volgende week verschijnt. Een dringend verzoek is het geweest, meer niet. Boon: „Achteraf bezien hadden we misschien toch spijkerharde bescherming van de gebouwen moeten afdwingen.”

De sloop vordert intussen gestaag. Acordis heeft laten weten niet meer te willen wachten. Ook niet tot volgende week. Een van de vier monumentale hoektorens, de zuidoostelijke, is weg.