Dictatuur in stripvorm

De Franse striptekenaar Guy Delisle maakte een graphic novel over zijn verblijf in Birma.

In de net vertaalde strip beschrijft hij vooral de details van het dagelijks leven.

Guy Delisle, ‘Birma’, 262 pagina’s, Uitgeverij Oog & Blik, 2008. € 24,95.

Als de Frans-Canadese striptekenaar Guy Delisle een babyshower in Rangoon bezoekt, ontdekt hij dat er uit iedere flatwoning touwtjes hangen, waarmee je kunt ‘aanbellen’ door eraan te trekken. De huizen in de volkswijken hebben maar een paar uur per dag stroom. In het trapportaal ziet hij in de hoeken grote bruine vlekken. Daar spuwen de mannen hun betelsap, het kwijl dat ontstaat door het pruimen van betelbladeren, een soort kruid.

Deze week verschijnt voor het eerst een Nederlandse vertaling van een van Delisles reisverslagen in stripvorm, het deel dat zich afspeelt in een van de meest geïsoleerde dictaturen ter wereld: Birma. Van begin 2005 tot maart 2006 verbleef de tekenaar in dit land, omdat zijn Franse vriendin er was gedetacheerd door haar werkgever Artsen Zonder Grenzen (Médecins Sans Frontières). Terwijl zij in de strijd tegen malaria mobiele klinieken in de jungle opzette, wandelde Delisle met zoon Louis in een buggy door de toenmalige hoofdstad Rangoon.

In Birma, maar ook in de eerdere reisverslagen uit China (Shenzhen, 2000) en Noord-Korea (Pyongyang, 2003), die (nog) niet in vertaling verschenen, zoekt Delisle naar dingen die de lokale bevolking nauwelijks meer opvallen, maar die hen sterk karakteriseren. „Ik vond het bijvoorbeeld heel leuk toen ik ontdekte dat alle trappen in Birma een oneven aantal treden hebben”, vertelt Delisle. „Birmezen zijn van mening dat een even aantal treden ongeluk brengt.”

En als Delisle merkt dat hij geen e-mail meer kan versturen, gaat hij langs bij een van de internetproviders. De ene provider is van een minister, de andere van zijn zoon. Omdat hij meer van internet blijkt te weten dan de Birmezen, wordt hij toegelaten tot het zwaar bewaakte gebouw, waar een bewaker op wacht zit naast een server zo groot als een kamer. Internet in Birma, een land waar het leger sinds het in 1962 de macht greep een dictatuur vormt.

Met zijn werk verwierf Delisle in Frankrijk en de Verenigde Staten al faam. Hij ligt goed bij de critici, maar ook bij het publiek. „Na Marjane Satrapi ben ik de best verkopende auteur van graphic novels, zowel in Frankrijk als in de Verenigde Staten”, vertelt hij met gepaste trots .

In Birma beschrijft Delisle aan de hand van persoonlijke belevenissen het land en de dictatuur van de junta. Hij wandelt met zijn zoon in een buggy overal heen, maar op een keer wordt hij tegengehouden: hij blijkt om de hoek te wonen bij oppositieleidster en Nobelprijswinnares Aung San Suu Kyi, die al jaren huisarrest heeft. Toeristen worden uit haar straat geweerd. Hij beschrijft het jaarlijkse Birmese waterfeest, waarop je elkaar dagenlang mag natspuiten, maar ook hoeveel bureaucratische rompslomp het kost voordat Artsen Zonder Grenzen een noodkliniek in de binnenlanden kan opzetten. Hij beschrijft hoe er pagina’s uit zijn tijdschriften zijn geknipt door de censuur, en hoe de junta ineens besluit om Rangoon te verlaten en een nieuwe ‘hoofdstad’ te betrekken.

Begin vorige maand trok de cycloon Nargis over het zuiden van Birma. Miljoenen raakten dakloos, maar de junta weigerde hulpdiensten toe te laten. Het doet denken aan de frustraties rond de noodklinieken die u beschrijft.

„Het was inderdaad toen ook al een bureaucratische nachtmerrie, maar nu willen de dictators bovendien niet dat foto’s van de ramp het land verlaten. Een Birmese vriend van mij, een acteur, is opgepakt omdat hij zulke foto’s op zijn computer had staan, en omdat hij met anderen in het zuiden slachtoffers wilde gaan helpen.”

De Maltezer stripjournalist Joe Sacco reisde rond in Joegoslavië en de Palestijnse gebieden, juist toen daar conflicten speelden. Zou u nu naar Birma terug willen?

„Ik denk dat mijn aanpak, een klein boekje maken met zwart-wit plaatjes, niet de juiste manier is om zulke grote gebeurtenissen te beschrijven. Voor mij was een rustig Birma het meest inspirerend, toen ik het alledaagse leven kon beschrijven.”

Heeft u tijdens uw jaar in Birma aanvaringen gehad met de junta?

„Buiten de afgezette straat van Aung San Suu Kyi niet. Toen een bevriende journalist mij in Rangoon bezocht, zei hij: ‘Het is hier zo vredig’. Dat klopt: zolang je netjes op de stoep blijft wandelen, gebeurt er niks. Maar als je in hun ogen een grens overgaat, slaat de junta hard toe. De meeste Birmezen blijven binnen die grenzen. Ze zijn boeddhist, het huidige leven is in hun ogen toch maar een voorportaal van het volgende.

„Dat geloof in reïncarnatie leidt trouwens tot komische situaties. Hoge generaals lijken zich bewust te zijn van het kwaad dat ze doen. Omdat ze niet als rat willen reïncarneren, laten ze grote hoeveelheden pagodes bouwen.”

Is er een tekenaar die u sterk heeft beïnvloed?

„Eind jaren tachtig publiceerde Art Spiegelman Maus, waarin hij de holocaust door de ogen van zijn vader verbeeldde. Ik had toen ik jong was veel strips gelezen, maar hield er als adolescent mee op. Ik had genoeg van al die avonturen. De strip was totaal voorspelbaar geworden. En toen kwam dat kleine zwart-wit boekje. Het was zo krachtig.

Uw strips zijn niet sterk autobiografisch.

„Ik ben liever niet al te open over intieme details. Collega-tekenaars als Robert Crumb en Joe Matt beschrijven al hun seksuele frustraties en onzekerheden. Daar ben ik te gereserveerd voor.”

U gebruikt in uw strips een heldere stijl.

„Ik heb lang gezocht naar de juiste balans tussen tekst en beeld. Ik maak geen literatuur, ik maak eenvoudige zinnen. Daarom vind ik dat de tekeningen ook eenvoudig moeten blijven. Dan heb je een goed leesritme. Mijn pagina’s zijn licht; ik kan er veel op kwijt, zelfs veel tekst, zonder dat het beangstigend druk wordt.”

Volgende maand vertrekken uw vriendin en u naar Jeruzalem. Komt het volgende reisverslag uit Israël?

„Ik weet het nog niet. Een verblijf van een jaar in Ethiopië heeft ook niet geleid tot een reisverslag. Ik ga zeker aantekeningen maken. En om me voor te bereiden heb ik al een prachtig boek uit Israël gelezen: de strip Vermist van Rutu Modan.”

Guy Delisle, ‘Birma’, 262 pagina’s, Uitgeverij Oog & Blik, 2008. € 24,95.

    • Ward Wijndelts