Mladen wil wel goed zijn, maar óók zijn zoon redden

The Trap (Klopka). Regie: Srdan Golubovic. Met: Nebojsa Glogovac, Natasa Ninkovic, Anica Dobra, Miki Manojlovic. Scene uit de film The Trap (2008)

The Trap (Klopka).

Regie: Srdan Golubovic. Met: Nebojsa Glogovac, Natasa Ninkovic, Anica Dobra, Miki Manojlovic. ****

In: 5 bioscopen

Ingenieur Mladen leidt een gelukkig leven. Hij heeft een redelijk inkomen, een aantrekkelijke vrouw en een innemend zoontje van tien. Zijn comfortabele leven wordt overhoop gegooid als blijkt dat zijn zoon lijdt aan een zeldzame hartafwijking. Er is een operatie in Berlijn nodig om hem van de aandoening af te helpen. Kosten: 30.000 dollar. Deze kosten worden niet door de verzekering gedekt. Paniek. Wat te doen? Mladens vrouw Marija zoekt per advertentie een weldoener die het bedrag tijdelijk kan voorschieten.

Een schimmig figuur biedt aan het benodigde bedrag op te hoesten. Mladen hoeft geen rente te betalen, ach, hij hoeft zelfs de lening niet terug. Maar of Mladen dan wel even zijn zakenpartner wil omleggen. Mladen weigert geschokt. Maar als zijn zoon weer een bijna dodelijke aanval heeft gehad, gaat Mladen twijfelen.

The Trap (Klopka) was de Servische Oscar-inzending. Het is een aantrekkelijke genrefilm die even als Krzysztof Kieslowski’s Dekaloog (1989; net uit op dvd) – waaraan de film een beetje doet denken – zinnige morele vragen op tafel legt en je als kijker tot nadenken dwingt: wat zou jij doen? Maar The Trap biedt meer dan een zenuwslopend verhaal met verrassingen. Hij gaat vooral ook over de situatie in Servië na Milosevic.

Mladen werkt voor het enige bouwbedrijf in Belgrado dat nog niet is geprivatiseerd, anders had hij die 30.000 dollar wel gehad, zo maken enkele scènes duidelijk. Zijn voormalige collega’s – wél vrije jongens – scharrelen er flink op los. De graaicultuur is in Servië niet onopgemerkt gebleven. En het kapitalisme is met al zijn absurditeiten overgenomen, zoals een geestige scène laat zien waarin Mladen een bank bezoekt in de hoop het bedrag daar te kunnen lenen. Hij legt wanhopig zijn situatie uit, terwijl de bankbeambte al die tijd blijft glimlachen. Als Mladen er woedend iets van zegt, legt de beambte uit dat hij van hogerhand moet lachen naar elke klant. Als hij het niet doet, vliegt hij eruit.

Levens zijn in Servië niets waard. Maar, legt de schimmige figuur aan Mladen uit: de Amerikaanse verzekering keerde na 9/11 ook niet aan iedereen hetzelfde bedrag uit. Het was afhankelijk van het verdiende inkomen op het moment van sterven. Mladen rijdt de hele tijd in een oude Renault 4, omgeven door de nieuwste SUV’s en andere patserauto’s. Zijn zoon zeurt om een mobieltje terwijl een zwerfjongen van zijn leeftijd de voorruit wast. Een ongelijkheid die visueel wordt weerspiegeld door het contrast tussen Mladens groene kleding – die hij de hele film draagt – en zijn rode Renault.

Regisseur Golubovic filmt veel scènes van bovenaf. Dit benadrukt hoe Mladen vastzit in een wreed universum waaruit het moeilijk ontsnappen is als je eenmaal die verkeerde keuze hebt gemaakt.

Maar zo’n camerastandpunt heeft ook religieuze connotaties. God kijkt hoofdschuddend toe hoe we er met z’n allen een zootje van maken. Niet voor niets eindigt de film met iemand die retorisch aan Mladen vraagt: ik dacht dat je een goed mens was?