Subsidie terug op het niveau van 2006

Culturele instellingen die een maand geleden een verhoging van de rijkssubsidie is voorgespiegeld door de Raad voor Cultuur krijgen die verhoging niet. Dat schrijft de Raad voor Cultuur in een aanvullend advies.

Minister Plasterk (Cultuur, PvdA) had om dat nieuwe advies gevraagd, omdat de raad de eerste keer het beschikbare budget met ruim 26 miljoen had overschreden. Nu draait de raad alle toegezegde verhogingen terug, met het argument dat de ambities van de minister niet uitvoerbaar zijn. Instellingen krijgen subsidie „op het niveau van 2006”.

Negatieve adviezen en kortingen blijven wel gehandhaafd. De dertien instellingen die voor het eerst geld zouden ontvangen, krijgen dat ook gewoon.

De Raad voor Cultuur mocht half mei als belangrijkste adviesorgaan van de minister aangeven hoe 244 miljoen euro aan rijkssubsidie verdeeld moest worden. Onder verwijzing naar de net ingevoerde ‘basisinfrastructuur’, waarbij instellingen specifieke functies uitvoeren, wees de raad 270 miljoen toe. De minister liet weten dat er geen 26 miljoen extra beschikbaar was voor de circa 150 middelgrote instellingen in de basisinfrastructuur.

Nu laat de raad weten dat die nieuwe structuur geen invulling krijgt, en dat de bijbehorende ambities van Plasterk op het gebied van excellentie, innovatie, participatie en een mooier Nederland, niet kunnen worden gerealiseerd.

„Dat commentaar neem ik voor kennisgeving aan”, zegt Plasterk in een reactie. „Het belangrijkste is dat er nu een advies ligt dat binnen het budget blijft en daar ben ik blij mee.” De minister ontkent dat zijn plannen nu niet kunnen worden uitgevoerd. „Vernieuwing kun je ook doorvoeren door oude dingen niet meer te doen. Dat de raad meer geld vraagt, begrijp ik, dat doet de Akademie van Wetenschap ook voor de wetenschap. Maar uiteindelijk moet de raad zich niet als actiegroep opstellen, ze zijn er om mij te adviseren.”

Door de verhogingen af te blazen, houdt de raad 15,5 miljoen in. Daarnaast wordt er 10,8 miljoen bespaard door minder geld aan de fondsen te geven. Zo krijgt het Fonds voor de Podiumkunsten 4,4 miljoen minder.