Het Parijse terras zit nu vol boze rokers

Het rookverbod in de horeca dat begin dit jaar in Frankrijk is ingevoerd, heeft het er niet gezelliger op gemaakt.

Je zit buiten in de rook en de rokers zijn niet echt vrolijk.

Illustratie Cyprian Koscielniak Koscielniak, Cyprian

Ik loop door straten van de wijk Saint-Germain-des-Prés en geniet van de geuren en kleuren van een zomers Parijs. Mannen lonken naar onbedekte vrouwenbenen, fietsers zoeven voorbij op de nieuwe openbare stadsfietsen en de cafés zitten vol kletsende rokers.

Rokers? Wacht eens even. Gold er sinds 1 januari 2008 niet een rookverbod in alle Franse restaurants en kroegen?

Jazeker, op de deur van één van de cafés hangt zelfs een enorm bord waarmee bezoekers worden geattendeerd op de 68 euro boete die staat op het opsteken van een sigaret. Er staat ook een enorme sigaret naast met een kruis erdoor – voor de Parijzenaars die te gehaast zijn om het bordje te lezen. En toch staat de lucht blauw van de rook van mensen die ’s ochtends hun kopje koffie met twee schepjes nicotine drinken.

Typisch Frans, zult u nu denken, die minachting voor de wet. Maar dan zit u er wel naast, want de rokers die in de restaurants zitten te paffen, houden zich toch gewoon keurig aan het rookverbod.

Welkom in Frankrijk.

Sinds de eerste dag van dit jaar is iedere café- of restauranthouder die zijn klanten wil laten roken verplicht om een aparte rookruimte in te richten. Maar de eisen waaraan die ruimte moet voldoen – dikke muren, automatisch sluitende deuren en een luchtzuiveringsinstallatie – zijn zo draconisch, dat iedereen zich de moeite heeft bespaard. Bovendien, echt nodig is het toch niet: roken op een terras is namelijk gewoon toegestaan. En een terras wordt hier gedefinieerd als een ‘buitenplaats zonder dichte muren en een vast dak’.

Zodoende kregen alle cafés en restaurants met een paar stoelen en tafels op de stoep plotseling een ‘terras’.

Gedurende de winter klonterden de rokende Parijzenaren samen in deze provisorisch ommuurde en overdekte ruimtes om ze met evenveel rook te vullen als ze daarvoor in de kroeg deden. Je kon de Franse politici bijna hun schouders horen ophalen – wij hebben het roken al verboden, wat wil je dat we nog meer doen?

Maar ondanks het feit dat de rokers hun uitweg hebben gevonden op het terras, zijn ze niet bepaald blij om daar te zitten. Veel rokers stonden vroeger aan de bar – om spelletjes te spelen en te knipogen naar de barvrouw. En Franse cafés hanteren meestal drie prijzen: voor aan de bar, voor aan tafel en voor op het terras, waar drankjes het duurst zijn omdat het personeel daarvoor het verst moet lopen om de bestellingen op te nemen en te brengen.

Nu zitten de terrasjes dus stampvol met boze, te veel betalende rokers die hun kostbare terrastijd optimaal willen benutten. Ze paffen daarom non-stop, niet alleen tussen de gerechten door, maar zelfs tijdens het eten.

Vóórdat de nieuwe wet werd ingevoerd kon een niet-roker nog vooroverleunen naar de naastgelegen tafel en zoiets zeggen als: „Pardon, ik respecteer je recht om te roken, en heb niets tegen tabak – een paar van mijn beste vrienden zijn opgenomen wegens een nicotineverslaving – maar ik zou het erg op prijs stellen als u uw brandende sigaret een paar centimeter verder weg van mijn bord zou kunnen vasthouden zodat ik de tamelijk dure maaltijd die ik heb besteld ook kan proeven. Oh ja, merci beaucoup voor je medemenselijkheid.”

Dit werkte ooit, in de helft van de gevallen. Nu kun je het wel schudden. Je veroorzaakt slechts een tirade over hoe rokers worden kaalgeplukt, niet alleen door de kredietcrisis en de stijgende prijs van olie (en dus van teer), maar ook door de ineens twee keer zo hoge prijs voor een drankje. Je eten wordt koud voordat de tirade halverwege is.

Het is een tragische ironie – de zon schijnt, de Franse terrasjes zijn bevrijd van hun linnen dak, en net als je wilt plaatsnemen om te genieten van de frisse lucht en het mensen kijken, heb je een gasmaker nodig.

Het verhaal neemt nog een laatste, typisch Franse wending.

De antirookmaatregel is namelijk helemaal geen wet. Het is een bevel: het parlement heeft het dus niet goedgekeurd, nee, de regering heeft de regel simpelweg opgelegd.

Dus als president Nicolas Sarkozy tegen de tijd van de volgende verkiezingen populistisch wil gaan doen, kan hij het bevel zomaar weer intrekken. De hardcorerokers zullen zich naar de stembussen begeven – langzaam, wegens hun ingedamde longcapaciteit – en hij zal een tweede ambtstermijn binnenslepen.

Hij is er toe in staat, gezien zijn lage waarderingscijfers. Dus als je net online aandelen heb gekocht van Franse terrasdakfabrikanten en buitenverwarmingsbedrijven, noteer dan in je agenda dat je ze verkoopt vóór de dag van de verkiezingen in mei 2012. Uiteraard kun je dan weer veilig investeren in le tabac.

Stephen Clarke is een Britse schrijver die woont in Parijs. Zijn nieuwste roman heet ‘Merde Happens.’

Clarke schrijft al jaren over zijn ervaringen als Englishman in Old France. Lees meer via stephenclarkewriter.com