De feilbare rechter

Een krachtig pleidooi om herziening van twijfelachtige veroordelingen op nieuwe leest te schoeien. En een herwaardering van de rechter: hij is feilbaar en wint juist aan gezag als zijn fouten worden erkend. Zo kan het heldere advies van het parket bij de Hoge Raad in de zaak-Lucia de B. het best worden beoordeeld.

In de zaak zelf constateert advocaat-generaal Knigge dat het gerechtshof Den Haag bij de interpretatie van medische gegevens een gerechtelijke dwaling maakte, door het ontbreken van specialistische kennis. Ook de verdediging heeft bepaalde belangrijke informatie gemist. Daarnaast zou bij de raadsheren sprake zijn geweest van tunnelvisie. Het finale oordeel hierover moet door de Hoge Raad nog worden geveld. Maar na ‘Schiedam’ en ‘Putten’ dreigt nu wel een derde debacle voor de rechterlijke macht .

Conclusies voor de langere termijn zijn er al. Onder meer dankzij dit advies. Dwalingen bij de beoordeling van deskundig advies moeten voortaan ook als herzieningsgrond worden erkend. Daarmee wordt gepleit voor een verruiming van de bestaande regels. Daarin werden tot nu toe in beginsel alleen puur feitelijke communicatiestoornissen met fatale gevolgen erkend. Uit (misplaatste) angst aan het gezag van de rechter afbreuk te doen. Nu schrijft advocaat-generaal Knigge nuchter: „De rechter is ook maar een mens, en daarmee een bron van fouten”.

Een tekort aan kennis, feiten negeren of over het hoofd zien, naar een doel toe redeneren. Onlogische conclusies en aannames die niet deugen. Het kan niet alleen gebeuren, het mag nu ook gezegd worden. Dat is een opluchting. Er is nu eenmaal meer technische kennis beschikbaar. „Beoordelingsfouten blijken te bestaan” luidt de droge conclusie. Reden om deze dwalingsvorm voortaan ook toe te laten als herzieningsgrond.

Afgewacht moet worden of ook de Hoge Raad uiteindelijk met deze royalere erkenning van menselijk falen in toga zal instemmen. Het valt te hopen dat het hoogste rechtscollege dat doet. Een herziening is geen motie van wantrouwen tegen een rechter, waar de wetgever ooit voor vreesde. „Er is geen grond meer vast te houden aan de gedachte dat herziening alleen kan in gevallen waarin de rechter geen blaam treft”. Dit advies sluit nauw aan bij opvattingen die in het publieke debat menigeen al heeft geopperd..

Tegelijk geeft het parket weerwoord op aanbevelingen om van de rechter zélf een deskundige te maken, bijvoorbeeld op medisch terrein. De rechter moet een leek in toga blijven, die zich geen zelfstandig deskundigenoordeel mag aanmatigen. Al was het maar omdat in de Nederlandse systematiek van het proces op tegenspraak de verdachte altijd zijn eigen deskundige moet kunnen inbrengen. Dat specialistische kennis immers ook tot vooringenomenheid kan leiden hebben de deskundigen die zich in deze zaak vastbeten zelf bewezen. Ook over hun betrouwbaarheid moet de rechter een onafhankelijk oordeel vormen.