Adviseurs willen provisies toch liever houden

In de woekerpolisaffaire waren verzekeraars en tussenpersonen bondgenoten.

Nu de druk toeneemt, worden de eerste scheuren zichtbaar.

Nieuwbouw in het Groene Hart. Woekerpolissen werden meestal in combinatie met een hypotheek verkocht. Foto Walter Herfst Groene Hart september 2005 Foto: Walter Herfst

Gebroederlijk zaten ze naast elkaar, de vertegenwoordigers van verzekeringsmaatschappijen en die van financiële tussenpersonen. Gezamenlijk presenteerden zij het door henzelf geïnitieerde onderzoeksrapport over een omstreden onderwerp: de wijze van betaling door consumenten voor complexe financiële producten.

Maar de presentatie was nog niet voorbij of de eerste signalen van tweedracht tussen beide opdrachtgevers werden manifest. In eerste instantie over de conclusies en aanbevelingen van het rapport („schaf het bonusstelsel voor tussenpersonen af”). Later ook over de aanpak van het nog altijd niet opgeloste probleem rond de zogeheten woekerpolissen.

De financiële sector, zowel de aanbieders (verzekeraars) als de verkopers (intermediairs), ligt onder vuur. Door ondoorzichtige kostenstructuren hebben argeloze klanten jarenlang vaak veel te veel betaald voor hypotheken en aanverwante verzekeringsproducten. Vanaf eind 2006 bundelden gedupeerde consumenten hun krachten om de schade van zogeheten woekerpolissen te verhalen. Ruim 4 miljoen huishoudens hebben 6,5 miljoen van zulke beleggingsverzekeringen afgesloten, veelal in combinatie met hun beleggingshypotheek.

Twee stichtingen namen het voortouw, de stichting Woekerpolis Claim en de stichting Verliespolis. Zij richten hun pijlen zowel op de verzekeraars die de omstreden polissen hebben bedacht als op de tussenpersonen die ze aan de man hebben gebracht. Onder druk van de politiek, de publieke opinie en later ook de Ombudsman Financiële Dienstverlening schoven de gedupeerden met de sector aan tafel om tot een schikking te komen. Vooralsnog zonder resultaat.

In afwachting van deze onderhandelingspogingen en van een door minister Bos (Financiën, PvdA) aangevraagd feitenonderzoek, besloot de financiële sector de geschonden reputatie weer wat op te poetsen. Zij huurde onderzoeksbureau SEO in om de huidige beloningssystemen voor intermediairs van „complexe verzekeringsproducten” in kaart te brengen, en waar nodig tot verbetering te komen. Doel was nadrukkelijk niet om te komen tot het „ultieme beloningsmodel”, maar wel om uitgangspunten en denkrichtingen voor „duurzame beloningsvormen” te formuleren.

De belangrijkste aanbeveling van het SEO-rapport zorgde meteen voor verdeeldheid tussen beide opdrachtgevers: de omzetgerelateerde bonussen (door verzekeraars aan tussenpersonen uitgekeerd) zijn niet in het belang van de consument en kunnen daarom beter worden vervangen door een systeem waarbij de tussenpersoon voor zijn advies direct door de klant wordt betaald.

Kort na de presentatie kwamen het Verbond van Verzekeraars en de twee belangenorganisaties van financiële tussenpersonen (BVA en NBVA) met een gezamenlijke verklaring, waarin het SEO-rapport „een waardevolle bijdrage aan de discussie” werd genoemd. Maar niet lang daarna stelden de BVA en de NBVA in een afzonderlijk persbericht dat er op zich „niets pervers” aan omzetgerelateerde bonussen is, mits ingezet in de kwaliteit en efficiëntie van de adviespraktijk. Zonder in detail te treden wijzen zij op „de ongewenste gevolgen” van het afschaffen van het bonussysteem.

Het is niet voor het eerst dat beide kampen van de financiële dienstverlening het met elkaar oneens zijn. Nog vóór het SEO-rapport verscheen, beschuldigde het Verbond van Verzekeraars eind mei financieel adviseurs en tussenpersonen er openlijk van dat zij omzetbonussen nog altijd belangrijker vinden dan het belang van de klant. Grote verzekeringsconcerns beweren zelf inmiddels te zijn gestopt met het betalen van bonussen.

De koepelorganisaties van tussenpersonen sloegen terug door met een standpuntbepaling in het dossier rond de woekerpolissen te komen. De verzekeraars hebben in hun ogen te lang gedraald in onderhandelingen met consumentenorganisaties om tot een schikking in de affaire te komen. Nu dreigen jarenlange rechtszaken. De BVA en NBVA adviseren de bij hun aangesloten tussenpersonen „in actie te komen”. Zij zullen hun klanten erop moeten wijzen hoe te voorkomen dat schadeclaims tegen verzekeraars verjaren en ze vragen hun huidige polissen door te lichten – wat lijkt op een regelrechte aanval op de verzekeraars.

Die toonden zich not amused. „We waren verrast”, zegt een woordvoerder van het Verbond van Verzekeraars. „Het is op zich goed dat tussenpersonen zich druk maken over hun klanten”, maar deze opstelling zal een uiteindelijke oplossing in de woekerpolisaffaire „niet dichterbij brengen”.

Wat schieten de gedupeerde polishouders op met deze ogenschijnlijke verwijdering tussen verzekeraars en tussenpersonen? Voorzitter Jeroen Wendelgelst van de stichting Woekerpolis Claim, ziet wel een lichtpuntje. „De boel komt nu duidelijk weer in beweging, en dat is goed. Tussenpersonen hebben nu voor het eerst een eigen geluid laten horen.”